Fotografie

Een kop vol oorlog

FOTOGRAFIE Martin Roemers

Het zijn forse, beeldvullende koppen omgeven door zwart. De gezichten uit Nederland heten Piet en Leen, die uit Amerika Jack en Buck, de Russische Sergej en Nicolaï. Het zijn oude mannen en vrouwen, ook nog uit Duitsland, Polen, België, het Verenigd Koninkrijk en Nederlands-Indië. Hun verhaal is de oorlog van alweer zo’n 65 jaar geleden.

Sommigen hebben spijt over eigen handelen, anderen niet; sommigen zijn nóg kwaad, anderen laconiek; sommigen rouwen om kameraden, anderen om zichzelf. De fotograaf heeft nuance willen aanbrengen in het grotere verhaal over de oorlog dat hij wil vertellen. ‘Goed’ en ‘fout’, hij heeft ze beide uitgenodigd. Maar zonder de bordjes onder de foto’s blijft de toeschouwer zitten met een verzameling gerimpelde gezichten, indringend maar inwisselbaar. Portretten zijn altijd meer registrerend dan verhalend. De foto van Ansje van de Walle, bijvoorbeeld: een bejaarde vrouw met mannelijke trekken, ze kijkt ferm in de camera. Maar de tekst onder haar onthult dat ze nog altijd lijdt aan posttraumatisch stresssyndroom: ‘Mijn hoofd is als kokend water.’ Dat wat briest en buldert achter haar ogen is onzichtbaar gebleven.

De oorlog heeft deze veteranen overvallen toen ze jong waren. Maar de groeven en krassen in hun gezichten zijn meer veroorzaakt door de zes decennia aan sores en beslommeringen na die tijd. De veronderstelling wil dat de oorlog voor deze mensen nooit is opgehouden. Maar zolang de herinnering de geest stuurt, houdt nooit iets op tijdens een mensenleven, of het nu een oorlog is of een huwelijk of de geboorte van een eerste kind.

Het opmerkelijke van de tentoonstelling is dat juist een sterk gevoel van eindigheid overheerst. De zitters zijn oud, hun onderwerpen afrondingen. Naast de portretten heeft de fotograaf ter aanvulling foto’s gemaakt van veteranendagen in Moskou, Wageningen en Normandië. Oude en gedecoreerde mannen in rolstoelen, bushokjes of met een biertje in de berm, Roemers gebruikt een zachte vorm van ironie om het proces van herinnering en herdenking te illustreren. Maar de veteranen staan slechts op een voorbedacht moment stil bij iets ver in het verleden, de foto’s hebben niet de oorlog in hun lopende levens vastgelegd.

De titel mag dan pretentieus zijn en ongelukkig gekozen, het visuele concept is sterk. De portretten hangen onontkoombaar als overweldigende, donkere spiegels aan de muur. De zwarte kransen rond de gezichten maken de beelden somber en elegisch. Wie goed kijkt komt op zijn eigen verhalen. Prachtig is de foto van de Russische Polina Svjatogorskaja, die een uitstraling bezit alsof ze ooit een koningin van de sovjetcinema is geweest.

Het zou spannend zijn geweest als Roemers, een specialist op het gebied van krijgsfotografie, de indrukwekkende serie had toegevoegd die hij enkele jaren geleden in Afghanistan maakte van Nederlandse Isaf-soldaten. De schijnbaar anachronistische en spookachtige portretten van contemporaine soldaten, geschoten met een trage en oude Afghaanse camera, tonen door de gedateerde techniek en simpele compositie de traditie en trots van iedere oorlog.

Ze heten geen Piet of Leen meer, maar hun verhaal is weinig veranderd. Nieuwe koppen, nieuwe hoop. Dezelfde fouten.

Martin Roemers: De eindeloze oorlog_, De Kunsthal, Rotterdam, t/m 3 juni. www.kunsthal.nl_