Een avontuurlijke Droogstoppel

Al in Dave Eggers’ succesvolle debuut, het jongensboek A Heartbreaking Work of Staggering Genius (2000) valt de naam van Amerika’s productiefste en meest geëngageerde schrijver: William T. Vollmann. Aan hem moest ik denken toen ik Eggers’ laatste non-fictieboek De monnik van Mokka las, dat zich deels afspeelt in het door al-Qaeda, Saoedische bombardementen en stammenstrijd geteisterde Jemen. Want Vollmann was heel lang de enige schrijver die in het begin van deze eeuw verslag deed van zijn heftige ervaringen in de Jemenitische hoofdstad Sana’a, anno 2018 bezet door opstandige Houthi’s gesteund door Iran. Vollmann was daar precies een jaar na 9/11 en noteerde daar niet alleen de alom heersende haat tegen Amerika maar vooral tegen de joden en Israël, haat gevoed door systematisch nepnieuws uitgezonden door Al Jazeera. Zijn indringende verslag stond in deel VI van zijn imposante reisboek Rising Up and Rising Down (2002), uitgegeven door McSweeney’s, de uitgeverij van… Dave Eggers.

Small 9789048830558
Zou Dave Eggers ‘Max Havelaar’ in vertaling hebben gelezen? © Christopher Felver / Overamstel Uitgevers

Eggers waagt zich nu ook aan een beschrijving van het door burgeroorlog verscheurde Jemen, maar de enige anti-Amerikaanse tekst in De monnik van Mokka is die op de sticker van een vrachtwagenbumper: God is groot. Dood aan Amerika. Vollmann kreeg tot zijn verbijstering te horen dat de joden de schuld waren van ‘álles’ en dat die dood moesten. In De monnik van Mokka geen woord over het wijdverbreide heftige antisemitisme in Jemen. Eggers geeft de volle ruimte aan zijn positieve moslimheld, koffiemakelaar in spe Mokhtar Alkhanshali. Deze Jemenitische Amerikaan, geboren in Brooklyn en bijna voor galg en rad opgegroeid in de probleemwijk Tenderloin in San Francisco, ontdekt dankzij zijn vriendin Miriam een standbeeld dat tegenover het luxe appartementencomplex staat waar hij portier of ‘lobby-ambassadeur’ mag zijn. Dat beeld stelt een koffie drinkende Jemeniet voor. Op slag is Mokhtar gefascineerd door koffie, het oerproduct van Jemen dat langzaam maar zeker door de drug qat is vervangen. Nu heeft hij een doel, een droom, en dadendrang en doorzettingsvermogen worden zijn drijfveren.

Bedrijft Eggers’ held ontwikkelingshulp of is hij een ordinaire kapitalist met humane ­trekjes?

Eggers weet heel goed het spannende levensverhaal te vertellen van zijn idealistische held en doorzetter, die zijn Amerikaanse Droom najaagt, inclusief een levensgevaarlijke tocht per vrachtauto dwars door oorlogsgebied en een gevaarlijke boottocht van Mokka naar Djibouti. En toch… Niet alleen de naam van Vollmann drong zich aan mij op, ook het beroemde romanpersonage uit onze klassieker Max Havelaar of de koffiveilingen der Nederlandsche Handelmaatschappij:Droogstoppel. Is Mokhtar als makelaar in koffie een avontuurlijke Droogstoppel? Multatuli’s creatie is niet geïnteresseerd in poëzie (literatuur is leugen), alle onzin uit het pak van Sjaalman of wat dan ook. Zijn enige obsessie is koffie en winst maken over de gekromde rug van de inlander.

Die obsessie heeft hij gemeen met Mokhtar. Net als Eggers verdiept die zich in het koffieverhaal. En tijdens het bestuderen van de geschiedenis van de koffieplant en koffiebes – want koffie is fruit! – komt de lezer de voorloper van de Nederlandsche Handelmaatschappij tegen: de voc. Op Java gedijde de koffieplant al halverwege de Gouden Eeuw. ‘De Nederlanders beschermden hun monopolie, net als de Jemenieten vóór hen. De plantages op Java werden goed bewaakt en export van zaailingen en bessen was streng verboden.’ Dat monopolie ging verloren toen de burgemeester van Amsterdam Lodewijk XIV een koffieplant cadeau deed.

Maar het historische verhaal dat Eggers in De monnik van Mokka met verve vertelt, is slechts een opstapje naar de kern van zijn particuliere koffie-epos: het huzarenstukje dat zijn held Mokhtar levert met de burgeroorlog en hongerende en gebombardeerde Jemenieten als dodelijk decor. Eggers – onzichtbaar in het verhaal – is gefascineerd door Mokhtars krankzinnige plan: export van superieure Jemenitische koffie via havenstad Mokka waarbij de woekeraars en de tussenhandel worden uitgeschakeld en de boeren, sorteerders en pelsters een humaan loon krijgen. Zo gezegd zo gedaan, inclusief het nemen van honderd hindernissen en het inschakelen van genereuze geldschieters. Het slot van alle belevenissen en diepte-investeringen van onze avontuurlijke Droogstoppel is voor mij niet de opmerking dat de hele koffieoperatie ‘een waanzinnig financieel succes’ gaat worden, maar deze zin, die een tunnelvisie weerspiegelt: ‘Terwijl er in Jemen mensen stierven en het land dreigde in te storten, werd Mokhtar elke ochtend om vier uur in zijn appartement hoog boven San Francisco wakker om naar Sana’a te bellen en te vragen hoe het met de koffie ging.’

Het eind van het liedje is dat Mokhtar zijn Jemenitische superkoffie voor zestien dollar per kopje, inclusief kardemomkoekje naar een recept van Mokhtars moeder, kan laten verkopen in Amerika. Koffie voor snobs? Bedrijft Eggers’ held ontwikkelingshulp of is hij een ordinaire kapitalist met humane trekjes omdat hij de koffieboeren, sorteerders en pelsters fatsoenlijk behandelt? Is dit nu de uitkomst van een Amerikaanse Droom of de natte droom van een fanatieke ondernemer die niet beseft dat tegelijk met zijn succesvolle koffie-export duizenden Jemenieten de hongerdood sterven, net als duizenden Javanen in de tijd van Multatuli. Lees na wat Multatuli Droogstoppel toebeet aan het slot van Max Havelaar: stik in koffie en verdwijn! Zou de zeer vaardige maar selectieve verteller Dave Eggers die klassieker in vertaling hebben gelezen?