Een femme fatale voor zichzelf

Is Annemarie Oster de beroemdste minnares Van Nederland? Regelmatig haalden haar liaisons ‘de bladen’. Maar daar gaat het in dit gesprek met haar niet over. De lessen van een verstandige, gelijkmatige, aardige, wijze vrouw’
‘ALS KIND WAS IK altijd verliefd, maar in de puberteit werd ik me voor het eerst bewust van het gevaar ervan. Ik was altijd erg onzeker en dat werd al snel een handicap. op een gegeven moment besloot ik tot de mooie meisjes te behoren, ik deed er echt alles aan, maar toen ontstond er de discrepantie tussen enerzijds een bang klein kind zijn en er tegelijkertijd sexy uitzien. Eigenlijk haakte ik altijd naar degenen die ik niet kon krijgen en dat is altijd zo gebleven. Iemand die verliefd op mij was, daar voelde ik minachting voor, die veranderde alras in doublé. Ik verlangde naar de onbereikbare jongens uit de zesde en als ik die had, dan verlegde ik mijn blik naar onbereikbare studenten of oudere mannen. Met lieve bereikbare mannen werd het nooit wat. Ze waren te zeer zu haben, vooral als ze hondegedrag gingen vertonen.’

Je zegt dat er eigenlijk nooit iets veranderd is. Geloofjij dat je seksuele voorkeur in een vroeg stadium van je jeugd is bepaald? ‘Ik ben bang van wel, ja.
Het helpt niet echt om naar de psychiater te gaan, maar tegelijkertijd geloof ik erg in de psychologie. Je krijgt er een bepaald inzicht door.
Ik vrees dat ik iemand ben die het belangrijker vindt of iemand van mij houdt dan omgekeerd en dat is natuurlijk de dòod in de pot. Het is veel leuker om van iemand anders te houden. Bij voorkeur zou ik een relatie hebben met iemand die gelijkwaardig is, maar het lijkt wel of niemand daar echt op uit is. Tenminste niet als je zo'n verhouding ook nog een beetje spannend wil houden. Kameraderie is het beste voor iedereen, denk ik, maar het libido vliegt wel met een noodgang het raam uit.’
Wat betekent de liefde op dit moment voor jou?
'Bijzonder weinig. Ik ben kieskeuriger geworden, pas ook beter op mezelf. Vroeger deed ik gehoorzaam mee aan dat spel. Ik gedroeg me afwachtend, zat lief te luisteren, lachte beleefd, maakte zelf ook nog eens een grapje. Tegenwoordig heb ik daar geen geduld meer voor. Ik zeg waar het op staat, maar dan is het vaak wel meteen afgelopen.
Vroeger speelde ik de rol van hard to get, om zo'n man te manipuleren; tegenwoordig gaat het helemaal vanzelf. Ik heb zelf geen zin meer om zo hard van stapel te lopen. Relaties tussen mannen en vrouwen, ik heb er weinig fiducie in. Het lijkt wel of ze erop zijn ingericht om mannen het leukste tot hun recht te laten komen. Mannen willen geen evenknie, maar een vrouwtje. En voor de mannen die de boodschappen voor je doen, die zogenaamde hondemannen, voel je dan weer geen achting. Ik wil een man net zo leuk vinden als ik mezelf vind. Iemand met een vergelijkbare smaak en interessegebied. Ik wil respect voor een man opbrengen, maar vooral dat hij het ook voor mij heeft.’
BEN JIJ ERG romantisch van aard? 'Ja, eigenlijk wel. Met mijn hersens weet ik wel beter, maar het kleine meisje in mij, en dat zeg ik zonder enige zelfvertedering, haakt nog steeds naar een pappie. Je blijft altijd hopen op de liefde op het eerste gezicht, al slaat dat nergens op, want het moet allemaal in zijn voegen vallen.
Wat ik vreselijk aan mezelf vind is dat ik zo snel geïrriteerd raak. Ik kan weinig velen. Het moet iets met bindingsangst te maken hebben. Zodra de dingen te huiselijk worden, te dichtbij en te gewoon, dan denk ik: gadverdamme, wat verbeeldt-ie zich wel dat-ie zijn spaghetti zo opslurpt. Over het algemeen ergeren mannen zich veel minder aan mij dan ik aan hen. Alleen zolang een man voor mij onbereikbaar is, erger ik me niet.’
