Zoals eerder in dit blad gemeld, was de kwestie van Bernhards NSDAP-lidmaatschap de oorzaak van een verwoede interne strijd bij het Riod. De huishistoricus van het instituut, Gerard Aalders, was samen met zijn niet aan het Riod gelieerde collega Coen Hilbrink op de affaire gestuit tijdens een onderzoek naar het geheime- dienstwezen in Nederland. Daarbij was het duo gebleken dat de Nederlandse regering in 1948 stappen ondernam bij de Amerikaanse regering om Bernhards naam van de lijst met NSDAP- leden te schrappen. De bewuste lijst was in handen gekomen van het Nederlands Beheers Instituut, een instelling die waakte over de zuivering van Nederland van nationaal- socialistische smetten. De regering vreesde dat Bernhards nazi-lidmaatschap bekend zou worden, en dat vlak voor de kroning van Juliana. Via Buitenlandse Zaken kregen de Amerikanen te horen dat Bernhards naam makkelijk van de lijst kon worden geschrapt, omdat hij toch alleen maar lid van de partij was geworden omdat hij anders zijn vliegbrevet niet had kunnen halen.
Kennelijk haalde dit diplomatieke offensief toch iets uit. De zaak bleef nog decennia in de archieven opgesloten, tot Aalders en Hilbrink het achterhaalden. Het relaas van Bernhards nazischap en de daarmee verbonden diplomatieke schermutselingen kwam terecht in het manuscript van hun boek De affaire Sanders, vernoemd naar de hoofdpersoon van hun studie, een sociaal-democratische geheime-dienstchef. Het Riod zou dat boek moeten uitgeven, maar dorst dat tot nu toe niet. Via Het Parool kwam de zaak toch naar buiten.
Het bruine verleden van Bernhard eist dus wederom zijn tol. Dat de prins tijdens zijn dolle studentenjaren lid was geweest van zowel de SA als de SS wisten we al, maar dat was volgens mededelingen van Bernhard aan zijn officiele biograaf Alden Hatch slechts een kwestie van opportunisme geweest: op die manier kwam je makkelijker door je studietijd heen. Ideologisch was hij nimmer warmgelopen voor de nazi- ideologie. Dat daar nog eens een NSDAP- lidmaatschap overheen komt, maakt Bernhards zaak niet sterker. Het feit dat tijdens Bernhards huwelijksfeest in 1937 het Horst-Wessellied weerklonk en vele gasten de Hitlergroet brachten, komt ook weer in een sinister licht te staan. Daarnaast vertelde Bernhards moeder Armgard ooit aan biograaf Hatch dat Bernhard en zijn al even Hitler-enthousiaste broer Aschwin in de jaren dertig meededen aan een soort studententoernooi met als hoofdprijs een reis naar Groot-Brittannie teneinde daar de glorie van Hitler-Duitsland te verkondigen. Armgard vertelde bij die gelegenheid dat Bernhard zo gebrand was op dat tochtje dat hij ondanks het feit dat hij niet als winnaar uit de bus was gekomen, besloot om op eigen kosten mee te gaan. Ook dat verraadt niet bepaald een laconieke houding tegenover Hitler. Bovendien was Bernhard volgens het boek In rok tussen de bruinhemden van de Duitse diplomaat Wolfgang zu Putlitz de allereerste Duitse aristocraat die tot actieve nazi-activiteiten overging. Daarmee gold hij als een prijsdier voor het Hitler-kamp. Ook dat kan onmogelijk als een luchthartig te nemen stap worden gezien.