Een maand is soms zo en soms zo

Of de bespreking met Rabin ‘s avonds kon, dan mocht Arafat tenminste roken. De ramadan is ergens tussen 31 januari en 1 februari begonnen dat is niet duidelijk. En wat moet de Nederlandse moslim doen wanneer op die dag de boel overstroomt?

RAMADAN, DE NEGENDE maand van de islamitische kalender, de vastenmaand, is dit jaar met een aantal opmerkelijke gebeurtenissen begonnen. De mufti (geestelijk leider) van de Arabische joden in Jeruzalem en zijn Jordaanse collega uit Amman vlogen elkaar in de haren over het exacte tijdstip waarop de vasten moest beginnen. En in Cairo begon de topontmoeting tussen Arafat en Rabin pas na zonsondergang. Uit eerbied voor het geloof van zijn gesprekspartner stemde Rabin in met het late aanvangsuur van de vergaderingen; dan kon de Palestijnse leider tijdens de gesprekken rustig zijn sigaretten roken.
Voor een deel van de Nederlandse moslims begon de ramadan al helemaal bijzonder. Terwijl hun geloofsgenoten in de nacht van 31 januari op 1 februari de eerste avond van deze heilige maand vierden, waren de meeste moslims in de Tieler- en Bommelerwaard druk doende hun huisraad in te pakken. ‘Deze watersnood heeft het ons niet makkelijk gemaakt’, verzuchtte de 38-jarige Mehmet Karadag uit Tiel. 'Ik heb zelfs de eerste dag van de vasten overgeslagen.’ 'O GIJ DIE GELOOFT! Aan U is voorgeschreven het vasten zoals het ook voorgeschreven is aan degenen die voor U waren. Misschien dat U vrezend wordt’ (Soera 2 vs 183.) Er zijn vele koranpassages waaruit blijkt dat Allah de vastende mens hogelijk waardeert en zal belonen. Het ramadanvasten is echter meer dan alleen 'een vreugde voor Allah’ (Soera 11 vs 18). Het is een gebod en behoort tot de dragende elementen de vijf zogeheten zuilen, van het islamitische geloof, samen met de geloofsbelijdenis - 'Er is slechts een God en Mohammed is zijn profeet’ -, het vervullen van het dagelijkse gebed, het geven van aalmoezen en de pelgrimage naar Mekka.
De koran geeft ook aan hoe lang er moet worden gevast, maar er wordt tevens een aantal groepen genoemd voor wie verzachtende omstandigheden kunnen gelden: 'Een geteld aantal dagen zult U vasten. Maar als iemand van U ziek is, of op reis, dan een aantal andere dagen. En voor hen die daartoe bij machte zijn geldt een goede daad, het voeden van de behoeftigen. En als iemand (in die periode) vrijwillig iets goeds verricht dan is dat beter voor hem. Maar dat U vast is beter voor U als U het slechts wist. Wie van U die maand beleeft, laat hem vasten voor de duur ervan Allah bedoelt voor U het gemakkelijke en niet bedoelt Hij voor U het moeilijke, mits U het aantal volledig maakt (dat wil zeggen het aantal dagen dat men vast) en Allahs grootheid betuigt wegens zijn leiding die hij U gegeven heeft. En wellicht zult gij dankbaar zijn.’ (Soera 2 vs 185-186)
Niettemin zijn er praktische problemen te over. Want wanneer begint de ramadan nu precies? Op de eerste dag van de maand ramadan, zoveel is duidelijk - maar begint deze maanmaand ’s avonds als het eerste streepje van de nieuwe maan zichtbaar wordt, of pas op de volgende dag bij het opgaan van de zon? En naar hoeveel dagen precies verwijst 'het getelde aantal’?
Ook is het de vraag wat de koran precies verstaat onder vasten; wat mag wel en wat mag niet? En moet men de hele dag vasten of alleen gedurende de uren waarop de zon op is? Als dat laatste het geval is, hoe moet dat dan als de ramadan valt in de zomer hetgeen eens in de zoveel tijd voorkomt, aangezien de islamitische kalender de maan volgt en niet de seizoenen - en je woont in bijvoorbeeld IJsland of Denemarken? En wat moet onze Mehmet uit Tiel doen die door de watersnood zijn vasten te laat begint?