Maar je bent toch ook zestien jaar getrouwd geweest.
'Voor mijn gevoel leverde ik tamelijk veel in, maar ik was werkelijk verliefd op mijn man. Bovendien wilde ik graag kinderen en dat maakt een enorm verschil. Maar het draait in relaties altijd om de een of om de ander, en in de praktijk moest ik te veel inleveren. Dat hield ik niet vol. Je kunt nooit even veel van elkaar houden. Maar ik ben wel extreem over dit onderwerp. Ik ben heel lastig, kan onverzoenlijk zijn. Net als mijn moeder - die ergerde zich ook al zo aan mannen. Je verzet je er met hand en tand tegen, maar toch neem je zulke dingen van je ouders over. En ik vind het laakbaar om zo onverzoenlijk te zijn. Het onvermogen om erotiek en het dagelijks leven te kunnen combineren.
Je bent op zoek naar een tegenpool, maar daar kun je weer niet mee samenleven. Je voelt de intense behoefte aan een geestverwant, maar je kunt niet met je spiegelbeeld naar bed. Ik zou het allemaal nog wel opbrengen als je niet steeds met iemand naar bed moest. Zodra het mag, moet het ook altijd. Dat vind ik het onverdraaglijke aan seks. Zodra je met iemand een verhouding hebt, alles is in kannen en kruiken, dan moet je ook steeds. En dat vind ik een straf. Seks heeft voor mij ook met vijandigheid te maken, slapen met de vreemde. Eigenlijk is dat een soort mannelijke Casanova-drang die ik zeer verachtelijk vind. Ik denk al gauw: wat verbeelden die kereltjes zich wel? Zoals mijn moeder zei: “Zo'n ventje denkt dat-ie in aanmerking komt.” Langzamerhand denk ik: wat verbeeld ik mezèlf eigenlijk wel? Laat ik zelf eens een toontje lager zingen. Op een bepaalde leeftijd moet je niet zoveel noten meer op je zang hebben.’
HOE BEPALEND IS het voor jou geweest dat je niet door je eigen ouders bent opgevoed, maar doorpleegouders?
'Mijn ouders betekenden in mijn ogen het hoogste goed. Ze moesten wel erg bijzonder zijn, want ze wilden mij blijkbaar niet hebben. Het is het leidmotief in mijn bestaan. Mensen die mij niet willen hebben, dat moeten wel heel bijzondere en beminnenswaardige mensen zijn. Als ik erin zou slagen die te veroveren, dan ben ik klaar.’
Ben je als gevolg daarvan geneigd op mannen te vallen die je op de een of andere manier afwijzen? 'Ik heb nooit lang om iemand getreurd met wie het niet lukte. Het was me ook altijd duidelijk waar het aan lag. Ik blijf niet van iemand houden die dat gevoel niet kan beantwoorden.
Ooit ben ik een hele tijd in een verhouding blijven hangen, terwijl ik allang in de gaten had dat het er niet in zat. Maar het heeft me niet werkelijk aangetast. Mijn incasseringsvermogen is heel groot. Ik ga niet zitten treuren en bij de pakken neerzitten.’
Heb je verhoudingen gehad met getrouwde mannen?
'Niet vaak. Toen ik een jaar of vijfentwintig was, heb ik een verhouding gehad met een echte geestverwant. Hij was net een half jaar getrouwd en ik was door het dolle heen. Hij hoefde ook helemaal niet voor me te scheiden, want ik vond dat ik als the other woman de leukste rol had. Getrouwde vrouwen, dat kwam natuurlijk door mijn vader, vond ik zielig, want die zaten thuis met kinderen en werden belazerd. Kijk, mijn vader was een vrouwenman en dat wilde ik eigenlijk ook zijn.’
Denk je dat je gelukkiger was geweest als man? En wat voor man zou je zijn geweest?
'Ik geloof dat ik dan veel beter af was geweest. Voor een man is het gemakkelijker om getrouwd te zijn, een gezinnetje te hebben en vreemd te gaan. Als man zou ik een versierder zijn geworden en als vrouw kun je dat niet. Het zit niet in je natuur, al ben je dan ook in de geest iemand anders. Mannen kunnen het zich beter permitteren, al is het maar omdat ze een stuk minder lijden onder schuldgevoelens. Mannen willen thuis een moeder hebben. Ik begrijp het allemaal best, maar tegelijkertijd denk ik weer: wat verbeelden die kerels zich wel! ’
Is het zo dat jij in de eerste plaats concurreert met de mannen op wie je valt? En heeft dat gevoel met rancune te maken?
