Kappersmuziek

Dwarslezen

Bryan Ferry, As Time Goes By. Virgin Records, ƒ39,90

Beste Bryan Ferry,


Vorige week las ik in de een of andere krant een interview met je, het ging goed, je zag er goed uit, je haar viel uitstekend, half over je voorhoofd, je droeg om een of andere reden, zag ik het goed, bruine handschoenen en je liet je als een doodziek vogeltje tegen de muur van een verder verlaten kamer fotograferen. Ik kon niet bij je concert in het Concertgebouw zijn, daarvoor mijn excuses. Wel luister ik vaak naar je nieuwe cd, met mooie bewerkingen van jazz-evergreens, As Time Goes By, ook terwijl ik deze brief schrijf.


We hebben hier thuis felle discussies gevoerd over deze cd, ik zal maar eerlijk zeggen dat mijn vrouw hem helemaal niks vindt, jatwerk, ouwe koek, aanstellerij et cetera, ik mag hem alleen op mijn eigen afspeelapparatuur boven draaien, terwijl mijn vrouw beneden zit te zwijmelen bij de nieuwste van Tindersticks. Over aanstellerij gesproken! Ik vind het wél een goeie cd, je stem is mooi gejaagd, hees en rasperig, je lijkt net hersteld van een verschrikkelijke koortsaanval, je geeft iets vals en doortrapt mee aan je interpretaties, alsof je deze nummers langzaam aan het vergiftigen bent. Of pogingen doet eraan te overlijden.


Toch moet me iets van het hart. De interviewer in dat krantenstuk heeft het erover dat je de laatste tien à vijftien jaar eigenlijk niks behoorlijks hebt gemaakt, hij citeert zelfs een of andere schrijver in Engeland die het heeft over ‘kappersmuziek’. Kappersmuziek! Ja, Mahmoud, dat was natuurlijk niet al te best, en ook Taxi viel tegen, maar je hebt nog wel wat andere dingen gemaakt. Was dat kappersmuziek? Ben je Avalon vergeten? Met het schitterende ‘More than this’ (we zingen wel eens voor de grap mee en dan maken we ervan: ‘meer dan dit, ik heb geen kunstgebit’)? En ‘Avalon’ zelf dan? Ik heb het je nog horen zingen bij je concert in de Ahoy van een jaar of tien geleden, prachtig hoe je erbij stond, overhemd half uit je broek, als ik dat doe is het niks, dan heb ik alleen mijn overhemd uit mijn broek. Maar bij jou is het altijd helemaal Bryan Ferry. ‘Very Bryan’ zoals wij je wel noemen. En wat dacht je van Boys and Girls, met ‘Slave to Love’ (‘tell her I’ll be waiting at the usual place’)? Ik zing het gemiddeld drie keer per week. Ik vind dat je die interviewer had moeten tegenspreken, je had moeten zeggen dat er geen sprake is van kappersmuziek, dat je juist grondeloze romantiek op de planken brengt, dat je je uitgangspunten altijd trouw bent gebleven en waar die klootzak zich eigenlijk mee bemoeit.


Maar dat zei je allemaal niet, je zei, godbetere, dat je het met hem eens was. Dus het is allemaal kappersmuziek wat ik zo vaak meezing. Je vertelde ook dat je weer samenwerkte met Brian Eno. Je luistert toch wel goed naar diens muziek? Music for Airports? Music for Films? Dat is geen kappersmuziek meer, dat is, dat is, lunchpakkettenmuziek. Pretentieballenmuziek. Yabyummuziek. Drogisterijenmuziek.