Een goed medicijn tegen cynisme

Een kleine jongen trapt tegen een bal en twee meisjes rennen vrolijk gillend rond. Ze zijn zich niet bewust van het schouwspel dat zich in de naastgelegen zaal voltrekt: de strijd om hun toekomst, die vurig wordt gestreden door hun ouders in het kader van de G1000.

Op 11 november vond in Brussel de G1000 plaats, een bijeenkomst van duizend willekeurig gekozen Belgische burgers die op democratische wijze proberen een oplossing te vinden voor de verschillende problemen waar het land mee kampt. De G1000 is aanvankelijk ontstaan als antwoord op de politieke impasse in België, dat al bijna anderhalf jaar geen regering heeft. België is echter niet het enige land dat democratisch verlamd is, stelt initiatiefnemer David van Reybrouck: ook in landen als Nederland en Groot-Brittannië verliep de formatie van een regering uiterst moeizaam. Deze dag is een poging om op positieve wijze nieuw leven te blazen in een democratisch model dat sinds 1831 vrijwel ongewijzigd is gebleven, zo valt te lezen in het manifest van de G1000-beweging. Peter Vermeersch, professor politieke wetenschappen aan de KU Leuven en betrokken bij de G1000-organisatie, licht het proces nader toe: ‘Binnen de huidige democratie in dit land worden de mogelijkheden van burgerschap onderschat. Er is slechts de keuze tussen actief en passief meedoen: je stemt op een politieke partij of je doet dat niet. Je hebt geen mogelijkheid om je stem toe te lichten, maar kunt je stem slechts afgeven aan een partij die er vervolgens zelf mee aan de slag gaat volgens hun eigen overtuigingen.’ Volgens Vermeersch ligt de kracht van de G1000 in het feit dat burgers geen politiek belang hebben bij hun handelen, waardoor ze vrijer kunnen beslissen dan politici.

In de aanloop naar deze dag zijn er op de website van de G1000 ongeveer vijfduizend voorstellen binnengekomen voor de problemen waarover gedebatteerd kon worden door de burgers. Uit deze voorstellen is een selectie gemaakt van 25 voorstellen die het vaakst werden genoemd, en deze lijst is uiteindelijk teruggebracht tot drie discussiethema’s: sociale zekerheid, herverdeling van de welvaart in tijden van financiële crisis en het migratiebeleid. 'Het is opvallend dat de kwestie-BHV, de splitsing van het kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde, slechts negentien keer is genoemd in een totaal van vijfduizend voorstellen’, merkt Vermeersch op. 'Dit toont aan dat deze kwestie vooral van belang is voor politici, maar nauwelijks leeft onder de bevolking.’

In groepen van tien gingen de burgers simultaan in debat over deze vragen, en probeerden hier samen een antwoord op te formuleren. Deze antwoorden werden verzameld, zodat tot slot alle aanwezigen hun stem uit konden brengen op wat zij individueel als beste oplossing zien. Het aanwezige publiek is willekeurig gekozen, maar de organisatie heeft wel getracht om deze groep tot een representatieve afspiegeling van de totale bevolking te maken door quota te hanteren die overeenstemmen met demografische kenmerken van de Belgische bevolking. Een eerste wandeling door de hal leert dat ze hier niet volledig in zijn geslaagd: het aanwezige gezelschap is weliswaar zeer divers, maar vooral de jeugd en de allochtone bevolking lijken ondervertegenwoordigd. Tijdens een oefenronde met de stemkastjes wordt de scheve verhouding in leeftijdsverdeling bevestigd: het overgrote deel van de aanwezigen, zo'n zeventig procent, geeft aan tussen de dertig en zestig jaar oud te zijn. Al snel blijkt ook dat het aantal van duizend burgers niet gehaald is: ongeveer driehonderd inwoners zijn uiteindelijk niet komen opdagen.

