Berlusconiwatch (17)

Draquila

Rome - Als er iets een fantastische reclame is voor een aanklacht-documentaire als Draquila, dan is het de geste van de Italiaanse minister van Cultuur Sandro Bondi om níet naar het filmfestival van Cannes te gaan vanwege deze ‘slag in het gezicht van het Italiaanse volk’. Van harte bedankt, Bondi, moet de maakster van de door Cannes geselecteerde documentaire, de linkse cabaretière Sabina Guzzanti, inwendig hebben gejubeld. Met deze film heeft ze een poging ondernomen om de Italiaanse Michael Moore te worden, en deze reactie van regeringszijde is een mooi begin.
Draquila is de samenvoeging van de woorden 'Dracula’ en 'l'Aquila’, de Italiaanse bergstad die op 6 april vorig jaar door een aardbeving werd verwoest en waar 308 doden vielen. De filmposter laat weinig te raden over wie er met 'Draquila’ wordt bedoeld: een cartoon van een klein mannetje, op de rug gezien, een helm op het hoofd en een grote, zwarte Dracula-cape die om hem heen fladdert. Ja, dat is onmiskenbaar de Italiaanse premier Silvio Berlusconi, die het afgelopen jaar tientallen keren naar l'Aquila is geweest om met een gele helm op het hoofd de 'wederopbouw’ van de prachtige stad persoonlijk te volgen, altijd onder het oog van vele cameralenzen.
Hoezo wederopbouw? poogt Guzzanti in haar documentaire aan te tonen. Het ging alleen maar om een reclamestunt voor de regering-Berlusconi, of beter gezegd voor Berlusconi zelf. De aardbeving van l'Aquila was voor Berlusconi 'alsof God hem nog een keer de helpende hand toestak’, aldus de cabaretière in haar documentaire. In een jaar waarin de escorts, woedende echtgenotes, corruptieschandalen en banden met de maffia Berlusconi om de oren vlogen, kon hij een mooie menselijke tragedie goed gebruiken.
Wat hij uiteindelijk voor de stad l'Aquila en zijn bewoners heeft gedaan, is niet anders dan wat Ikea-appartementjes in het vlakke landschap aan de voet van de stad neerplempen. Volgens Guzzanti zijn de bewoners van l'Aquila daar bij nader inzien helemaal niet blij mee en hadden ze liever hun huizen in het oude stadscentrum hoog op de berg terug willen hebben. Die aardbevingbestendige appartementjes hebben veel meer gekost dan even die zwaar verwoeste oude stad restaureren, stelt Guzzanti via geraffineerd gemonteerde vraaggesprekken met allerhande experts.
Als bewijs voert ze een stokoude professor op die zich niet uit zijn kabinet van dr. Caligari in hartje l'Aquila heeft laten verjagen. De barsten in zijn muren passen wonderwel bij de ondergestofte bureaulampen uit 1930 en het archief van een leven. Hem maakt het niet veel uit, krijg je de indruk, al zou de hele boel alsnog samen met hem onder het puin begraven worden.
De professor is hartverwarmend, maar als je door l'Aquila loopt, waar vrijwel geen gebouw ongeschonden is gebleven en eeuwenoude muren zijn opengespleten, vraag je je toch af hoeveel die wederopbouw zou moeten kosten. Op die vraag geeft Sabina Guzzanti geen antwoord in haar prikkelende documentaire.