NAAST DE KORAN vormen binnen de islam de tradities van Mohammed (hadith) een leidraad voor handelen en geloven. Deze tradities vullen de koran aan, leggen uit of geven antwoord op vragen waarop de koran het antwoord schuldig blijft. Deze tradities hebben hun basis in de honderdduizenden overleveringen over het leven van de profeet en ze behandelen de meest uiteenlopende onderwerpen: van de manier waarop men zijn tanden moet poetsen tot en met de vaststelling van de plaats van het paradijs. De vorm is echter vaak gelijk: een traditie bestaat uit een bericht over iets wat Mohammed heeft gedaan, gezegd, of - al dan niet stilzwijgend - heeft goed- of afgekeurd, meestal in de vorm van een ooggetuigeverslag dat
mondeling is overgeleverd. Later is dat op schrift gesteld, en de tekst wordt dan ook vaak voorafgegaan door een opsomming van de personen die het verhaal aan elkaar hebben doorgegeven, in de trant van 'A hoorde het van B en B van C en C van D die het van de profeet zelf hoorde’. Deze overleveringsketen of isnaad biedt de gelovige de garantie dat de betreffende mededeling inderdaad tot de profeet en zijn tijd, teruggaat. En hoe betrouwbaarder de overleveringsketen, hoe groter de waarde van de traditie en hoe meer zo'n traditie het verdient om nageleefd te worden.
Er zijn veel tradities die betrekking hebben op de ramadan. Zo is er een die een aanvulling vormt op de korantekst: 'En eet en drinkt totdat voor U de witte draad onderscheidbaar wordt van de zwarte draad in de dageraad; vervult daarna het vasten tot de nacht. ’ De traditie gaat als volgt: 'Van as-Sjabi (een gezel van de profeet): Toen dit vers werd geopenbaard, zei Adi Ibn Hattim: “Profeet, ik doe twee touwen onder mijn kussen een wit en een zwart om de nacht van de dag te onderscheiden."Toen zei de profeet: "Jouw kussen moet wel erg groot zijn, want met die draden is bedoeld het donker van de nacht en de lichtheid van de nacht. ” ’
Een andere traditie, over het precieze begin en einde van de ramadan: 'Van Ibn Oemar (een van de naasten van de profeet): De profeet heeft gezegd toen hij het had over de ramadan: “Begin en eindig de vasten zodra je de maansikkel zieL Als het bewolkt is maak er dan een berekening van. ” 'DR. W. RAVEN, islamoloog aan de Vrije Universiteit heeft onlangs een bloemlezing van de tradities van Mohammed in het Nederlands vertaald. Behalve dat hij daarmee een schat aan informatie openstelt voor hen die het Arabisch niet machtig zijn, geeft hij in de inleiding van Leidraad voor het leven: De tradities van de profeet Mohammed (uitgeven Bulaq kritak) -een aardig beeld van het belang van deze teksten voor de gelovige moslims. 'De moslim onthoudt zich gedurende 29 dagen van alle spijs en drank en van het geslachtsverkeer. Dat doet hij vanaf de vroege ochtend (zie soera 2) tot na de zonsondergang In de nachtelijke uren is het wel toegestaan te eten en te drinken. Direct na de zonsondergang eet men een kleinigheid, de zogeheten “iftar”, en vlak voor zonsopgang een ontbijt, de zogeheten “shahoer”. Zieken, reizigers, menstruerende, zwangere en zogende vrouwen, alsmede kinderen en bejaarden zijn vrijgesteld van de vasten. Het verdient dan echter aanbeveling om de vasten achteraf in te halen. ’
'In de koran en de tradities’, vertelt dr. Raven, 'worden een heleboel zaken beschreven tot in de kleinste details. Maar soms spreken tradities elkaar juist weer tegen op die details. En op andere punten bestaan helemaal geen tradities en zwijgt ook de koran, gewoon omdat dat bepaalde probleem toen helemaal niet bestond. Veel vragen zijn dus niet aan de hand van koran en traditie eenduidig te beantwoorden en ook rond de manier waarop men ramadan moet vieren blijven er dus problemen. Sommige moslims vinden, meestal op basis van een traditie, dat je niet mag roken, anderen vinden dat je alleen overdag niet mag roken - tot die groep behoort Arafat blijkbaar - en ga zo maar door.
Vaak zijn het kleine problemen, maar ook sommige grote problemen blijven onopgelost. Zoals de vraag wanneer de ramadan nu precies begint, elk jaar is daar een probleem over, ook dit jaar weer. En zelfs de Nederlandse moslims kunnen het daarover niet eens worden. De Turkse gemeenschap is op woensdag 1 februari begonnen met vasten en de Marokkanen begonnen pas de dag daarna. Vanuit Mekka is er ook dit jaar weer een oproep gedaan om voor alle moslims wereldwijd een vast beginpunt te kiezen voor de ramadan. Dat zou dan door de mutti van Mekka worden bepaald, maar het is er niet van gekomen en de verwachting is dat het er in de komende jaren ook niet van komt.’
En misschien is dat ook wel het beste want luidt niet een van de tradities: 'Van Ibn Oemar (een gezel van de profeet): De profeet heeft gezegd: “Wij zijn een ongeletterde gemeente, wij schrijven niet en wij rekenen niet. Een maand is soms zo en soms zo. ’