Een dood ei

Zwakzinnigen met een onstuitbare kinderwens kunnen tegenwoordig met een speciale pop worden voorbereid op het ouderschap. De pop is toegerust met een computer die registreert hoe intensief de verzorging is die het namaakkind krijgt.

Eigenlijk is het een soort Tamagotchi. Dit computer-eitje nestelt zich ook als een extra kind in een huisgezin. ‘Heb je hem wel genoeg eten gegeven?’ vraagt vader ’s avonds plagerig. Moeder zoekt het Dino-eitje onder in de fruitschaal en drukt net zo lang op de piepkleine knopjes totdat het etensbalkje verschijnt. Dat is nog niet eens tot een kwart ingekleurd - de kleine is alweer met een lege maag naar bed gegaan. Gauw doorgeklikt naar het balkje dat de moederliefde meet. Dat is helemaal volgelopen met het maximale aantal hartjes, dankzij de vele spelletjes die mamma met haar nieuwste Dino-kind heeft gespeeld. Fijn om al die hartjes te zien. Mocht Dino III net als z'n twee voorgangers de nacht niet halen wegens ondervoeding, dan is-ie in ieder geval met een warm gevoel in z'n hartje gestorven.
Het is geen gek idee om computerspelletjes te laten functioneren als oefenstof voor wensouders. Bij mij deed de echte baby ongeveer z'n intrede tegelijkertijd met mijn eerste computerspel, en daar heb ik veel aan gehad. Het was een zogenaamd adventure. De overeenkomst met een Tamagotchi is dat je je moet verplaatsen in een poppetje met nog onbekende gebruiksaanwijzingen. Bij een adventure moet je uitvinden welke commando’s het computerpoppetje kent. Voor iedere handeling die je het poppetje wil laten doen, moet je de meest heldere en directe opdracht verzinnen, anders begrijpt het namaakmensje het niet. Dat is net zo bij een echt mensje dat plotseling in jouw wereld belandt. De eerste jaren zoek je je rot naar eenvoudige bewoordingen die ook nog eens niet kinderachtig mogen klinken. Bij 'Leg maar neer op de vensterbank’ krijg je een foutmelding: het namaakmensje in de computer geeft aan dat woord niet te kennen. Het echte mensje loopt naar de bank en reageert pas op het eenvoudige woord 'raam’. Echt ingewikkeld wordt het als jouw minimens zelf 'vensterbank’ kan zeggen. Tegen die tijd beantwoordt het ieder commando met 'waarom?’ en herhaalt deze foutmelding net zo lang tot je er een bevredigende verklaring hebt ingestopt.
De Tamagotchi, het oefenpopje voor niet-zwakzinnigen, doet een beroep op heel andere aspecten van de opvoeding. Taalverwerving speelt hierbij geen rol. Net als bij een adventure moet je ervoor zorgen dat het poppetje zich teweerstelt tegen de gevaren die hem of haar belagen, maar die gevaren hebben te maken met de eerste levensbehoeften. Rust, reinheid en regelmaat zijn belangrijk, de beproefde regels van de babyverzorging. Als het computerkind gaat slapen - op het tijdstip heb je net als bij een echte baby niet veel invloed - moet je op tijd het lampje uitdoen, anders heeft dat consequenties voor de factoren gezondheid en moederliefde. Een onverwachts geproduceerd uitwerpsel, dat er op de computertekening welriekend uitziet, moet snel worden verwijderd. Met doordachte regelmaat moet het namaakkind voeding en beweging krijgen, en moet er een spelletje worden gespeeld.
Maar eigenlijk komt het allemaal op hetzelfde neer. Dit geraffineerde speeltje eist van de verzorger tijd en aandacht. En daarmee wordt een gevoelig punt geraakt van de hedendaagse wensouder. 'Dat is nou precies hoe jij met de dingen omgaat’, roept mijn vriend pesterig als ook mijn derde Dino niet ouder wordt dan anderhalve dag. 'Je koopt iets, laat het ergens slingeren en vergeet het.’
Om deze foutmelding de kop in te drukken is maar één antwoord bevredigend: 'Ik besteed mijn kostbare tijd en aandacht aan ons echte kind in plaats van aan zo'n onzinspelletje!’