Hoofdcommentaar: Enschede

Een poolwind over Enschede

De commissie-Oosting heeft niet eenduidig een schuldige voor de ramp met het vuurwerkbedrijf in Enschede aangewezen. Op overheidsniveau is collectief geblunderd, heet het, en dat maakt het vorige week gepresenteerde rapport in de ogen van de slachtoffers van de ramp al met al tamelijk teleurstellend. De roep om het aftreden van niet slechts één plaatselijke wethouder, maar van een of meer Haagse bewindslieden of toch minstens de Enschedese burgemees ter, klinkt steeds luider.

Een paar jaar geleden in de Bijlmer, onlangs nog in Volendam, maar ook in Enschede klonk eenzelfde geluid en gingen mensen de straat op om de terugkeer van een «sterke overheid» te eisen. Bestuurders moesten hun verantwoordelijkheden kennen, toezien op een juiste naleving van de regels en opstappen als het een keer goed fout ging.

Die roep om sterk gezag lijkt tegenstrijdig met het in de laatste twintig jaar in zwang geraakte concept van de «terugtredende overheid». Meer macht kwam onder thatcheriaanse invloedssfeer bij de particulier en daarmee bij de markt, neem bijvoorbeeld de privatisering van overheidsbedrijven. Maar, zoals eurocommissaris Frits Bolkestein een jaar geleden al orakelde: er lijkt hier te lande een «poolwind tegen liberalisering» opgestoken. Onder invloed van even angstaanjagende als met de Nederlandse situatie onvergelijkbare buitenlandse schrikbeelden (ontspoorde treinen in Engeland en stroomuitval in Californië), worden kamer leden van met name de Partij van de Arbeid welhaast iedere maand sceptischer over de ingeslagen weg. Afgelopen week herhaalde de gewezen VVD-leider zijn toorn aan het adres van de grootste regeringspartij. Op een symposium van de Stichting Willem Dreeslezing gaf hij aan te vrezen dat ons land onherroepelijk het «sufferdje» van Europa zal worden als die poolwind doorzet en niet spoedig alle nutsvoorzieningen in publieke handen zullen komen.

Bolkestein lijkt hiermee een roepende in de Brusselse woes tijn geworden. Er is in Nederland behoefte aan een herbezinning op de rol van het openbaar bestuur. Afgaand op de massale volksprotesten bij rampen en rampjes, én op de door velen inmiddels onderkende gevaren van privatisering en liberalisering, neigt de mondige burger in die herbezinning op dit moment naar een sterke overheid die de samenleving liefst risicoloos maakt.

Dat dit onmogelijk is, heeft de Duitse socioloog Ulrich Beck overigens al eens overtuigend aangetoond. We leven nu eenmaal in een «risicomaatschappij», schreef hij, en wat bestuurders ook zeggen, dat beetje gevaar blijft te allen tijde aanwezig. De geloofwaardigheid van de overheid wordt echter minimaler naarmate die overheid, in Becks ogen ten onrechte, steeds vaker in de beklaagdenbank terechtkomt. De vluchtige beloftes aan de burger, zoals die van minister De Vries in reactie op het rapport-Oosting («Het moet bij de overheid echt anders») maken de positie van het bestuur er niet sterker op. Daarbij komt dat de burger wel een sterke overheid kan willen, maar hij er tegelijkertijd te veel van verwacht. Iets van dergelijke strekking betoogde VVD-leider Dijkstal toen hij anderhalve maand terug de door hem zo gehekelde «jukebox-democratie» aankaartte. Hierbij geldt voor de verhouding tussen burger en bestuur het motto «u vraagt, wij draaien» — volgens Dijkstal een erfenis van het maak baarheidsideaal van de jaren zeventig. De wens van de burger wordt tegenwoordig bijna altijd en op elk willekeurig moment ingewilligd, zo is «eigen verantwoordelijkheid ver te zoeken», aldus het kamerlid.

In Portugal stortte afgelopen weekend een al jaren als gammel bekend staande brug in. De verantwoordelijke minister en zijn complete staf traden binnen luttele uren na de ramp af. Misschien moeten bewindslieden in Nederland daar een voorbeeld aan nemen. Zinniger dan aftreden is te kijken naar een nieuwe visie op overheidsbeleid en verantwoordelijkheid van de burger. De paradox van een terugtredende overheid in een samenleving die vraagt om sterk bestuur, zal tot nog meer verwijdering tussen burger en politiek leiden. De terugtredende overheid heeft haar langste tijd ge had. Bolkesteins poolwind mag tot orkaankracht aanzwellen.