Italiaanse verkiezingsopwinding

Draaideur voor Berlusconi?

Scheidend premier Berlusconi maakt alle kans op een snelle comeback.

ROME – Niemand had verwacht dat Silvio Berlusconi bij een verkiezingsnederlaag stilletjes door een zijdeur zou verdwijnen. Daarvoor is het ego van de man, die zich met Churchill, Napoleon of Jezus Christus vergelijkt, minstens tien maten te groot. Dat geldt ook voor zijn persoonlijke belang. Als parlementslid en zeker als regeringschef is hij minder makkelijk grijpbaar voor op hem jagende onderzoeksrechters en kan hij zijn zakelijke belangen, bijvoorbeeld die in het mediabedrijf Mediaset, beter behartigen.
Dus is het niet verbazingwekkend dat Berlusconi de pyrrusoverwinning van Romano Prodi bij de verkiezingen heeft aangegrepen voor een regelrecht sabotagescenario. Wat is op 38 miljoen uitgebrachte stemmen voor de Camera dei Deputati (Tweede Kamer) het gewicht van 24.755 kiesbriefjes in het voordeel van Prodi? Of een minderheid van slechts twee zetels in de Senaat (Eerste Kamer) en dan ook nog eens in de wetenschap dat daar zeven senatoren voor het leven en nog eens zes uit het buitenland een plek hebben, op wier loyaliteit Prodi slechts politieke luchtkastelen kan bouwen?
Het buitenland, dat het verkiezingstheater met een mengeling van verbazing, geamuseerdheid maar ook bezorgdheid volgt, heeft op basis van daar geldende democratische mores de conclusie getrokken. Toen het Hof van Cassatie bevestigde dat het verkiezingsresultaat rechtmatig was en Prodi dus officieel de winnaar, volgden eerst vanuit de EU en later vanuit Washington de felicitaties. Dat Bush daarmee lang wachtte, heeft ongetwijfeld te maken met zijn innige relatie met Berlusconi.
In Italië worden echter andere maatstaven gehanteerd. Daar ziet Berlusconi dat zijn coalitie voor de Senaat meer dan vijftig procent van de stemmen haalde en toch in een minderheidspositie terechtkwam. Ook is er een mysterie rond 150.000 verdwenen stemmen voor de Camera. Er is namelijk een discrepantie tussen opkomstpercentage en aantal ongeldig verklaarde stemmen die het ministerie van Binnenlandse Zaken niet kan of wil verklaren.
Dus speelt Berlusconi met dezelfde grimmigheid en demagogie als tijdens zijn verkiezingscampagne va banque. Uitgangspunt voor zijn sabotagescenario is het creëren van een sfeer van illegitimiteit rond Prodi. Vorige week zei Berlusconi zelfs dat er geen nieuwe regering-Prodi zal komen: «Ik ben de morele en politieke winnaar van deze verkiezingen en mijn partij Forza Italia is de grootste van het land gebleven.» Vandaar het doorgaande gevecht om de verkiezingsuitslag, inclusief het opstarten van een juridische procedure bij een administratieve rechtbank in Rome.

Niets aan Berlusconi’s strategie is nieuw. In 1996, toen hij de verkiezingen verloor van dezelfde Prodi, riep hij ook dat «communistisch tuig» gemanipuleerd had met «miljoenen ten onrechte ongeldig verklaarde stemmen». Dit keer waarschuwde hij al voor de verkiezingen dat er «pogingen tot fraude» zouden komen. Het ironische is echter dat zijn regering met de introductie van een nieuwe kieswet de voorwaarden voor eigen verlies schiep. Zo heeft het voor het eerst mogen meestemmen van Italiaanse emigranten, van wie sommigen al veertig jaar of langer in het buitenland wonen, verkeerd uitgepakt. Ze stemden niet overwegend rechts (zoals de verantwoordelijke minister Tremaglia had voorspeld), maar links. Het creëerde ook het fenomeen van een stemmenmeerderheid voor de Senaat maar een minderheid in zetels. De emigranten krijgen er in de Senaat namelijk zes: vier ervan worden tot het Prodi-kamp gerekend. Ook het toekennen van een bonus van zo’n dertig zetels voor de coalitie die de meeste stemmen voor de Camera zou halen, heeft als een boemerang gewerkt. Het argument was dat die bonusregeling een nieuwe regering aan een stabiele meerderheid zou helpen. Dat pakte goed uit voor Prodi: een stemmenwinst van 24.755 levert hem een gerieflijke meerderheid van rond de zestig zetels op.

Maar genoeg is het niet. Berlusconi staat voor de draaideuren en maakt alle kans op een snelle comeback. Zijn belangrijkste troefkaart is de verdeeldheid rond Prodi. Diens coalitie rolde al over straat over de verdeling van belangrijke posten voor er nog maar iets te verdelen viel.
Berlusconi speelde er slim op in door eerst het niet serieus te nemen «verzoenende» voorstel voor een «grote coalitie» te lanceren. Dat werd afgewezen door Prodi, maar Berlusconi kan nu niet meer verweten worden dat hij zich niets gelegen laat liggen aan de onregeerbaarheid van het land. Ook stelde zijn coalitie de christen-democratische ex-premier Giulio Andreotti kandidaat voor het voorzitterschap van de Senaat. Andreotti, een van de zeven senatoren voor het leven, kan ondanks de reuk van maffiaconnecties nog op veel steun rekenen. Als Andreotti de strijd om die positie wint, is duidelijk dat Prodi’s meerderheid van twee zetels in de Senaat niets voorstelt. Elke wet die door de Camera wordt aangenomen, kan dan door de Senaat worden getorpedeerd. Of andersom. Gevolg: totale verlamming en vermoedelijk snel nieuwe verkiezingen.

Zo zal het de komende weken onverminderd doorgaan. Want een nieuwe regering-Prodi kan er pas komen nadat de ambtstermijn van de huidige president Carlo Azeglio Ciampi op 18 mei is verstreken. Een van de exclusieve bevoegdheden van het staatshoofd is het benoemen van de nieuwe premier. En Ciampi (85) heeft gezegd geen tweede termijn te willen en ook het inzegenen van de nieuwe regeringsleider aan zijn opvolger over te laten. Ook de opvolging van Ciampi wordt een krachtproef voor Prodi. De president moet met tweederde meerderheid worden gekozen in een gezamenlijke zitting van beide parlementaire huizen aangevuld met 54 vertegenwoordigers van regiobesturen.
Terwijl in Prodi’s coalitie het bakkeleien over ook deze post doorgaat, weet Berlusconi waar zijn kansen liggen: tegen elke kandidaat uit het Prodi-kamp stemmen. Dat verhoogt zijn kans om zichzelf als «compromiskandidaat» voor te stellen, want dat hij een oogje heeft op het presidentschap met de daarbij horende absolute strafrechtelijke immuniteit is geen geheim.
Voor Italië is dit scenario desastreus. Het IMF heeft al gewaarschuwd dat de boekhouding transparanter moet en het is vrijwel zeker dat het begrotingstekort dit jaar boven de EU-limiet van vier procent komt te liggen. Berlusconi heeft echter geduld: tot pakweg eind mei nog als demissionair regeringsleider de vinger aan de pols houden en daarna hooguit zes maanden voordat de noodzaak van nieuwe verkiezingen blijkt.
Maar wie weet, wordt hij al eind mei op zijn wenken bediend als gemeenteraadsverkiezingen in een fiks aantal grote steden op een nederlaag voor centrumlinks uitdraaien.