Draaimolendreun

Een paar elektronische bliepjes en de droom begint. Een golf vreemde, geheimzinnige klanken zwelt snel aan. Soms vormen ze even een ritme, om dan meteen weer uit elkaar te vallen. Het is alsof je met je vingers in je oren op de dansvloer staat. Tonen komen op als luchtbellen in een aquarium. Bloep - bliep - blup. Space. Een stevige beat kan elk moment inzetten.

Toch niet. Op de slag van een vibrafoon klinken ineens vroege-jarenzestigstemmen op. In harmonie volgt een zoetgevooisd liedje. Het roept lievige beelden op van een zomers platteland.
Zestien van zulke zachte en vooral heel rustige liedjes staan op de cd Cold and Bouncy van de The High Llamas. Ze klinken braaf als de surfpop van de Beach Boys, bizar als de sprookjesachtige arrangementen van Van Dyke Parks en warm als Zuid-Amerikaanse marimbamuziek. Vreemde buitenaardse toontjes (gemaakt met ouderwetse, analoge synthesizers) borduren hun eigen patroon dwars door de liedjes heen. Strijkorkest, kopersectie, maar ook banjo, tamboerijn en orgel bouwen veelzijdige ritmes. Een marimbaspeler freakt door. De synthesizer maakt het geluid van een krekel op een mondharp.
Bij elk nummer zakt de huiskamer verder weg in een bioscoopzaal, zwartwit verschijnt een oud vliegtuigje boven een groot oerwoud. En de band zingt over ‘Dressing up the old Dakota’. In slaapliedjesmelodie: 'Fly them to the Riviera/ Fly them to the U.S.A./ Aviation in the jungle/ Landing on the rough terrain.’
Vorige week waren The High Llamas live te horen in de Melkweg. Zes jongens op een met instrumenten volgestouwd podium. Weer kan de droom beginnen. Niet dus. Het optreden is verpletterend saai. Hadden hun handen niet bewogen, waren de bandleden niet opgemerkt. Geconcentreerd staan ze hun partijen uit te spelen. Geen enkele poging wordt gedaan het publiek te vermaken. Schijnt een ritme even een dansbare beat en maakt iemand een huppeltje op de plaats, dan vertraagt de band onmiddellijk. Voor de toegift blikt voorman Sean O'Hagan de zaal in en merkt verwonderd op dat niet íedereen is weggelopen.
O'Hagans schrikbeeld heet Easy Tune. Twee jaar geleden was dat een hype. House is dood, kopten kranten en weekbladen. Leve de easy tune! Muzak, liftmuziek, easy listening - muziek die écht niet kan. James Last, Herb Alpert en het hammondorgel. Leuk lullig, doe maar dol. En Nederland liep voorop, zoveel was duidelijk in de juichende artikelen.
Vreemd was wel dat Nederland al met al nog geen honderd liefhebbers heeft gekend. Op de hippe feestjes liepen vooral trendwatchers, popjournalisten en andere professioneel geïnteresseerden rond. De nieuwe trend bleek een incrowd-grap met een groot 'Kijk ons leuk apart doen’-gehalte. De grootste easy-tune-hit kwam van de als een lulletje rozenwater verkleedde Mike Flowers. Net carnaval.
Mode is vorm, niet inhoud. The High Llamas houden echt van hun rare mengeling van filmmuziek uit de jaren vijftig, surfpop uit de jaren zestig, psychedelische klanken uit de jaren zeventig en Duitse synthesizertonen uit de jaren tachtig. 'It doesn’t appeal if you don’t think it’s real’, zingt O'Hagan. Van ironie wil hij niet weten wanneer uit zijn liefde voor zowel de marimba als oude synthesizers een nieuw geluid ontstaat.
Gelukkig zijn er de cd’s Hawaii en Cold and Bouncy. Daar komt de glimlachmuziek beter uit. Idyllische briesjes waaien langs. De klanken blijven maar mierzoete landschapsbeelden oproepen. Soms iets zwaarder. Dan duikt een Vlaamse kermis op. Vette patat, een klodder mayonaise op de mouw boven een van suikerspin plakkende hand. The High Llamas gaan rond in je hoofd. Het orgel van de draaimolen jankt. In de draaimolen hoort de muziek heel anders. Het orgel zingt in je oor, tot je misselijk bent van het draaien en de limonade.

  • Kristin Hersch - Strange Angels. Vrouw alleen tokkelend op gitaar - moeilijk genre. Ex-Throwing Muses-zangeres Kirstin Hersh is vaak verdrietig en zingt dan met droeve stem. Dat gaat nog wel. Erg wordt het pas wanneer ze vrolijk zingt van betere tijden.
  • AIR - Moon Safari. 'French Band’ meldt de hoes. Frankrijk is even heel hip in de dansmuziek. Geheimzinnige, triphopachtige geluiden vermengen zich met simpele liedjes. Blikken synthesizertonen spelen symfonische rock uit de seventies. Dan weer lijkt Blondie in cyberspace herboren en zingt zij met metalen stem over haar 'Sexy boy’.