Sciencepalooza

Dromen van een Europese salon

Ik ben slimmer geworden door een boek Hier word je slimmer van. Hoewel de titel suggereert dat ik het in de zelfhulpsectie van de ramsj heb gevonden, is het een bloemlezing van de korte essays van leden van de online salon Edge.org.

Deze groep van leidende personen uit de kunsten, wetenschap en het bedrijfs­leven wordt elk jaar verzocht een vraag te beantwoorden. Dit jaar was de vraag: ‘Welk wetenschappelijk inzicht is voor ieder mens een cognitieve verrijking?’ Niet alleen werd ik per pagina slimmer, de wens van een zelfde Nederlandse salon laat me niet los.

Edge.org staat onder leiding van schrijver en literair agent John Brockman. Brockman studeerde in de jaren zestig bedrijfskunde in New York en kwam via een vriend aan een baantje in een avant-gardetheater, wat zijn eerste echte substantiële aanraking was met de kunsten. Hij botste op personen als Andy Warhol, John Cage and Marshall McLuhan. Deze laatste was een beroemde Canadese communicatiefilosoof en heeft Brockman definitief met (de) wetenschap in contact gebracht. Door de jaren heen heeft Brockman deze netwerken weten te onderhouden, wat uiteindelijk is geculmineerd in het platform dat zich op randen van de kunsten, (voornamelijk exacte) wetenschap en het bedrijfsleven begeeft: the Edge.

Zelf zegt hij over Edge.org dat het geen website is maar een conversatie tussen leden. Er is niet de mogelijkheid voor derden om te reageren en Brockman vraagt de leden om geen persoonlijke anekdotes te gebruiken. Dit maakt de website duidelijk, direct, misschien elitair maar wel zonder arrogant te zijn. De ideeën zijn er niet om gepopulariseerd te worden maar om de schakels tussen kennis te verkennen. Voor zo’n discours zijn wetenschappelijke termen nodig die weer elitair kunnen overkomen. De leden worden op uitnodiging toegelaten, en onder de 166 leden bevinden zich wetenschappers als Richard Dawkins en Craig Venter, componist Brian Eno, Google-oprichter Sergey Brin en auteur Ian McEwan. Brockman: ‘Alle leden onderscheiden zich door het feit dat ze nieuwe ideeën genereren. Zij zijn geen personen die alleen nieuwe dingen bespreken.’

Los van minder frequente master­classes en seminars zijn de artikelen en video’s de meest aansprekende producten van de salon, die bovendien vrij beschikbaar zijn. Ook de antwoorden op de jaarlijkse vraag zijn op de website terug te lezen. Een gehoorde kritiek is dat de groep uit voornamelijk Angelsaksische mannen bestaat en dat vrouwen, Europeanen en Aziaten ondervertegenwoordigd zijn. De laatste dagen spookt het volgende door m’n hoofd: wie zet de Nederlandse denkers echt bij elkaar? Initiatieven zoals de Avond van de Wetenschap en Maatschappij brengen kunsten, onderzoek, techniek en media in botsing maar met weinig output. De Jonge Akademie van de KNAW is een slimme en enthousiaste club maar zou misschien samen moeten optrekken met de jonge generatie kunstenaars en (hightech-)entrepreneurs. Misschien is Nederland te klein, maar zit er een dynamisch Europees platform in het vat? Het uit de niche én comfortzone halen van creatievelingen, of ze nu software programmeren of muziek componeren, moet een katalyserende werking hebben.

Nog even terug naar het boek: alle essays zijn niet langer dan twee, drie pagina’s en gaan over bijvoorbeeld het juiste gebruik van het woord ‘paradigma’; correlatie betekent geen causatie, en uitleg van concepten als risico en kansrekenen. Kleine, hapklare, lucide vertelde brokjes kennis. U kunt slimmer worden. Echt, Ik beloof het.