Hoe Uber met Nederlandse bv’s wereldwijd belastingen ontwijkt

Een goedkoop ritje

Taxibedrijf en maaltijdbezorger Uber betaalt wereldwijd nauwelijks belasting, met dank aan Nederlandse bv’s. Lokale overheden lopen zo vele tientallen miljoenen dollars mis.

Sydney Airport, Australië © James D. Morgan / Getty Images

De auto is onaantastbaar in Australië. Brede straten, nauwelijks fietsers, meer dan genoeg parkeerplekken en uitstekende wegen. Het land ter grootte van een continent is volledig ingericht op de auto. Op de virtuele kaart van Sydney komt het stipje van de Uber-chauffeur dan ook vliegensvlug dichterbij. Deze zomeravond is de opstapplek Bondi Beach, het beroemde stadsstrand van Sydney. De auto’s van Uber in Australië zijn meestal witte Toyota’s, de chauffeurs zijn veelal immigrantenzonen uit de westelijke wijken van de stad, waar het gemiddelde inkomen beduidend lager ligt dan in de villawijken aan de Stille Oceaan.

Tijdens de rit richting studentenwijk Newtown waait de zeelucht door het open raam naar binnen. Vanaf de weg is er uitzicht op de baai waarin Sydney verscholen ligt. Over het water glijden de pontjes die cruciaal zijn voor het openbaar vervoer in de stad. Even is de beroemde Harbour Bridge te zien, in 1932 opgeleverd na een kolossale overheidsinvestering, die pas vijftig jaar later was afbetaald. Begin jaren negentig bouwde de stad voor zo’n zevenhonderd miljoen dollar nog een tunnel onder de haven. Boven de bomen branden de stadionlichten van de Sydney Cricket Ground, heilige grond voor sportminnende Australiërs. Het stadion is publiek bezit.

De Uber-chauffeur parkeert aan het begin van King St, de drukke uitgaansstraat in Newtown, in de schaduw van de torens van University of Sydney, waar de stad haar volgende generatie dokters, kunstenaars en advocaten opleidt. Afrekenen bij de bestuurder is niet nodig: de betaling gaat automatisch per creditcard. De chauffeur zegt vriendelijk gedag. Thanks, mate.

De 35 Australische dollar die het ritje kost staat een fractie van een seconde later op de rekening van Uber NL Holdings 1 BV, dertig procent gaat daarna meteen weer naar de Australische chauffeur. De Nederlandse holding, waaronder weer minstens vijftig andere Uber-bv’s vallen, vormt het hart van het financiële systeem van het taxi- en maaltijdbezorgingsbedrijf, blijkt uit het onderzoek ‘Taken for a ride’ dat de Australische ngo Centre for International Corporate Tax Accountability and Research (cictar) voor de fnv uitvoerde. Bij deze Nederlandse bv komt namelijk de wereldwijde omzet van Uber terecht (met uitzondering van China en Amerika), in 2019 totaal 5,8 miljard dollar, terwijl er tegelijkertijd op papier een verlies van 4,5 miljard dollar wordt gemaakt. Het gevolg: Uber betaalt in alle landen waar het actief is geen of nauwelijks winstbelasting.

‘Dit is de Champions League van de belastingontwijking’, concludeert Jason Ward van cictar. ‘Het is wettelijk allemaal toegestaan en tegelijkertijd volstrekt amoreel.’ Want of het nu de bruggen of de peperdure tunnel in Sydney is, of de verkeerslichten en verkeersagenten in Calcutta, Uber betaalt geen cent mee aan de infrastructuur waarvan zijn taxirijders en maaltijdbezorgers naar hartenlust gebruikmaken.

‘Dit is wettelijk allemaal toegestaan en tegelijkertijd volstrekt amoreel’

‘Het is opvallend dat vooral voormalige start-ups en grote internationale techbedrijven dit soort ethisch laakbare constructies verzinnen om zo min mogelijk belasting te betalen’, reageert Arjan Lejour, hoogleraar belastingen en openbare financiën aan Tilburg University. ‘Starbucks staat erom bekend en ook Google ontweek lange tijd via Nederland de belastingen. Bij deze bedrijven staat winstmaximalisatie voorop en de productiefactoren zijn mobiel. Financiële stromen zijn gemakkelijk te verleggen. Bovendien lijkt het interne besef te ontbreken dat je met belastingen ook iets aan de maatschappij bijdraagt.’

