Een armoedig onderzoek

Wat is een wetenschapper? Het eenvoudigste antwoord: iemand die is vrijgesteld om vijf minuten langer na te denken. Bijvoorbeeld over armoede. Binnenkort vindt de tweede officiële armoedeconferentie plaats en aan de vooravond daarvan werd de afgelopen week de tweede Armoedemonitor gepresenteerd, het wetenschappelijk boekwerk waarin alles staat wat die vijf minuten extra nadenken hebben opgeleverd.

Dat is bijvoorbeeld de Armoede Toptien, een lijstje van de tien armste stukjes Nederland. Daarin staan de bekende achterstandswijken in de grote steden, maar ook verrassende nieuwkomers. Met stip binnengekomen op de eerste plaats is de wijk Mastenbroek te Zwolle en op de zesde plaats, eveneens met stip, het Friese Warfstermolen. Te Zwolle kent niemand de wijk Mastenbroek. Wel een welvarend kerkdorp van die naam. Na veel zoekwerk blijkt ook een stuk polderland de naam Mastenbroek te dragen. Jaren geleden stond daar een woonwagenkamp. Misschien dat dat…? En jawel, onderzoeker Vrooman onthult zijn onderzoeksmethode: ‘Wij zijn uitgegaan van postcodes om op die manier ook het platteland in de cijfers te betrekken. Uit cijfers van de belastingdienst over 1995 en gegevens van de arbeidsvoorziening bleek daar een concentratie van armoede te bestaan.’ En Warfstermolen? De monitor spreekt van een 'armoedevlek’, veroorzaakt door lage inkomens van boeren en vergrijzing. Trijntje Kooistra, veertig jaar inwoonster van het dorp, kent de lokale banenpooler en een handjevol WAO'ers, maar er zit niemand in de bijstand. Misschien een paar ouderen met alleen AOW of boeren die door investeringen een laag belastbaar inkomen hebben? Maar stille armoede, nee.
Wie denkt dat hij door het combineren van een aantal statistische gegevens een beeld van armoede uit de computer kan laten rollen zonder de ergonomisch verantwoorde werkplek te verlaten om zich te mengen onder het volk, krijgt daarmee geen beeld van de werkelijkheid, maar slechts de zoveelste statistiek.
Iets dergelijks geldt voor het werkelijkheidsgehalte van de centrale aanbeveling van de onderzoekers. Ze hebben uitgerekend dat een derde van de mensen die aanspraak maken op huursubsidie daar geen gebruik van maken. En vervolgens dat als die mensen dat wel zouden doen, het aantal armen - een miljoen - op slag met een kwart zou afnemen. 'Een waardevolle constatering’, verklaarde minister Melkert onmiddellijk en hij pleitte voor betere voorlichting. Geen woord over de steeds schevere inkomensverhoudingen in Nederland, waar werknemers hun gematigde loonstijging steeds vaker zien aangevuld in de secundaire sfeer. Geen woord over het structureel achtergebleven uitkeringsniveau dat de verzamelde directeuren van de sociale diensten en verschillende gemeentebesturen al deed pleiten voor verhoging van de uitkeringen. Geen woord over de bureaucratische drempels die juist mensen met weinig bureaucratische vaardigheden niet kunnen nemen. Maar een laffe aanbeveling waarvan de politieke wenselijkheid belangrijker is dan de effectiviteit. Wat een armoede.