'Ja, ja, daar komt het eigenlijk op neer. Ik wil ze klein krijgen. Ze moeten vooral niet denken dat ze de kachel met me kunnen aanmaken of dat ze met de eerste de beste van doen hebben. Ik gun het ze niet. Ik zou er ook wel op af willen als ik op een terrasje zit. Het is bepaald jammer dat ik niet lesbisch ben. Ik heb wel eens iets met vrouwen gehad, maar ik vind het tamelijk onoverzichtelijk. Bovendien moet je er ook weer mee naar bed. Het idee was wel opwindend, maar in werkelijkheid vond ik het te technisch, teveel gedoe. Met vrouwen was het een soort samenspel, want ik was veel te schijterig om het heft in handen te nemen. Er was totaal geen seksuele spanning.’
Wat stoort jou het meest in het gedrag van mannen?’
Je hebt mannen die meteen bij het eerste gespek ongevraagd gaan zitten uitleggen wat zij allemaal niet willen. Ooit was ik bij een man die meedeelde dat hij er niet aan moest denken om hand in hand met een vrouw op een bankje naar de ondergaande zon te zitten kijken. Hij beschreef een soort schrikbeeld, maar tegelijkertijd impliceerde het wel dat ik op dat moment voortdurend zat uit te stralen dat ik dat zo graag wilde. Ik was diep beledigd. Het liefste had ik hem met de vlakke hand een klap in het gezicht gegeven, of nog liever een vuistslag. Waarschijnlijk was ik ook gewoon beledigd dat hij niet willoos overgeleverd verliefd op mij werd, zodat ik die opmerking kon plaatsen. Je krijgt niet eens de kans.
Bovendien is het idioot dat je je hele leven rekening moet houden met de bindingsangst van mannen, terwijl je daar zelf net zo goed onder lijdt. Als vrouw knap je net zo goed af als iemand te hard achter je aan loopt.’
WAT ZIE JlJ zelf als de grootste obstakels voorjou in de liefde?
'Ik lijd onder die enorme ergernissen. Zodra ik me ga ergeren, lijd ik daaronder, want die ander weet van niets en dat vind ik dan zielig. Een heleboel mensen denken dat ik een soort bitch ben, maar ik neem mezelf helemaal niet serieus als fatale vrouw. Ik heb gauw medelijden en last van schuldgevoelens. Ik schrik me iedere keer rot van die nare ergernis en die onverzoenlijkheid. Gadverdamme, daar heb je het weer. Het is autodestructief. Ik maak de ander niet kapot, ik maak mezelf ermee kapot. Ongetwijfeld doe je een ander wel verdriet, maar jezelf nog het meest.
Bovendien heb ik een onvermogen tot calculeren. Ik bedenk nooit dat ik ergens beter van kan worden of dat het een mooie investering voor de oude dag is. Nee hoor, de beuk moet er meteen in, zodat het weer afgelopen is.’
Hou jij altijd controle in de liefde?
'Nee, helemaal niet, maar de laatste tijd wel. Het is een kaal bestaan. Heel saai. Er gebeurt in het leven alleen iets als je je ergens in gooit, maar op deze leeftijd vind ik dat te riskant. Je zou jezelf weleens belachelijk kunnen maken. Ik vind niets zieligers dan oudere vrouwen die op jacht zijn.’
Kennelijk denk je dat je nu gemakkelijker afgewezen kunt worden dan vroeger. 'Ja, maar dat vind ik een vervelend onderwerp van gesprek. Mannen willen met vrouwen naar bed en het liefst met jonge vrouwen. Iemand moet dan wel heel erg op mij vallen, het gaat dan toch meer om de persoonlijkheid, maar je bent niet meer zo lekker als vroeger. Een jonge lastige vrouw is toch leuker dan een lastig oud wijf, denk ik dan. Ik wil geen bittere praatjes ophangen, maar al dat weigeren om concessies te doen betekent misschien toch dat je eenzaam wordt op oudere leeftijd. Het liefste wil iedereen toch graag met een ander gezellig oud worden. Klassieke muziek, over boeken praten en mooie wandelingen maken. Ik schiet bijna vol. Maar het is niet te combineren met dat gedwongen neuken. Altijd die spanning. Vanavond dan maar wel, dan heb je tenminste een aardig weekend. Ik ga zo'n man haten. Mijn probleem is: ik kan het eenvoudigweg niet. Ik zit niet flink te doen over het weigeren om water in de wijn te doen of een compromis te sluiten. Ik heb zulke leuke mannen gehad, de leukste zo ongeveer, maar ook die moesten weer weg. Ik ben er helemaal niet trots op. Integendeel, ik heb er spijt van dat ik niet wat beter voor mezelf ben geweest. Een femme fatale ben ik alleen voor mezelf.’
