Jamal Ouariachi, Vertedering

Een gekke afspraak

Vertedering is een dikke roman. Het is een omvang die je als schrijver moet waarmaken. Aan één kant kan dik ambitie betekenen, het lef van de grote greep, aan de andere kant ongebreideldheid, onvermogen te kiezen. Voor deze tweede roman van Jamal Ouariachi, die drie jaar geleden debuteerde met het – eveneens omvangrijke – De vernietiging van Prosper Morèl, geldt beide.

Jamal Ouariachi, Vertedering, € 19,95
e-book, € 14,99

Wat pleit voor de roman is de zorgvuldigheid van de compositie en de ernst waarmee een kwestie wordt onderzocht. Tegelijkertijd ligt er voort­durend een soort verveling op de loer, een irritatie aan een teveel aan voorspelbare taferelen. Dat heeft weer veel te maken met de schrijfstijl van Ouariachi, die wel precies is maar ook een beetje grijs.

In het eerste deel maken we kennis met een tamelijk ongelukkige man, aan de vooravond van zijn dertigste verjaardag. Hij is gesjeesd in zijn studie, heeft geprobeerd een café op te ­zetten, en is inmiddels gevangen in de sleur van het kantoorbestaan. Hij werkt op de ­postkamer van een grote tijdschriftenuitgeverij, ergens buiten de stad in een of ander kantoorpark. Het boek begint ermee dat hij een mand met jonge katjes vindt op het bedrijventerrein, zomaar ­achter­gelaten door iemand. Wie doet nou zoiets? vraagt de hoofdpersoon, die ruim 360 ­bladzijden lang naamloos blijft, zich af. Dat naamloze was mij trouwens niet opgevallen tot ik voor deze ­recensie ging zoeken naar zijn naam. En nu denk ik dat het feit dat hij geen naam heeft wel een speciale betekenis moet hebben, iets in de sfeer van inwisselbaarheid, of van een exempel-achtig verhaal. De ­nadrukkelijkheid hiervan past bij de omvang van de roman: dit is niet zomaar een verhaal, dit is hét verhaal. Van man en vrouw, en hun onverenigbaarheid.

Die mand met kittens dus, die vervolgens ook zomaar weer wordt achtergelaten door de hoofdpersoon. Wie doet nou zoiets? kan de lezer zich vervolgens net zo hard afvragen. Iemand die moeite heeft zich te binden. Of bang is voor intimiteit, verantwoordelijkheid. Maar ook niet helemáál raar is. En dus wel melk koopt, en zich verdiept in de zorg die jonge katjes nodig hebben. Zelfs neemt hij uiteindelijk toch het katje dat ontstoken oogjes lijkt te hebben mee naar huis. En naar het werk. En naar het café. En kijk. De vertedering die het beestje oproept slaat zomaar over op hem. En dus heeft hij, herstellende van een vorige langdurige relatie, zowaar weer beet. Zerline – what’s in a name – lijkt de droomvrouw: mooi, lief, intelligent. En verliefd, op hem.

Iets wringt in Vertedering. Wat is er mooier dan dat, zou je op zich kunnen denken. Literatuur hoort te wringen. Maar in het geval van dit uitgemeten verhaal over wat zich aandient als de wederwaardigheden van a suitable case for treatment, is er voortdurend een gevecht tussen geloofwaardigheid en absurdisme. De hoofdpersoon blijkt een probleem te hebben met het beheersen van zijn agressie. Zijn vorige liefde heeft hij bijna gewurgd, en nu, met Zerline, ligt ook het geweld voortdurend op de loer. In het beschrijven van relationele ellende betoont Ouariachi zich een meester. Geen ‘waar denk je aan?’ wordt ons bij wijze van spreken bespaard. De hoofdpersoon wil zich wel binden, maar eigenlijk ook niet. De vrouw is er om voort­durend aan zijn hoofd te zeiken dat hij een egoïst is, het bloed onder zijn nagels vandaan te halen als hij gewoon even wil bijkomen van een avondje stappen met zijn vrienden.

Vertedering is in potentie een indringende roman, puur omdat het samenzijn van man en vrouw zo genadeloos wordt neergezet. Liefde is een flinterdun laagje, een gekke afspraak die weliswaar tot een soort rust leidt, maar ook allerlei verplichtingen met zich meebrengt. Inperkingen. Het is sterk de vraag of je uiteindelijk in je eentje niet beter af bent. Tegelijkertijd maakt de schrijver deze vraag van meet af aan iets minder interessant door zijn hoofd­personage neer te zetten als een verliezer. Hij is op geen enkele manier gelukkig. Zozeer dat het een wonder is dat hij een vrouw treft die wildverliefd op hem wordt. En ook als deze relatie op de klippen loopt, blijkt er weer een vrouw voorhanden, zelfs eentje die al twee jaar lang heimelijk verliefd op hem is.

Nu is geloofwaardigheid ook niet alles. In het derde deel voert het absurdisme de boventoon, als de hoofdpersoon een remedie zoekt om zijn agressie in te dammen. De ironische toets die wordt gezocht met behulp van de damesbladenwijsheden waarmee hij op de werkvloer wordt geconfronteerd, heeft op zich wel iets sympathieks.

Op zich, in potentie, au fond. Ik merk dat ik verzachtende bewoordingen zoek voor een roman die een serieuze gooi doet, maar uiteindelijk geen doel treft. Waar dat dan mee te maken heeft, dat niet-doel-treffen bedoel ik? Omslachtigheid, dat allereerst. Veel te veel gewoonheid, alles ook nog eens zo gewoon opgeschreven. Dit varieert van de ergernis aan de drukte in een restaurant dat net een 9+ heeft ontvangen van de lokale culinair recensent, tot de opwinding over hoeveel mensen er gemiddeld gewond raken door vuurwerk, hoe dat komt en wat ertegen gedaan kan worden. Daarnaast de uitgesponnenheid van de psychologie, compleet met stof uit leerboeken. Hoe had hij dat meisje kunnen slaan? vraagt de hoofdpersoon zich af. Om zelf tot de conclusie te komen dat hij geen kern heeft. Dat hij niet meer is dan een samenraapsel van opvattingen, omstandigheden waar hij geen vat op heeft. Het lijkt me dat de schrijver en zijn verteller hier elkaar te zeer in de weg zijn gaan zitten.


Jamal Ouariachi
Vertedering
Querido, 368 blz., € 18,95