DVD

DVD: Muziek uit het Philips-archief

DVD Kamer 306

Volgens velen begint de Nederlandse popmuziek in 1958, als de Tielman Brothers hun eerste singletje uitbrengen, maar dan heeft Philips al een plaat geperst onder de noemer Popular Electronic Music, hoe pop kan het zijn? Philips geeft het plaatje uiteindelijk alleen weg als relatiegeschenk. Componist Dick Raaijmakers, die dan opereert onder de artiestennaam Kid Baltan, vermoedt dat de uitgave wellicht te veel eer was voor een simpele assistent op de akoestische afdeling van het Eindhovense NatLab.

Raaijmakers gaat in de jaren vijftig na zijn conservatoriumopleiding werken bij Philips omdat hij zijn twee passies, muziek en techniek, uiteindelijk wil combineren bij de radio. Maar in 1956 storten de Eindhovense onderzoekers zich onder leiding van Roelof Vermeulen, chef van de akoestische afdeling van Philips’ Natlab, op de elektronische muziek, en Raaijmakers blijft. Niet dat de jonge assistent veel aan componeren toekomt. Eerst wordt componist Henk Badings aangetrokken om muziek te maken met de nieuwe elektronische middelen, later krijgt ook Tom Dissevelt die mogelijkheid. Raaijmakers assisteert beiden en weet ook zelf wat composities op plaat te krijgen. Zijn Song of The Second Moon en Colonel Bogey zijn inmiddels de klassiekers van de Popular Electronics. Ook het werk van Tom Dissevelt maakt grote indruk, en het lijkt achteraf zonde dat Dissevelt, na het beëindigen van het experiment in het Natlab in 1960, niet verder is gegaan met elektronische muziek, maar ging arrangeren voor de Skymasters.

Hoe de verhoudingen in het NatLab precies lagen en wat er zich afspeelde is mooi terug te zien in de dvd-documentaire Kamer 306 van Henk Lamers en Jeanne de Bont, die uitgebreid hebben gesproken met Raaijmakers en andere medewerkers uit het NatLab. Hoe het allemaal klinkt is te horen op de cd-box Popular Electronics (Basta, 2004). De dvd geeft een welkome aanvulling op de muziek. Zo is het natuurlijk de vraag waarom een commercieel bedrijf als Philips in de jaren vijftig gaat experimenteren met elektronische muziek. Uit de documentaire blijkt dat Philips het in die tijd als zijn maatschappelijke taak ziet om de samenleving vooruit te brengen met behulp van de revolutionaire technische middelen. Zo moet onderzocht worden of de ‘dure’ muziek uit het concertgebouw via de nieuwe techniek ook naar de gewone mensen kan worden gebracht. Maar voor een deel gaat het ook om het prestige van Philips. Zo kan het geld niet op als in 1958 het Philips-paviljoen op de Wereldtentoonstelling in Brussel wordt gebouwd. Le Corbusier, Edgard Varèse en Iannis Xenakis werken gedrieën aan dit Poème Electronique. Het paviljoen is een proeve van het technisch kunnen van Philips, uitgevoerd door grote kunstenaars.

Kamer 306 is een prettige en informatieve terugblik op de proloog van de Nederlandse popmuziek. Want toen de Tielman Brothers hun eerste bekendheid vergaarden met een optreden op diezelfde Brusselse Wereldtentoonstelling van 1958 was de eerste elektronische popmuziek al gemaakt door een jonge Philips-medewerker.

Kamer 306 is te bestellen via kamer306@ loftmatic.com

Muziek van Dick Raaijmakers wordt uitgevoerd door Paul Koek tijdens het DEAF 07 Festival, een biënnale over kunst, technologie en samenleving, 15 april, ro theater, 20.00 uur. Een boek over Raaijmakers is in voorbereiding bij V2 Publishers. www.v2.nl, www.deaf07.nl