Een andere wereld

In São Paulo werd mijn aandacht getrokken door een grappig T-shirt in de etalage van een winkel. Er stond een tekst op die een woordspeling was op de slogan van het World Social Forum, ‘Een andere wereld is mogelijk’: ‘Fórum Anti-Social Mundial. Viver do mau humor é possivel’ (World Anti-Social Forum. Chagrijnig leven is mogelijk).

Op dit moment zijn veel mensen in Europa verschrikkelijk chagrijnig. Het heden is pijnlijk en de toekomst belooft weinig. Woede mengt zich met angst en een gevoel van machteloosheid – wanhoop zelfs – over hun vooruitzichten. Vertrouwen is neergeschoten. Europeanen zijn bezorgd dat hun beste dagen achter hen liggen. Mensen willen zich verbergen voor de wereld en zich terugtrekken.

Het is een tragedie dat op het continent waar de Verlichting werd geboren zo veel mensen niet langer geloven in vooruitgang. Maar dat pessimisme is niet op z’n plaats. Denk maar even met bewondering aan al die enorme verworven­heden die we normaal gesproken als vanzelfsprekend aannemen. Een continent dat werd verdeeld door oorlog en communisme is herenigd binnen de Europese Unie. Vijfhonderd miljoen Europeanen kunnen vrij wonen, werken, studeren en reizen in 27 landen – en goedkoop, dankzij voordelige vliegmaatschappijen als Easyjet en Ryanair. De Europese markt blijft onze keuzemogelijkheden uitbreiden en economische groei stimuleren. We leven langere, rijkere, vrijere levens dan ooit tevoren. In toenemende mate (zij het nog niet genoeg) worden vrouwen hetzelfde behandeld als mannen, is rassendiscriminatie onaanvaardbaar, kunnen homoseksuele mensen trouwen en hebben gehandicapte mensen meer en betere mogelijkheden. Veelzijdige steden als Londen en Amsterdam weten het beste van de wereld te vangen op één plek en fonkelen van al het creatieve denken, de innovatieve ondernemingen en nieuwe vormen van culturele expressie.

Zelfs tegen de achtergrond van de ergste financiële crisis sinds de jaren dertig van de vorige eeuw gaat de vooruitgang onverminderd door. Smartphones, tablets, Twitter, 3D-printen, schone energie, om maar een paar voorbeelden te noemen – allemaal hebben ze sinds 2007 een hoge vlucht genomen. Elk jaar neemt de levensverwachting van de gemiddelde Europeaan met drie maanden toe. En terwijl de industriële revolutie de levensstandaard van een fractie van de mensheid uittilde boven die van de rest, brengt ze tegenwoordig de meeste mensen verder, ook al geldt het jammer genoeg nog niet voor iedereen.

Kijk omhoog – en naar buiten. De wereld zit nog steeds boordevol mogelijkheden voor vooruitgang als we ze willen grijpen.

Mijn visioen voor Europa is werkelijk open: open economieën, open samenlevingen en open minds. Als economieën open zijn, zet buitenlandse concurrentie bedrijven – en overheden – er voortdurend toe aan zich te verbeteren, terwijl de beloning voor succes mondiaal is in plaats van alleen lokaal. Als samenlevingen open zijn, kunnen nieuwkomers en mensen van alle achtergronden hun potentieel vervullen, met nieuwe ideeën van verschillende mensen die elkaar stimuleren, en nieuwe ondernemingen ontstaan die voorop willen lopen. Als de geest van mensen open is, zijn ze ontvankelijk voor betere – of gewoon andere – manieren om dingen te doen, ze zien kansen eerder dan bedreigingen en ze beschouwen de toekomst als zwanger van positieve mogelijkheden. Openheid is niet slechts een middel om levensstandaarden te verhogen. Het gaat over het uitbreiden van vrijheid, mogelijkheden en vrede. Het gaat over het strijden tegen discriminatie, xenofobie en uitsluiting. Het gaat om het omhelzen van verschillen, verandering en optimisme.

Nog drie voorbeelden van hoe Europa meer open moet worden. Als het bij elkaar komt, moet het meer democratisch worden. Het moet ook naar buiten blijven kijken. Met name Europese leiders moeten de moed en het inzicht hebben om te pleiten voor verdere uitbreiding van Europa’s zone van vrede, voorspoed en stabiliteit – naar de Balkan, Oekraïne, Turkije en Noord-Afrika, om te beginnen. En we moeten samen vooruit kijken naar de toekomst. Europeanen van allerlei pluimage moeten het abjecte defaitisme afwijzen van de mensen die zich willen verbergen voor de wereld, de gevaarlijke illusies van de mensen die de klok terug willen draaien naar een geïdealiseerd verleden dat nooit heeft bestaan, en de leugens en de haat van de mensen die er beter van willen worden om ons tegen elkaar op te zetten.

Een open Europa omhelst vooruitgang. Dat, in de woorden van Amartya Sen, vergroot ‘de macht om dingen te doen’ – de vrijheid en de capaciteit voor iedereen om zijn of haar dromen waar te maken. Om het beste te halen uit alle mogelijkheden vereist progressieve regeringen die eerlijke wetten invoeren, discriminatie bestrijden, sociale mobiliteit stimuleren, mensen uitrusten voor verandering, ze opvangen als ze vallen en de monopolistische bastions van grondbezit en kapitaal neerhalen. En het vereist optimisme. Het optimisme om te proberen dingen te verbeteren, te investeren in de toekomst en verandering te omhelzen. Het optimisme dat problemen – zelfs crises – ziet als het begin van nieuwe mogelijkheden.

Crises groter dan deze zijn er niet. De pijn is niet te ontkennen, het onrecht is verbijsterend. Maar de wereld zit nog steeds vol beloften. We zouden stom zijn als we onszelf afsloten voor die mogelijkheden. Individuele inspanning, collectief ondernemen en een helpende hand van de overheid kan ons optillen. We moeten in onszelf geloven – en onze toekomst een kans geven. Een andere wereld is echt mogelijk.


Philippe Legrain is schrijver, commentator en consultant. Hij schrijft een blog voor The Guardian en is medewerker van Prospect. Hij is visiting fellow aan het Europese instituut van de London School of Economics en publiceerde de boeken Open World: The Truth about Globalisation (2002), Immigrants: Your Country Needs Them (2007) en Aftershock: Reshaping the World Economy After the Crisis (2010)