Over onderdelen van Ubers belastingontwijking zijn in de financiële pers al wel berichten verschenen, het nog niet officieel verschenen cictar-onderzoek laat echter de enorme omvang en de samenhang zien van het systeem. De Nederlandse route startte toen Uber in 2019 het intellectueel eigendom van bijvoorbeeld het beeldmerk en de app verplaatste van de Bermuda’s naar Nederland. Deze ‘verkoop’ werd gefinancierd met een interne lening van een Uber-bedrijf in Singapore van 16 miljard dollar, tegen de reguliere driemaandelijkse libor-rente, met een opslag van zes procent. Deze lening zorgt in Nederland voor een belastingaftrek van jaarlijks een miljard dollar voor de komende twintig jaar.

De nationale Uber-bedrijven wereldwijd betalen ook verhoudingsgewijs enorme bedragen voor de administratie (58 procent van de omzet) en het intellectueel eigendom en zijn daardoor bijna allemaal op papier verliesgevend. De Australische regering liep op deze manier vorig jaar ruim 39 miljoen dollar aan vennootschapsbelasting mis, berekende cictar op basis van openbare bronnen. Wereldwijd gaat het naar schatting om 556 miljoen aan belasting die op deze manier ontweken wordt. Winst maakt Uber in de allesoverkoepelende bv in Singapore – een belastingparadijs.

Het kostte cictar grote moeite om Ubers financiële systeem in kaart te brengen, omdat grote delen volstrekt niet transparant zijn. In het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld, is Uber erin geslaagd om aangemerkt te worden als midden- en kleinbedrijf. ‘Daardoor hoeft Uber hier zijn financiële verslag niet openbaar te maken’, ontdekte Ward. Wat betreft wereldwijde financiële stromen is Uber te vergelijken met een internationale bank, constateert de belastingonderzoeker, maar het bedrijf hoeft zich volstrekt niet aan de geldende bankregels te houden. ‘Nergens vindt adequate controle plaats.’ Nederland verdient ook niets aan de vele Uber-bv’s binnen zijn grenzen, weet Ward. ‘Voor Uber zijn jullie een belastingparadijs. De enige die hoge rekeningen stuurt is accountantskantoor PricewaterhouseCoopers (PwC) dat bij deze financiële constructie betrokken is.’

Hoe kan deze internationale belastingontwijking aangepakt worden? Wat kan Nederland doen? ‘Op zich zitten jullie in Europa op het goede spoor’, antwoordt Ward. ‘De EU wil internationale bedrijven verplichten om openbaar te maken hoeveel belasting ze betalen in elk land waar ze aanwezig zijn. Dat is een goed begin, want je mag hopen dat bedrijven als Uber imagoschade vrezen en onder druk van de publieke opinie wel belasting gaan betalen.’ Nederland zou ondertussen de controle op de Uber-bv’s wel wat mogen versterken, vindt de cictar-medewerker. Zo trof hij bij de Kamer van Koophandel veel Uber-bv’s aan die nog nooit een jaarverslag hadden ingeleverd – wat wel verplicht is.

‘Britse Uber-chauffeurs hebben nu ook recht op werknemersrechten. Dat is een begin’

Ook op het gebied van wetgeving zou er nog wel wat aangescherpt mogen worden, vindt de Australiër. ‘In sommige landen is het bijvoorbeeld verboden om bv’s alleen voor het ontwijken van belastingen te gebruiken, als financiële constructie. Dat zou in Nederland ook kunnen.’

