Queen Mum blijft spoken

Een reactionaire intrigante

Dat wijlen de Queen Mum xenofoob, ultraconservatief en drankzuchtig was, is de Britten bekend. Maar ze was tenminste goed in de oorlog, zei Tony Blair. Ja? Hoe lang blijven de spoken op de zolder van de Queen Mum nog binnenskamers?

Van het overlijden van Elisabeth Angela Marguerite Bowes-Lyon, beter bekend als de Queen Mum, kan worden gezegd dat het goed was getimed. De Queen Mum stierf op de rijpe leeftijd van 101 jaar, oud genoeg om te kunnen gelden als het monument van het Ancien Regime in Groot-Brittannië en om de gehele natie in het kielzog van haar laatste rit mee te nemen op een sentimental journey naar de good old days, toen het Britse rijk nog zeventien miljoen vierkante kilometer bestreek in plaats van die miezerige 150.000 vierkante kilometer van tegenwoordig. Anderzijds stierf ze tijdig genoeg om niet te hoeven meemaken hoe haar zorgvuldig opgebouwde imago slijtplekken oploopt nu haar geheimen één voor één uit de kast dreigen te tuimelen.

De laatste jaren was er toch al enigszins de klad gekomen in het Queen Mum-beeld. Dankzij de publicatie van de dagboeken van haar vertrouweling Woodrow Wyatt kwam het voorheen zo gesloten universum van de mediaschuwe monarche eindelijk over het voetlicht. Het loog er niet om. De Queen Mum bleek een fan van Margaret Thatcher en P.W. Botha, was fel gekant tegen de immigranten in Groot-Brittannië («nig-nogs», aldus de Queen Mum, dan wel «blackanoos»). Ze achtte Afrikaanse zwarte politici niet in staat hun land te regeren. Lord Mountbatten had ze nooit vergeven dat hij met India «de helft van het Empire had weggegeven». Voorts had de aanbeden ex-vorstin een verschrikkelijke hekel aan de «partijdige berichtgeving van de BBC», en met joden («een eigenaardig volk») en vrouwelijke dominees had ze ook niet al te veel op, om nog maar te zwijgen van Fransen of Duitsers.

Veel Britten verwelkomden deze ontboezemingen als een feest van herkenning, maar niettemin had het heilige aura van de Queen Mum enige averij opgelopen. Onthullingen over het uitbundige drankgebruik en haar uitbundige levensstijl deden de ex-vorstin ook geen goed, evenmin als de publicatie van Kitty Kelly’s schandaalkroniek The Royals, waarin vrijelijk werd gespeculeerd over het gebruik van de «seksuele dynamo» van de Queen Mum in jongere dagen, en die dan ook onmiddellijk werd verboden in Engeland.

Dit alles kon echter niet opwegen tegen de nasleep van de dood van Diana, die de Queen Mum pas echt in de gevarenzone bracht. Diana nam de Queen Mum meer dan eens op de korrel als het brein achter de scheiding tussen haar en Charles. Volgens haar was de koningin-moeder «de grootste leproos in de leprakolonie», een intrigante die achter de schermen aan de touwtjes leek te trekken.

Maar het kan natuurlijk altijd erger. De vraag is bijvoorbeeld hoe lang de Queen Mum nog mee kan als symbool van de Britse onverzettelijkheid tijdens de Tweede Wereldoorlog. Want was Elisabeth inderdaad wel zo anti-Duits als ook Tony Blair bij haar overlijden beweerde toen hij trots herinnerde aan Hitlers woorden dat zij «de gevaarlijkste vrouw van Europa» was? Recente historische studies in Engeland tonen aan dat Elisabeth en haar man koning George VI vanaf de abdicatie van Edward VIII in 1937 diens pro-Duitse lijn hebben voortgezet, en dat zij als gevolg daarvan ook in conflict raakten met Winston Churchill. De gegevens over die rol zullen pas in 2037, wanneer het privé-archief van de Queen Mum wordt opengesteld, in z’n geheel kunnen worden bestudeerd. Niettemin nam de Britse journalistiek daar al een behoorlijk voorschot op met de publicatie van enkele geheimen van de spookzolder van de Queen Mum.

Zoals ondertussen genoegzaam bekend is, was het niet zozeer zijn scandaleuze huwelijk met de gescheiden Amerikaanse Wallis Simpson dat Edward VIII in 1937 zijn koningschap kostte, als wel zijn onmetelijke enthousiasme voor Adolf Hitler. Net als zijn Amerikaanse bruid was Edward zeer onder de indruk van de prestaties van nazi-Duitsland. Hij vierde de Duitse invasie van het Rijnland in 1936 zelfs als een persoonlijke overwinning, omdat hij premier Neville Chamberlain van een oorlog met Duitsland had weten af te houden.

Kort na de troonsbestijging van Edward telegrafeerde de Duitse ambassade in Londen in jubelstemming naar Berlijn. De nieuwe koning zou uitdrukking hebben gegeven aan zijn wens dat er zo snel mogelijk een Duits-Britse alliantie moest komen. In oktober 1937, kort na zijn troonsafstand ten gunste van zijn jongere broer, accepteerde Edward zelfs een uitnodiging om Duitsland te bezoeken, waar hij en zijn Amerikaanse bruid onder meer een SS-opleidingskamp en een model-concentratiekamp aandeden. In een gesprek met Rudolf Hess zou Edward te verstaan hebben gekregen dat hij zijn troon terug zou krijgen zodra het Derde Rijk had overwonnen.

