De toen spierwitte sculptuur belandde aanvankelijk op het Gouvernementsplein, vlak tegenover het paleis. Het stond daar ter ere van het 25-jarige regeringsjubileum van de vorstin. Op 21 november 1975, enkele dagen voor de onafhankelijkheid, verdween Wilhelmina uit het straatbeeld. Een takelwagen verplaatste het beeld naar een uithoek van de oude vesting. Kort na de staatsgreep van 1980 werd Fort Zeelandia ingelijfd door de militairen, die er hun hoofdkwartier vestigden. Het beeld waren ze liever kwijt dan rijk. Op een gegeven moment speelden ze met het idee het in de aanpalende Surinamerivier te kieperen.

Dat gebeurde niet, maar uiteindelijk waren het de elementen die het beeld van het laatste restje glans beroofden. Negentig jaar na levering was aan niets te zien dat het een peperduur standbeeld betrof. ‘En dat terwijl onze voorouders zo diep in de buidel hebben getast om Wilhelmina in hun midden te hebben’, vloekt archeoloog Benjamin Mitrasingh. ‘Zo vies en vuil, wat een schande. Wij Surinamers zijn toch ook nette mensen?’ Mitrasingh vond dat het beeld er bij de troonsbestijging van Willem-Alexander piekfijn uit moest zien. Na een kleine rondgang vond hij een schoonmaakbedrijf dat bereid was langs te komen om met een hogedrukspuit de smurrie te verwijderen.

Een mooi gebaar, al is van de grandeur van Paramaribo, dat ooit te boek stond als ‘de parel van de Cariben’, verder weinig over. Het ene na het andere withouten koloniale pand in het historische stadscentrum wordt gesloopt om plaats te maken voor betonnen supermarkten, overheidskantoren of een casino. De hoofdstad dreigt daardoor binnenkort zelfs geschrapt te worden van de Unesco-werelderfgoedlijst. Toch kan Mitrasingh voorlopig weer lachen. ‘Ik weet zeker dat de Oranjes het fijn vinden dat oma er mooi uitziet.’