Duisternis

Dinsdagavond verloor Ajax in Schotland met 2-1 van Celtic. Misschien verdiend, misschien niet. Het was een wedstrijd in de Champions League, de hoogste Europese voetbalcompetitie. Commentator Jeroen Elshof zei: ‘Ajax betreedt na deze nederlaag de Europese duisternis.’

De Europese duisternis.
Hij bedoelde dat het verliezen van deze wedstrijd vrijwel zeker betekende dat Ajax niet zou doorgaan naar de volgende ronde in de Champions League en de troostprijs zou krijgen van deelname aan dat andere Europese toernooi, de Europa League.
Dat is iets heel anders.
Nu gaan we begrijpen waarom Europa zo verdeeld is. Van een unie is geen sprake. Want je hebt de Champions League, en je hebt de Europa League – and never the twain shall meet. Je hebt het glorieuze bal der kampioenen en je hebt een klein treurig dansavondje van de rest. Je hebt Real Madrid en je hebt Dnipro Dnipropetrovsk. Zoiets.
Het bewijst maar weer eens dat we leven in een Europa met twee gezichten, een Europa met een januskop.
Je hebt Lionel Messi, de grootse grootheid van FC Barcelona, en je hebt Volodymyr Priyomov, de nuttige middenvelder van FK Tsjornomorets Odesa.
‘Niemand heeft zin om helemaal naar Kazakstan te moeten vliegen om daar een wedstrijdje te spelen’, zei de toenmalige coach van AZ Gertjan Verbeek eens.
Nee, daar heeft niemand zin in. Om naar Kazakstan te moeten vliegen om daar in de bittere koude in een slecht gevuld stadion 0-0 te spelen tegen Shakhtyor IK.
Ze hadden ook naar het oosten van Rusland kunnen vliegen, of naar Zuid-Estland, of naar Albanië, want dat is ook Europa, en daar wordt ook gevoetbald – in de Europa League.
Ajax betreedt straks dus de Europese duisternis. En die duisternis, die ligt in Oekraïne. En in Bulgarije. En vlak bij Minsk. En in Litouwen. Als ze in de Champions League hadden mogen blijven, zouden ze reizen naar Duitsland en Engeland, Spanje misschien. Geen verre vliegreizen naar Onbekende Buitenlanden zonder enige aantrekkingskracht.
Alles heeft twee gezichten, als je maar goed genoeg kijkt.
Er loopt een dikke vette scheidslijn dwars door de Europese Unie, en die loopt niet tussen Noord en Zuid. Nee, die loopt tussen een schitterend verlicht, kolkend stadion Camp Nou met honderdduizend uitzinnig zingende supporters en de half verzakte tribunes rond het knollenveld van Koeban Krasnodar. Tussen de dubbele schaar van Cristiano Ronaldo en een sobere, iets te zachte terugspeelbal van Hristo Zlatinski. Tussen een vrije trap die met een waanzinnige curve de kruising in draait van Marco Reus en een penalty die hoog over zeilt van Duje Cop.

Maar het kan misschien anders. Als iedereen zijn best doet. Als Europa gaat spelen in een ruit met de punt naar achteren. Als de voorhoede, het middenveld, de verdediging en de keeper samenwerken en elkaar helpen, anders komen ze nergens. De een houdt een tegenstander tegen, zodat een ander de ruimte kan zoeken, weer een ander terreinwinst kan boeken en ten slotte weer een andere ander kan scoren.

Een goed voorbeeld werd een paar jaar geleden gegeven door Ruud Gullit, ex-voetbalvedette. Hij ging onverwacht als trainer werken in Tsjetsjenië, traditioneel toch niet een groot voetballand. (Geruchten dat hij dat alleen voor het geld deed zijn flauwekul.) Zijn talenten als voetballer en trainer stelde hij in dienst van de club Terek Grozny. Dat Gullit juist dáár naartoe ging bewijst, met in gedachten zijn bewondering voor Nelson Mandela, dat hij in de grond een enorme wereldverbeteraar is, en een groot voorvechter van ‘het Europese project’. Hij begreep dat dát de manier is om verdeeldheid te overwinnen, grenzen te slechten en kloven te dichten: niet piepen over een verre vliegreis naar Tsjetsjenië, maar gewoon in Tsjetsjenië gaan werken, midden in de Europese duisternis die Ajax straks te wachten staat. En daar dan meehelpen om hier en daar het licht aan te steken.