Economie

Een gevaarlijk mengsel

Voordat Amy Chua Strijdlied van de tijgermoeder schreef, publiceerde ze World on Fire. Ik heb me nooit verdiept in tijgermoeders, maar World on Fire heb ik gespeld.

Chua, hoogleraar in Yale, poneerde een originele stelling, op z’n Amerikaans vervat in de ondertitel: How Exporting Free Market Democracy Breeds Ethnic Hatred and Global Instability. Op het groeiende ongenoegen over globalisering (denk aan de wto-protesten in Seattle in 1999) reageerden de meeste economen in die tijd vooral met nog eens geduldig uitleggen dat vrijhandel echt goed voor iedereen is. Voor wie dat niet bevredigend vond, was het alternatief een oud-links discours waarin het grootkapitaal ons bestaan bedreigt. Chua deed het anders. Haar theorie laat die voordelen van handel onverlet. Maar ze verklaarde ook de weerzin ertegen, zonder de tegenstanders als onnozelaars weg te zetten. Haar boek ging over wat in het globaliseringsjargon ‘opkomende’ economieën worden genoemd, eertijds de Derde Wereld. Ik moest eraan denken toen Trump gekozen werd. Wat vroeger voor de Derde Wereld gold, geldt steeds meer voor het Westen.

Globalisering, de toename van handel en kapitaalstromen, leidt gemiddeld tot hogere inkomensgroei. Maar het probleem, volgens Chua, is dat er in vrijwel elke opkomende economie een etnische elite is die de contacten met de buitenwereld monopoliseert en de geldstromen beheerst. Chinezen in Azië, Libanezen in westelijk Afrika, Indiërs in oostelijk Afrika, blanken in Latijns-Amerika, Tutsi’s in Burundi, soennieten in Irak. Dat leidt tot spanningen met de meerderheid die in een dictatuur nog onderdrukt konden worden, maar niet als dictaturen verzwakken door toenemende democratisering. Juist dat gebeurde in de ‘democratiseringsgolf’ die veel Aziatische en vooral Afrikaanse landen in de jaren negentig kenden. Binnenlandse verdeeldheid vormt in combinatie met globalisering en democratisering volgens Chua een gevaarlijk mengsel dat tot lokale en regionale instabiliteit – van rellen tot burgeroorlogen – heeft geleid.

De vijver waarin we met elkaar leven is niet eindeloos groot

Het is politieke economie op z’n best, en in principe ook toetsbaar. Globalisering, de ernst van onlusten, de etnische component van ongelijkheid, het is allemaal meetbaar. Met Richard Jong-A-Pin publiceerde ik erover. Het blijkt dat Chua’s idee klopt voor Afrikaanse landen, inderdaad juist het deel van de wereld waar de democratiseringsgolf het sterkst was. De les: als te veel mensen te lang te weinig mee delen in de baten van globalisering wordt democratie een gevaar voor de stabiliteit van een land.

Wat ooit een verhaal voor ver weg leek, komt nu dichtbij. De neoliberale variant van globalisering is als een steen in een vijver. Het epicentrum blijft lang ongemoeid maar wordt uiteindelijk toch geraakt. De golven trekken eerst in concentrische kringen naar buiten. In 1979 had je de ‘Volcker Shock’, de ongenadige verhoging van de rente in de VS onder Federal Reserve-president Paul Volcker. Die luidde de schuldencrisis van de (toen nog) Derde Wereld in. Een volgende steen was de liberalisering en wildgroei van financiële markten. In de volgende twee decennia ondergingen de opkomende economieën tientallen financiële crises, waarvan de Aziatische in 1997 de ergste was. Het Westen bleef relatief ongemoeid. De savings and loans crisis van de jaren tachtig en de dotcom bubble waren het ernstigste dat Amerika en Europa overkwam. Sinds 2008 zijn ook hier de rapen gaar. De vijver waarin we met elkaar leven is niet eindeloos groot. Je kunt geen stenen blijven gooien zonder ooit iets terug te krijgen. De concentrische kringen van financiële chaos zijn terug komen klotsen, Europa en Amerika in. We kregen de zwaarste recessie in tachtig jaar.

Gaat de financiële globalisering nu ook gevolgen hebben voor ons politieke systeem en voor de stabiliteit van onze samenleving, zoals Chua denkt? De elite kan hier niet etnisch geprofileerd worden, maar verder zijn alle ingrediënten aanwezig: globalisering, een minderheid die buitensporig profiteerde, breed gedragen onlustgevoelens, afwezigheid van effectieve repressie. Volgens Chua duurt het dan niet lang of je moet kiezen om onlusten te voorkomen: minder democratie of minder globalisering. Trump vertegenwoordigt het laatste. Maar hij heeft evenmin veel op met democratische verscheidenheid, en dat geldt ook voor zijn bewonderaars. Le Pen staat klaar, één op de vijf Fransen heeft liever een dictatuur dan een democratie, de pvv huldigt het leidersprincipe. Als Chua’s verhaal ook voor Europa en Amerika geldt, dan moeten we kiezen. Minder democratie of minder neoliberale globalisering, die de ongelijkheid vergroot. Kiezen we niet, dan zetten we beide op het spel.