Ondertussen deelde Elisabeth op Buckingham Palace de lakens uit. Ze was een ambitieuze vrouw die haar sullige echtgenoot alle hoeken van de kamer kon laten zien. In werkelijkheid was zij het die regeerde. In de houding van het Britse koningshuis ten opzichte van nazi-Duitsland betekende dat weinig verandering. Weliswaar had Elisabeth een gruwelijke hekel aan de afgetreden Edward en zijn vrouw — zozeer dat ze er alles aan deed om te voorkomen dat Edward gouverneur van de Bahama’s kon worden —, anderzijds werd onder haar regie doorgegaan met de appeasement-politiek ten opzichte van Hitler.

In zijn boek Eminent Churchillians uit 1994 beschrijft historicus Andrew Roberts hoe Elisabeth en George «er niet in slaagden de mentale sprong te maken» om het Duitse gevaar op waarde te schatten. Evenmin was het koninklijk paar «erg bezorgd over de slacht offers van de nazi’s, aangezien zij de binnenlandse aangelegenheden van een land als zijn eigen zaak beschouwden». Toen Elisabeth in juli 1938 Frankrijk bezocht, was premier Daladier dan ook niet erg onder de indruk. Daladier kenschetste de Britse first lady als «een uitzonderlijk ambitieuze vrouw die klaar staat om ieder land in de wereld op te offeren zolang zij maar koningin kan blijven».

Net als eerder Edward stonden Elisabeth en George pal achter Chamberlains appeasement-politiek. Toen de Britse premier op 30 september 1938 terugkeerde uit München met zijn vredesverdrag met Hitler werd hij meteen naar Buckingham Palace gebracht om zich zij aan zij met het koninklijk paar te laten bejubelen en fotograferen. Het Britse parlement moest het Verdrag van München — waarbij Tsjechoslowakije werd opgeofferd — toen nog behandelen. Tegenstanders omschreven deze actie als «de meest ongrondwettelijke daad van een Britse soeverein in deze eeuw».

Iedereen die tegen de appeasement-politiek was, lag eruit in de koninklijke hofhouding. Zo ook Sir Alexander Hardinge, de privé-secretaris van koning George. Elisabeth deed er alles aan om deze vertrouweling van haar echtgenoot de laan uit te sturen. Diplomaat Oliver Harvey schreef in zijn dagboek dat de «frictie grotendeels wordt veroorzaakt door de koningin». «De koning is een slap karakter en bovendien nog behoorlijk stom ook. De koningin is sterk maar uit tamelijk reactionair hout gesneden.»

Een prioriteit van Elisabeth was te verhinderen dat de door haar verafschuwde Winston Churchill het tot eerste minister zou brengen. Toen dat in mei 1940 niet meer viel te stoppen, was haar treurnis groot. In een brief aan Chamberlain sprak ze haar diepe teleurstelling uit over diens vertrek. «Ik kan nooit in woorden zeggen hoeveel u voor ons heeft betekend», schreef ze. «We voelden ons zo veilig in de wetenschap dat uw wijsheid en edelmoedigheid op onze hand waren.» Over de oorlog verklaarde ze: «U deed alles in uw macht om deze ellende af te wenden en u had gelijk.»

Ondanks het aantreden van Churchill waren er nog steeds krachten in de Britse hofhouding die zochten naar een bestand met Hitler. De sympathie van het Britse vorstenhuis voor de Engelse fascist Oswald Mosley was een publiek geheim. In mei 1941 vond de mysterieuze reis van Hitlers plaatsvervanger Rudolf Hess naar Schotland plaats. Hess zou al dan niet in opdracht van Hitler naar Groot-Brittannië zijn gevlogen voor separate vredesonderhandelingen. Daartoe zou hij landen op het landgoed van de hertog van Hamilton, een vertrouweling van het koninklijk paar.

De missie van Hess is een van de grootste staatsgeheimen uit de Britse geschiedenis. Over het hoe en waarom tast men nog altijd in het duister. Betrof het hier inderdaad een wanhoopsactie van Hess, zoals de officiële versie wilde doen geloven, of kwam hij langs op uitnodiging, en zo ja, op uitnodiging van wie? En vooral: wat was de rol van het vorstenhuis in deze? Gesuggereerd is reeds dat Churchill veel méér wist van de achtergronden van de missie dan hij wilde vertellen en dat hij het koninklijk paar op deze wijze in de houdgreep hield. Ook zou Churchill de hand hebben gehad in het mysterieuze vliegtuig ongeluk van de hertog van Kent in 1942 in Schotland. Deze broer van de koning was een sleutelfiguur in het pro-Duitse verkeer van de hofhouding.

Hoe fel de Britse koninklijke familie erop is gebrand dat deze materie niet wordt geopenbaard, bleek toen twee jaar geleden op de Universiteit van Oxford onder grote belangstelling het Monckton-archief werd geopend. In dit archief zouden zich tal van brieven — onder meer van de Queen Mum — en andere documenten bevinden die nieuw licht konden werpen op de houding van de Windsors tegenover Hitler. Helaas: na opening bleken deze «kroondocumenten» te ontbreken. Op een bevredigende verklaring wacht men nog altijd. Het lijkt echter onwaarschijnlijk dat de Queen Mum al haar geheimen kan meenemen in haar graf.