De kloof tussen politici en burgers wordt door vele aanwezigen benoemd als een belangrijke reden voor hun komst. Zo verklaart Veronique Maten (43), woonachtig in St. Amandsberg, in onvrede te leven met het huidige systeem. 'De politiek staat te ver af van de burgers. Ik hoop dat uit deze dag een meer structurele oplossing voor dit probleem zal volgen.’ Haar tafelgenoot Jef Theunis (59), afkomstig uit Diepenbeek, beaamt de afstand tussen de landsbestuurders en de inwoners. 'De kwestie-BHV gaat over mandaten en over macht, en is alleen van belang voor politici. Onder de burgers leeft dit probleem totaal niet. Wat hier wordt besproken zijn authentieke problemen die de inwoners echt aan het hart gaan. Het is een stap die nodig was.’

De centrale doelstelling van de G1000 was het mogelijk maken van een dialoog tussen alle lagen van de bevolking, waarbij de praktische problemen met bevlogen idealisme werden opgelost. Een belangrijke kwestie hierbij was de taalbarrière. De deelnemers waren gezeteld aan Nederlands- en Franstalige tafels, maar er waren ook gemengde tafels met een tolk. Er was zelfs aan een kinderopvang gedacht, voor de burgers die graag wilden deelnemen maar hun kroost niet alleen konden laten. De idealistische verbondenheid leidde ook gedurende de dag tot nieuwe initiatieven: zo wordt er ad hoc een carpoolwand opgestart, waar mensen zich kunnen opgeven als ze plekken vrij hebben in hun auto wanneer ze tegen de avond weer huiswaarts zullen keren.

De G1000 blijkt uiteindelijk een leerzaam en inspirerend experiment, ook al komt de dag niet op alle vlakken uit de verf. Dat bijna eenderde van de genodigden uiteindelijk besloot om thuis te blijven is jammer, te meer omdat dit ook gevolgen heeft voor de representativiteit van de groep burgers die wél aanwezig zijn. Desondanks is het inspirerend om een democratie op deze manier aan het werk te zien. Het is politiek met een menselijk gezicht: een samenleving in het klein die zich met veel geduld en respect voor uiteenlopende meningen buigt over haar grootste problemen. De constructieve sfeer resulteert uiteindelijk in een duidelijk voelbare euforie.

'Ik ben erg blij dat ik dit vandaag heb meegemaakt’, verklaart Delphine Lebaeu (42), woonachtig in Nivelles. 'Ik geloof in politici en ben ervan overtuigd dat ze met hun hart handelen. Vandaag heb ik echter een mooie aanvulling gezien op het politieke proces, en ik zie toekomst in een structurele herhaling - bijvoorbeeld door een groep burgers aan te stellen die controleert of politici zich houden aan wat ze beloven te doen.’ Herman Willekens (44), uit Dendermonde, kijkt ook tevreden terug op de dag. 'Het was verfrissend om in debat te gaan met mensen met een andere overtuiging. Binnen de kring van mensen in je dagelijks leven ben je het vaak snel met elkaar eens, maar vandaag werkte de confrontatie erg prikkelend.’

Het publiek is afgemat aan het einde, maar zeer voldaan en dankbaar. Tijdens de slotceremonie krijgt de organisatie meerdere keren een gemeende staande ovatie van de aanwezigen. Het toont eens te meer aan dat democratie een moeilijk en stroperig proces is, maar met genoeg goede wil is er heel veel mogelijk. De ideeën die deze dag zijn verzameld worden verder uitgewerkt door de G32: een kleinere groep burgers die willekeurig wordt geselecteerd uit de aanwezigen van deze dag. Of dit experiment ook nog tot concrete veranderingen in België gaat leiden is nog niet te voorzien, maar deze dag heeft wel aangetoond dat het aangaan van een dialoog van onschatbare waarde is voor een democratische samenleving. 'Wat me vandaag het meest heeft verrast was de tolerantie. Iedereen stond open voor ideeën die niet overeenkwamen met hun eigen mening’, verklaart Delphine Lebaeu. 'Ik geloof weer in andere mensen.’


Andy Leenen bezocht de G1000 op uitnodiging van deBuren