Een blad, een traan

Aluminium weegt niets en is wendbaar. Als Imi Knoebel het bewerkt en beschildert, ontstaan lichte fragmenten, vormen van kleur. En uiteindelijk schilderijen vol glans en gloed en schaduw van kleuren.

Dit wonderbaarlijke werk van Imi Knoebel ziet er, bij eerste terloopse waarneming, uit als een blad dat van de boom naar beneden dwarrelt. Omdat het geen gewicht heeft, komt het niet recht maar zo wiegelend naar beneden. Door dat gedwarrel kun je niet precies de omtrekvorm van het blad zien. De titel is Lueb Li 325. Het is nog maar de vraag of het een schilderij is. De enigszins ovale grondvorm is geknipt uit dun aluminium en voorzichtig beschilderd in een donker soort geel – met korte brede streken in tegengestelde richtingen, los en dwars over en onder elkaar zodat het geheel eruitziet als gevlochten. Daarom moet ik bij dat droge grijsgeel ook denken aan een rijp maïsveld waarvan het dorre geel begint te verwelken. In feite is het een onbeschrijflijke kleur die, in de verfproductie (Liquitex) met de code Li 325 wordt aan­geduid. Maar ik kan kleuren alleen beschrijven (een naam geven) door ze met de natuur te vergelijken. Knoebel moet natuurlijk omgaan en kiezen uit de veelheid aan kleuren die in de handel verkrijgbaar zijn – maar ik denk dat hem, als hij schildert, associaties met natuurkleuren niet zullen ontgaan.

Op het donkergele vlak is verder een patroon terechtgekomen van smalle rechthoekige balken – een wat scheve, verticale strook eerst, en daar tegenaan op elke helft steeds drie kleinere balken. Die zijn gesneden van dikker aluminium van zo’n twee centimeter. Aan de achterkant van het ovale vlak zit nog een net zo dikke constructie die ervoor zorgt dat het werk niet helemaal tegen de wand hangt maar iets ervoor. Door de schemerige ruimte tussen wand en werk lijkt het ding te zweven. Deze tedere constructie gaat er nog lichter uitzien – en helemaal als een bijna verdwaald blad. Het kan dan ook niet anders dan dat ik de smalle balken begin te zien als de nerven. De kleur van de balk door het midden is donkerbruin – een aardse kleur tegen zwart aan. De zijwaartse balken rechts hebben vrijwel dezelfde kleur. Die aan de andere kant zijn een soort chocoladebruin. Deze gekleurde balken, heb ik gezegd, zijn op het grondvlak terecht­gekomen. Een ander woord voor hoe bijna toevallig ze daar liggen komt nu niet bij me op. Het werk werkt ook niet als strak gecomponeerde constructie. Eerder is het een in elkaar geraakte assemblage. Zie, bijvoorbeeld, van Imi Knoebel zijn grote bloemrijke Gartenbild uit 1912, ook in elkaar gezet met elementen van beschilderd aluminium.

Het is een open rechthoekig frame waarin een hoeveelheid vormen, slank als scherven, is komen te hangen – door elkaar, over elkaar, in toevallige ordening. Het lijken van die rest­vormen die in een werkplaats uiteindelijk overblijven en die niet worden weggegooid. De keren dat ik in Knoebels atelier geweest ben, lag het er vol mee. Natuurlijk waren de meeste daarvan speciaal geknipt en gesneden – en geschilderd in velerlei verschillende kleuren. Al die gekleurde vormen lagen klaar, begreep ik, als het repertoire. Dit kleurrijke Gartenbild is dus niet een intuïtieve compositie van aluminium fragmenten dat pas daarna is beschilderd. De elementen die Knoebel gebruikte waren al beschilderd – één kleur per fragment, voorzichtig met de hand beschilderd met acryl, dun en transparant als waterverf. Je kunt het handschrift zien.

Die vormen zijn van aluminium omdat dat niets weegt en dus wendbaar is. Ze verschijnen in beeld als lichte vormen van kleur, meer nog omdat ze zo met de hand zijn geschilderd. Ze geven mooi volume aan de kleuren, dat is bijzonder. Hoe ze ook in elkaar zijn gezet, het zijn daarom toch schilderijen die uiteindelijk over glans en gloed en schaduw van kleuren gaan – op het oog, zonder theorie, met de hand. Lueb Li 325 verwijst ook naar Knoebels vorig jaar overleden vriend Klaus Lueb. Ik weet dat en daarom zie ik het donkere geel en het bruin in het schilderij als kleuren waarin, wat tegen de avond gebeurt, het licht wegtrekt zoals, bijvoorbeeld, in de maanlichtschilderijen van Mon­driaan. In Gartenbild schijnt en schatert de zon. In het andere schilderij zijn de heel stille kleuren omfloerst. Niet alleen aan een dwarrelend blad doet de vorm denken, ook aan een traan.


PS. Schilderijen van Knoebel zijn in Nederland te zien in onder meer musea in Eindhoven, Maastricht en Den Haag. Zie ook, voor Gartenbild, ropac.net en verder de kleine catalogus Imi Knoebel: Lueb, Galerie Bärbel Graesslin Frankfurt/M, galerie-graesslin.de