Ain’t Them Bodies Saints

Duistere gedachten

Even constant als de uitgestrekte landschappen met heuvels zijn de conventies van het verhaal dat zich daar afspeelt: seks, geld en de belofte van liefde tussen Bob (Casey Affleck) en Ruth (Rooney Mara). De setting is Texas, omgeving San Antonio en Austin, steden gebouwd op de romantiek van verlatenheid en het idee dat verblijf tijdelijk is en dat een reis naar een beter bestaan een kwestie van tijd zal zijn.

Medium film

Door de drukke snelwegen of de eindeloos uitgestrekte enkelbaanswegen in het achterland is het bijna alsof het land zichzelf opent, zodat je ook in je hoofd tijd hebt om na te denken over verandering. Een plan maken, weggaan, een leven opbouwen. Maar deze mogelijkheden leiden tot duistere gedachten, tot Texas-noir.

‘Texas’ betekent onwillekeurig ook ‘western’. En regisseur Lowery laat dat zien met een outlaw waarin archetypen als Billy the Kid voortleven en een law man die als Pat Garrett worstelt met zijn gevoel van sympathie voor degene op wie hij jaagt. Ook in de mix: de femme fatale. Noir. De vermenging van deze twee klassieke genres is niet nieuw, maar in Ain’t Them Bodies Saints is het alsof beide vormen nieuwe betekenis krijgen. Dat komt door het terloopse of vanzelfsprekende gebruik van de conventies. Ze zijn bijna onzichtbaar, maar uiteindelijk bepalend voor de betekenis: dit is een film over stilstand, over de romantiek van landschap en de teloorgang van traditionele waarden, over de broze grens tussen licht en donker en het soort hartstocht dat alleen in de schaduwen kan bestaan.

Het begint in de nacht als Bob en Ruth in een auto met elkaar praten over de toekomst. Ze zijn verliefd, ze kussen elkaar. Dan reikt Bob naar een pistool op het dashboardkastje. Nog een keer werpt hij zijn minnares een blik toe en dan stapt hij uit. Zijn vriend, ook gewapend, wacht op de hoek van de straat. Wat er vervolgens gebeurt, laat regisseur Lowery niet zien. De volgende scène speelt zich af op klaarlichte dag: een schietgevecht met Texaanse gerechtsdienaars. De vriend van Bob en Ruth wordt gedood, evenals een agent. Bob geeft zich over, maar niet dan nadat hij zijn geliefde vraagt op hem te wachten. De tijd in de gevangenis zal lang zijn.

In de maanden daarna is het vertelperspectief vooral dat van Ruth. Ze heeft inmiddels een dochtertje en leeft afgezonderd van de rest van de dorpelingen. Een politieagent, Patrick (Ben Foster), is verliefd op haar. Maar Ruth blijft hopen op de terugkeer van Bob, misschien vooral omdat ze kampt met een schuldgevoel over het schietincident.

De titel van de film is volgens Lowery een lyrisch commentaar op de mogelijkheid die ieder mens in zich heeft om ‘goed’ te zijn. Een boeiend gegeven: in het verhaal zijn de hoofdpersonages vooral antihelden in de stijl van Bonnie en Clyde of Kit en Holly in Terrence Malicks Badlands (1973). Malicks invloed is sterk aanwezig in Lowery’s film, vooral ook esthetisch in de wijze waarop de zwevende camera, net als in The Tree of Life (2011) dat zich ook in Texas afspeelt, een dromerige sfeer creëert. De ervaringen van de personages zijn visueel, intens. Ze roepen existentiële vragen op over de mogelijkheid het bestaan te vangen in het hier en nu, inderdaad, vragen over wat ‘goed zijn’ precies inhoudt wanneer de wereld zo vol schaduwen is. In Lowery’s film lijkt de tijd stil te staan. Het verleden is constant aanwezig; een toekomst is onmogelijk. Inertie dwingt Bob en Ruth verandering te forceren. Een vuurwapen. Geld. Liefde. Een beter bestaan máken lijkt binnen handbereik.


Te zien vanaf 20 maart.

Beeld: Ben Foster in Ain’t Them Bodies Saints (Filmdepot).