Duurzaam verontrustend

Modieus of niet, het verschijnsel Quentin Tarantino (de maker van Reservoir Dogs en Pulp Fiction) heeft wel iets losgemaakt. Het meest opvallende is de opleving van de immer sluimerende discussie over het vermeende gevaar van het tonen van expliciet grof geweld in films, maar er is ook een aardig neveneffect. Dat neveneffect toont onder andere aan dat de zogenaamde nouvelle violence eigenlijk helemaal niet zo nieuw is. Tarantino’s esthetisering van extreme gewelddadigheden heeft een hernieuwde belangstelling in het leven geroepen voor een iets oudere choreograaf van het bloedbad, namelijk niemand minder dan Sam Peckinpah.

Peckinpah overleed ruim een decennium geleden (en dat is lang in het vluchtige filmland), maar zijn films zijn eigenlijk niet echt van het toneel verdwenen. Zijn legendarische westerns als The Wild Bunch, met de fameuze geweldscenes in slow-motion, zijn vitale videotheeksuccessen. Binnenkort verschijnt in Amerika alweer de tiende biografie en in Engeland is zijn geruchtmakende Straw Dogs uit 1971 opnieuw in de theaters uitgebracht. Peckinpah was een buitengewoon visueel ingesteld filmmaker. Zijn virtuoze montages en de landschappelijkheid van veel van zijn films vragen om het grote doek. In Nederland moeten we ons nog even met de video’s behelpen, maar als de internationale belangstelling doorzet, zullen ook hier weer de glasscherven en bloedspetters vertraagd over het scherm zweven.
Het herzien van Straw Dogs maakt duidelijk dat de jonge meesters van de nouvelle violence er nog niet in geslaagd zijn om hun voorganger in apocalyptische effecten te overtreffen. Straw Dogs liep in principe het gevaar sneller te verouderen dan Peckinpahs westerns. De film speelt zich af in het heden, dat wil zeggen in wat ten tijde van de verfilming het heden was; het verstrijken van de tijd maakt doorgaans menig kapsel of kledingstuk volslagen belachelijk. Dit verschijnsel is aan Straw Dogs niet helemaal voorbijgegaan, maar hij profiteert aan de andere kant van de neo-flowerpower in de mode.
David Sumner, een jonge Amerikaanse geleerde (gespeeld door een Dustin Hoffman in zijn hoogtijdagen), trekt zich samen met zijn piepjonge vrouw Amy (de niet helemaal ten onrechte vergeten Susan George) terug op het platteland van Cornwall om rustig te kunnen werken. Amy zou het in onze tijd heel goed doen als MTV-presentatrice en dit dartele geval trekt als een magneet de aandacht van de mannelijke bevolking van het dorpje, waar ze overigens zelf oorspronklijk vandaan komt. Uit verveling en om haar kamergeleerde man te pesten flirt ze met de boerenkinkels uit de omgeving en maakt zo een gevaarlijke reeks reacties los die lopen van een flagrante verkrachting tot een complete veldslag.
Om die verkrachtingsscene is veel te doen geweest, meer dan over de veldslag die een ware orgie van geweld is. Amy zou zich, aldus de kritiek, aanvankelijk verzetten en later met volle teugen genieten. Dit zou voeding geven aan verwerpelijke misvattingen omtrent het fenomeen verkrachting. Maar de bewuste scene is in meer opzichten ambigu en daarom ook blijft Peckinpah juist ook hier als filmmaker overeind. De verkrachtingsscene die oorsponkelijk uitliep op een dubbele verkrachting is overigens ernstig door de (zelf)censuur van de studio ingekort. Niemand lijkt nog op het idee te zijn gekomen om Peckinpahs eigenlijke versie te herstellen, wat doet vermoeden dat hij de jongens van de nouvelle violence nog steeds is voorgebleven. Een van de redenen waarom de films van Peckinpah nog steeds niet volledig salonfahig zijn, is hun dodelijk ernst. Bij Tarantino is eigenlijk alles een leep spelletje en dat maakt dat zelfs als zijn bodycount en bloedverlies veel hoger uit komt, zijn films nooit zo verontrustend zullen zijn als die van Peckinpah. Straw Dogs blijft na een kwart eeuw een sterke en ongemakkelijke film en het is de vraag of je dat over vijfentwintig jaar van Reservoir Dogs kunt zeggen.