‘We hebben natuurlijk in Nederland wel dit jaar de bronbelasting op intellectueel eigendom en rentes ingevoerd’, weet Arjan Lejour, ‘maar die geldt maar voor ongeveer 25 landen. Singapore staat niet op die lijst en zo ontspringt Uber de dans.’ Wel vallen er volgens de Tilburgse hoogleraar vraagtekens te zetten bij de opslag van zes procent die het bedrijf voor de interne lening berekent. ‘Het verbaast me zeer dat de Nederlandse Belastingdienst daarmee akkoord is gegaan.’ De techbedrijven maken optimaal gebruik van de belastingversoepelingen die nationale overheden in de vorige eeuw hebben ingevoerd, stelt Lejour. ‘Men was zo bang dat multinationals dubbel belast werden, dat ze nu dubbel keer niets betalen.’

‘Internationale maatregelen zullen de belang-rijkste oplossingen voor dit soort belastingontwijking moeten bieden’, reageert Reinier Asscheman die vanuit de fnv het cictar-onderzoek begeleidde. ‘Bedrijven als Uber weten altijd sluiproutes te vinden om nationale belastingwetgeving te ontlopen.’ Als voorbeeld haalt hij de strapatsen van Uber in India aan, die in het rapport beschreven worden.

In 2016 voerde de Indiase regering een extra belasting in voor internationale bedrijven die zich permanent in het land hadden gevestigd. Uit het onderzoek blijkt nu dat Uber India Systems Private Limited (uispl), de grootste Indiase dochteronderneming van Uber, in het jaar 2018-2019 slechts 320 miljoen Indiase roepie (nu 3,5 miljoen euro) aan deze belasting betaalde. Nog geen derde van de wettelijk vastgestelde zes procent. Aan belasting betaalde Uber India 233 miljoen Indiase roepie (2,6 miljoen euro), terwijl het in het land 8,9 miljard Indiase roepie (98 miljoen euro) aan inkomsten heeft. Slechts 2,6 procent dus.

‘Uber is een geweldige app’, zegt Asscheman van de fnv, ‘maar de wereld erachter is erop gericht om overal in de wereld zo min mogelijk belasting te betalen. Zelfs als een land als India maatregelen neemt om techbedrijven ook aan de maatschappij te laten bijdragen, dan weet Uber daar ook weer grotendeels onderuit te komen.’ Tegen de belastingontwijking door multinationals moeten in de EU en de oeso (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) maatregelen genomen worden, vindt de fnv’er. ‘Als het een sterk land als India al niet lukt om Uber echt te laten betalen, hoe denk je dat het gaat in ontwikkelingslanden?’

Voor de verre toekomst biedt internationale samenwerking zeker hoop, vindt ook Arjan Lejour. ‘In de oeso en de G20 wordt gesproken over een minimumtarief voor de winstbelasting, maar beter zou een systeem zijn waarbij de wereldwijde winst van een multinational op één plek wordt vastgesteld en dat daarover naar rato in de verschillende landen belasting wordt geheven. Het is mooi dat Biden zich nu heeft uitgesproken over het belasten van grote multinationals. Want als grote landen zich erachter plaatsen, is zo’n internationaal belastingsysteem zeker niet kansloos.’

Winstbelasting is overigens niet de enige overheidsregulering die Uber ontwijkt. Doordat het bedrijf taxichauffeurs en maaltijdbezorgers als zzp’ers beschouwt – en niet als werknemers – ontliep het bedrijf vorig jaar in Nederland minstens 29 miljoen euro aan belastingen en sociale premies, becijferde de fnv in een witboek. ‘Gelukkig zien we wel een kentering als het gaat om dit soort platformbedrijven’, zegt Asscheman. ‘Tot voor kort stond iedereen te juichen bij de activiteiten van Amazon en Uber, maar men ziet nu ook de schaduwkanten. Het Brits Hooggerechtshof heeft in februari geoordeeld dat Britse Uber-chauffeurs ook recht hebben op werknemersrechten. Dat is een begin. Ook in Nederland zijn we hierover een rechtszaak begonnen die helemaal niet kansloos is. Want iedereen ziet nu wel in dat het ontwijken van belastingen en werknemerspremies ons sociale stelsel ondermijnt.’


Met medewerking van Maarten van Dun (Australië)