Hoop je nog iemand tegen te komen met wie je een relatie kunt hebben? 'Natuurlijk wil ik graag gelukkig zijn. Ik heb nog steeds de hang om een gewone gelukkige vrouw te zijn in plaats van een kwaad wijf. Maar ik laat me geen oor meer aannaaien. Ik ben uitgesprokener geworden, fermer, ik kap de dingen heel snel af. Maar normaal gesproken hoort er toch een zekere mildheid bij deze leeftijd. Je zou wat flexibeler moeten zijn en iemand een kans geven. Maar het lijkt net alsof dat steeds moeilijker wordt. Je hersens willen wel flexibel zijn, maar je wezen kan er niet in meegaan. Ik wil absoluut niet op mijn moeder lijken - die is alleen geëindigd. Het betekent aan de ene kant een soort schrikbeeld, maar ik gedraag me wel degelijk als iemand die alleen wil zijn. Laatst moest ik een stuk schrijven over een vrijgezellenavond en ik bezocht een avond voor alleenstaanden op landgoed Dennenburg. Wat was dat onthullend! Mensen die er onverholen voor uit staan te komen dat ze iemand willen. Niemand zet daar een hard to-get-gezicht, maar open, lief en gretig. Het gaf mij een enorm gevoel van macht: ik wil lekker niet en jullie wel.
Mijn probleem is dat ik eigenlijk heel graag met iemand zou willen samenwonen, maar ik wil er niet graag voor uitkomen. Als mannen heel erg leuk zijn, gun ik ze niet dat ze leuk zijn. Laat hij maar eens zien hoe leuk ik ben, denk ik dan. Fnuikend is het zeker niet. Eerder is mijn leven nu een beetje kaal en gelijkmatig. Alsof je je verheugd hebt om op een avond lekker door te zakken en je vervolgens besluit om niet te drinken. Wat ben ik toch een verstandige, gelijkmatige, aardige, wijze vrouw, denk ik dan, maar je verveelt je met jezelf. Het illusievolle, romantische meisje heb je in jezelf om zeep geholpen.’
Ben je ooit weleens doodongelukkig geweest over een verloren liefde?
'Nee, eigenlijk niet. Als ik ongelukkig was, dan was dat eerder om mezelf. Over de manier waarop ik in het leven stond. Altijd dat gevoel van falen en schuld, en tekortschieten. lk leed niet onder het idee dat iemand wel of niet van me hield. Ik vond dat ik zelf niet genoeg van een ander kon houden. Daarom ben ik ook zo dolblij dat ik wel veel van mijn kinderen houd. Daar kan ik onbaatzuchtigheid voor opbrengen.’
Stel dat het mogelijk was de seksualteit uit een verhouding te schrappen? Een man met een ingrijpende oorlogswond. Zou dat helpen?
'Ja, misschien wel. Aan de andere kant ga je je dan weer verbeelden dat je enorme behoefte hebt aan seks en dan neem je weer iemand buiten de deur. Vroeger met vriendjes zat ik ze afgewend af te trekken, omdat ik het zielig vond als ze een erectie hadden. Ik dacht te weinig aan mezelf. Pas als ik dan weer getrouwd was, werd ik dat vervelende, veeleisende wijfje met de bijbehorende schuldgevoelens.’
Is het niet zo dat je geneigd bent buitengewoon veel belang aan seks toe te kennen?
'Ja, inderdaad. Het is lekker en vies tegelijk. Maar als bijvoorbeeld iemand heel hard klaarkomt in je oor, dan knap ik ook af. Ik kan me alleen uitleveren aan iemand die toch op de een of andere manier mijn mindere is. Dan is het een stuk minder gevaarlijk.’