Een bond zonder cao

ZANG, DANS, optredens van Hans Dulfer en The Bootleg Blues Brothers, vuurwerk. Talloze festiviteiten zorgden op het oprichtingscongres van FNV Bondgenoten, een jaar geleden in de Amsterdamse Westergasfabriek, voor een onbekommerde, vrolijke sfeer. Er stond iets unieks te gebeuren. Industriebond FNV, Voedingsbond FNV, Vervoersbond FNV en Dienstenbond FNV gingen samen! Met in totaal een half miljoen leden ontstond ‘s lands grootste vakbond.

Nu, een jaar later, blijkt binnen Bondgenoten de chaos niet te overzien. Een begrotingstekort van veertig miljoen. Werknemers, naar schatting duizend in getal - niemand weet het exact - die het nog altijd moeten stellen zonder nieuwe CAO. En vaak zonder bureau, telefoon en computer. In arbeidsconflicten verkerende leden konden het afgelopen jaar nauwelijks worden bediend. Momenteel klaren in allerijl opgetrommelde adviesbureaus een voor onmogelijk gehouden klus: het opstellen van een totaaloverzicht. Om de boel bij Bondgenoten in het gareel te krijgen dienen arbeidsplaatsen te verdwijnen. Misschien wel een kwart van het totaal, becijferde hoofdbestuurder Cees de Wildt, die is vrijgemaakt als crisismanager. Onder het personeel van FNV Bondgenoten heerst grote onrust. Twee maanden na de fusie al hadden de eerste werkonderbrekingen plaats. Enkele maanden later was het opnieuw raak, en werd er terstond een zwartboek opgesteld. ‘De onrust duurt voort tot op de dag van vandaag’, zegt Paula Rehwinkel. Zij is voorzitter van de ondernemingsraad van FNV Bondgenoten, met de Kadergroep het enige orgaan binnen de vereniging dat wél flitsend uit de startblokken kwam. Bob Suurhoff is als voorzitter van die Kadergroep een soort vakbondsman binnen de vakbond. 'Het was een chaos het afgelopen jaar’, zegt hij. In een toespraak tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst in de Ginkelduinse bossen, waar het FNV een vakantiecomplex beheert, verwoordde Bondgenotenvoorzitter Henk Krul het zo cryptisch mogelijk. 'Op een paar punten willen de zwaluwstaarten van de vereniging en de werkorganisatie nog niet in een luchtwaardige formatie samenkomen’, sprak hij zijn vakbonders toe. EEN VAN DE INITIATORS van de fusie is Dick Nas, jarenlang algemeen secretaris van de Industriebond. Een jaar na de oprichting concludeert ook hij dat het proces van schaalvergroten uit de hand is gelopen. Nas: 'Twee bonden laten fuseren is een hele klus, drie een grote sprong. Vier is een sprong te ver.’ Nas benadrukt dat het initiatief niet van hem, maar van Martin Spanjers van de Dienstenbond is uitgegaan. Nas: 'De Dienstenbond voelde zich te klein om alleen verder te gaan. Spanjers zocht contact met ons van de Industriebond, wij hadden het vermogen en de infrastructuur.’ Nas en Spanjers kwamen tot een overeenkomst. De Voedingsbond moest er ook bij, vonden ze. Maar de Vervoersbond niet, dat zou te groot worden. Nas: 'Maar toen Vervoer belde of ze ook mee mochten doen, konden we moeilijk nee zeggen.’ Hoewel een vijfde partner het fusieproces nog complexer had gemaakt, was het logisch geweest als ook de Bouw- en Houtbond FNV toe zou treden. Een van de doelstellingen van de fusie was immers beter te kunnen anticiperen op multinationale ondernemingen die in verscheidene sectoren opereren. Het zou de CAO-onderhandelingen met dergelijke ondernemingen er een stuk eenvoudiger op maken als niet vijf maar één FNV-vertegenwoordiger bij hen aan tafel zit, zo was de gedachte. Maar voor de Bouw- en Houtbond was eenvoudigweg geen plaats. Nas: 'Die kar hadden we nooit kunnen trekken. Het was met vier al moeilijk zat. We hadden al het gevoel een stap te ver te zijn gegaan.’ Volgens Kadergroepvoorzitter Suurhoff is het moment van fuseren, 29 januari 1998, volstrekt willekeurig gekozen. Suurhoff: 'Een paar mensen vonden dat de tijd rijp was. Evengoed had het een jaartje later of eerder gekund. Maar het werd zo gebracht van: willen we klaar zijn voor de toekomst, dan moet het nu. Pas in het vroege voorjaar van '97 werden wij van de plannen op de hoogte gebracht. En van het feit dat het nog geen jaar later al moest ingaan.’ De ondernemingsraad van Paula Rehwinkel wist het nog een maand te rekken. Rehwinkel: 'De onderhandelingen met de Stuurgroep Fusie gingen hard tegen hard. Wij, de ondernemingsraden van de afzonderlijke bonden, hadden ons verenigd in een platform. We eisten een langere aanlooptijd. Onze adviezen werden in de wind geslagen, rapportages verdwenen in de la.’ Spanjers, de drijvende kracht achter de samenvoeging: 'We namen die signalen wel degelijk serieus. Het is niet zo dat de Stuurgroep Fusie zei: onze wil is wet. De ondernemingsraad en de Kadergroep zijn gewoon bij de besluitvorming betrokken geweest. Er was zelfs meteen al een sociaal plan overeengekomen waarin gedwongen ontslagen werden uitgesloten.’ Nas, die in de Stuurgroep Fusie zat: 'Niet in het vroege voorjaar van '97, al in september '96 is de ondernemingsraad op de hoogte gesteld. Daar durf ik mijn hand voor in het vuur te steken. Alle grote besluiten zijn in samenwerking met OR en Kadergroep genomen. Voor de fusie an sich hebben ze zelfs positief geadviseerd. Ze vonden het voor zover ik weet alleen wat te snel gaan.’ Suurhoff: 'Hoe lang er al over werd onderhandeld? Geen idee. Gebeurde in ’t geheim. Wij hebben als personeel geen enkel gedegen onderzoeksrapport gezien waarin stond hoe die vier clubs in elkaar zitten en wat precies de besparing in geval van samenvoeging geweest zou zijn. Het lijkt erop dat koste wat kost een eenmaal genomen besluit doorgezet moest worden. De argumenten kwamen op de tweede plaats.’ Spanjers: 'Er hoeft toch helemaal geen onderzoek gedaan te worden. Ik heb nog nooit meegemaakt dat in het bedrijfsleven zoiets wel gedaan werd. Als we tegen problemen oplopen, dan lossen we die onderweg wel op.’ ORDINAIR WANTROUWEN tussen werkgever en werknemer - hoe paradoxaal ook, binnen de nieuw ontstane vakbond is het aan de orde van de dag. De verhoudingen binnen FNV Bondgenoten zijn grondig verstoord. Suurhoff meldt dat als er niet heel snel een CAO komt, stakingen niet uit te sluiten zijn. Nas: 'Dat is toch waanzin. De voorzitter van de Kadergroep is zelf verantwoordelijk voor totstandkoming van die CAO.’ Suurhoff: 'De mensen uit het hoofdbestuur denken dat wij dat wel even zouden fixen. Maar zo makkelijk is dat niet! Alleen al het rekenwerk aan die pensioenen, dat kost maanden. En er zit nog zo veel meer fout. Het komt voor dat een Dienstenbonder die nu als gevolg van de fusie hetzelfde werk doet als een Industriebonder, meer verdient. Bruto uiteraard, want de secundaire arbeidsvoorwaarden verschillen ook nog eens een keer.’ De vakbond, die altijd precies meent te weten hoe andere organisaties het moeten doen, lijkt nu hopeloos ten prooi aan strubbelingen binnen de eigen gelederen. Wat moeten de werkgevers wel denken van een vakbeweging met personeel zonder CAO? Nas: 'De pot verwijt de ketel dat-ie zwart ziet.’ Spanjers: 'We zitten in een glazen kastje, we worden overal op afgerekend. We lopen op eieren.’ Nas: 'Ik kan me voorstellen dat werkgevers er grappen over maken bij de onderhandelingen. Die CAO had gewoon ook allang rond moeten zijn. Twee keer was er een principeakkoord en twee keer wees het personeel dit af. Ze weten er veel te veel van, of denken er veel van te weten.’ Nas gelooft dat werknemers de voortgang bewust saboteren. 'Er wordt gezift tot op de vierkante centimeter. Keuren ze een CAO af omdat ze per jaar een vakantiedag moeten inleveren! Ze realiseren zich niet dat ze wel een veel beter pensioen krijgen of drie procent eindejaarsuitkering. Een CAO werd afgewezen omdat er niet expliciet in stond dat er geen wachtdagen waren. Maar wachtdagen hebben we al jaren niet meer! Zoiets is beschamend.’ FUSEREN ZIT de FNV in het bloed. Aan de muur in het voormalige hoofdgebouw van de voormalige Industriebond, tegenwoordig regiokantoor van Bondgenoten, hangt de geschiedenis van de bond grafisch weergegeven. Een onontwarbaar kluwen, al die tientallen bondjes die zijn opgegaan in de veertien bonden die de FNV vandaag de dag telt. De vermaarde Diamantbewerkersbond, helemaal aan het begin, blijkt zelfs al een krachtenbundeling te zijn geweest. De sjieke slijpers lieten zich door een andere bond vertegenwoordigen dan het materiaalaangeversgepeupel. Vooral de jaren zeventig waren fusiehoogtijdagen. Toen werd nog voor het lange traject gekozen: kleine stapjes over een groot aantal jaren. Dat was nou eenmaal des vakbonds. Aan die conventionele wijze van fuseren is abrupt een einde gekomen, met de huidige cultuurschok als gevolg. Spanjers denkt dat het met die cultuurschok wel meevalt. 'In aanvang vielen onze voorstellen bij het personeel helemaal niet verkeerd. Pas toen er onduidelijkheid kwam over primaire arbeidsomstandigheden als verandering van werkplaats en langere reistijd, is er onzekerheid gerezen. Dat ze ons nu via de ondernemingsraad kritisch volgen en op de donder geven, dat neem ik voor lief.’ HET GERAAMDE begrotingstekort van veertig miljoen luidt volgens Suurhoff het begin van het einde in. 'Wanneer dit tekort wordt aangevuld uit het vermogen daalt de jaarlijkse rente die dit vermogen oplevert. Naast contributie is die rente de belangrijkste vaste inkomstenbron van FNV Bondgenoten. Als de begroting de komende jaren niet sluitend gemaakt wordt, groeit het tekort omdat die vermogensrente steeds minder wordt. In twaalf jaar is dat half miljard opgeslokt en is het met ons gedaan.’ 'Een absurde rekensom’, zegt Spanjers. Volgens hem is er geen man overboord. 'Het betreft een tekort op de begroting van 1999. Aan het eind van het jaar kunnen we pas zien of het tekort werkelijk zo groot is als nu wordt gezegd. Ondertussen zullen wij ons best doen het tij te keren, we nemen natuurlijk zo weinig mogelijk risico. Ik voorspel dat binnen een paar jaar de begroting weer sluitend zal zijn.’ Om dat te bewerkstelligen zullen er in ieder geval banen moeten verdwijnen. Langs natuurlijke weg, wel te verstaan. Op ontslagen, het enige middel om echt uit de problemen te geraken, blijft bij de vakbeweging een levensgroot taboe liggen. Spanjers: 'Een aantal mensen doet hetzelfde werk, daar moeten we gewoon heel eerlijk in zijn.’ Nas: 'De werkdruk wordt niet hoger als er arbeidsplaatsen worden opgeheven.’ Suurhoff: 'Veel mensen zitten nu al aan hun tax. Ze zullen over de rooie gaan als er arbeidsplaatsen verdwijnen. Je kunt toch niet van de achterblijvers verwachten dat ze het werk van de vertrekkende collega’s overnemen? Er zijn vanwege de werkdruk al mensen opgestapt. Bovendien, waar laat je al die mensen die nu die op te heffen arbeidsplaatsen bezetten? Worden ze naar ander werk bemiddeld? Of wordt misschien eenmalig de knip opengetrokken, iedereen met zevenenvijftigeneenhalf eruit? Gebeurt bij bedrijven ook.’ Een dezer dagen komen de adviesbureaus met hun inventarisatie. Hoofdbestuurder Cees de Wildt kondigt aan half april zijn reddingsplan te ontvouwen.