Een permanente verkleedpartij

Het huidige eclecticisme in de kunst is een fenomeen dat sommige kunstenaars verfoeien terwijl anderen er juist op gedijen. In plaats van een verlangen naar zuiverheid en puurheid stellen zij een soort vuilnisbakkenmentaliteit. Wat snuffelen, graaien en scharrelen, en pakken wat wel smakelijk lijkt. De hybriden die hieruit voortkomen, zijn uit de aard van de zaak kleurrijk, rommelig en onvoorspelbaar.

Die Anarchistische Abendunterhaltung (DAAU) is zo'n groepje dat zich in dit klimaat als een vis in het water voelt. Dit Belgische kwartet, dat bestaat uit klassiek opgeleide muzikanten van begin twintig, flirt niet alleen met de meest uiteenlopende genres, maar laat ook binnen één nummer de muziek als een toverbal van kleur verschieten.
De bezetting van de groep - klarinet, viool, cello en accordeon - verwijst naar de klezmermuziek, maar dit is slechts een van de genres die de revue passeren. De sound van de groep neigt door de veelvuldige toevoeging van elektrische gitaar en drums en door de rauwe speelwijze weer naar de popmuziek.
Op de nieuwe cd van DAAU, We Need New Animals, is het gelijk raak. Het eerste nummer ‘No Rule’ begint heel voorzichtig en aftastend. Verschillende muzikale elementen worden op de rails gezet maar ze glijden onwennig langs elkaar heen. Tot langzamerhand al die losse puzzelstukjes op hun plaats vallen en uit dat schemergebied een hechte en opzwepende tangomuziek naar voren treedt.
Even fascinerend is 'Hot Shades’. Ook hier een dromerig, niet zo uitgesproken intro waarin de klarinet en accordeon melancholische melodieën spelen. Door het tempo drastisch op te voeren ontstaat plotseling een felle Slavische rondedans. En even later voegt zich daar een stevige ritmesectie bij, waardoor er een onvervalste rock klinkt. Op een even flexibele als brutale manier zetten de muzikanten eenzelfde muzikaal bouwsteentje steeds in een andere context waardoor uiteindelijk heel verschillende muziekstijlen ontstaan.
Zo is er met elk nummer wel wat aan de hand. Neem het rustige, sobere liedje 'Dip 'n’ Dodge’ waarin het voormalig Zap Mama-lid Angélique Wilkie als gast optreedt. Onder haar prachtige zwoele stem is het meest gore synthesizergeluid gezet dat je je kunt voorstellen. In het reggae-nummer 'Oliphant’ wordt de hoofdrol hardnekkig vervuld door de klarinet, die in dit genre toch echt een vreemde eend in de bijt is. 'Lady Delay’ is een knipoog naar de Amerikaanse country & western en surfmusic. Hier is de elektronica de stoorzender. Wat begint als een subtiele klankfiltering, ontaardt in een nietsontziende gehaktmolen die de muziek tot een waterval van klankjes vermaalt.
Karakteristiek voor de muziek van DAAU is dat er met elk nummer wel wat loos is. Soms zijn het combinaties van vreemde elementen, soms is de muziek in een permanente verkleedpartij verwikkeld. De enige uitzondering is het nummer 'Broken’, gezongen door An Pierlé. Dit is een rechttoe-rechtaan popliedje, waarin de kwetsbare stem van Pierlé appelleert aan een directe emotie en ontroering. Maar ook zo'n nummer vindt een vanzelfsprekende plaats op We Need New Animals. Een proeve van muzikale lenigheid.

  • Moondive is de titel van de hogedrukpan-formule die de VPRO heeft verzonnen: sluit een aantal musici met verschillende achtergronden een paar dagen op in the middle of nowhere (Swalmen) en zet ze daarna op het podium van Paradiso. De beurt is deze week aan onder anderen Wouter Planteydt, Gert Jan Blom, Beatrice van der Poel, Marijn Wijnands en Ad Vanderveen. Vrijdag 17 juli spelen ze live in Paradiso, zondag 19 juli rapporteert VPRO-televisie wat zich de dagen voorafgaand in Swalmen afspeelde.