Een speelplek ver weg

Deze week is in de theaters in en rondom de Amsterdamse Nes het Internationaal Theaterschool Festival aan de gang (nog t/m 30 juni). Inlichtingen over de enorme reeks voorstellingen: tel. 020-5277613.

Er is iets merkwaardigs aan de hand met festivals. Ze groeien boven hun eigen maaiveld uit, de organisatie trekt een steeds grotere broek aan, de affiches en strooibiljetten wasemen almaar meer pretenties uit, de oorspronkelijke doelstellingen worden verlaten (zo niet: verraden). En voor je het weet heeft de bureaucratie definitief bezit genomen van dat waar het oorspronkelijk om begonnen was, zoals, bij het ITs, het tonen van voorstellingen die door jong talent zijn gemaakt. Zeker, het Internationaal Theaterschool Festival (ITs) is enorm ‘internationaal’ geworden, zeg maar een equivalent van het Holland Festival. Er zitten dikke sponsors op. De vaandels wapperen driftig in de Nes. De opening is spraakmakend, het feest aan het eind bijzonder. Ook is er veel authentiek theatermateriaal uit diverse buitenlanden bij elkaar gewinkeld. Hulde! Maar ergens klopt er iets niet. Laat ik voor de gelegenheid eens chauvinistisch doen. Er staan veel Amsterdamse producties níet in het ITs die er wel hadden moeten staan. De organisatie heeft haar programmering in een vroeg stadium dichtgemetseld. En daardoor veel kansen gemist. Hoe gaat dat in zijn werk? De programmakrant moet op tijd klaar. De diverse zalen moeten op tijd geboekt. Klinkt allemaal redelijk. Slimme jonge theatermakers zorgen ervoor dat hun producties ruim op tijd door de organisatie van ITs kunnen worden gezien. Die maken een goede kans te worden geboekt. Maar dat tijdschema loopt lang niet altijd synchroon met hoe studenten en docenten het laatste kwartaal van de studie inrichten. Daar gaan op het laatste moment dingen mis en zo lazeren sommige producties buiten de selectie. Dat knaagt aan de oorspronkelijke doelstellingen van het festival: het behoort toe aan de studenten en hun docenten/regisseurs. Voorbeelden? Docent/regisseur Mark Rietman maakte met een klas van de Amsterdamse Toneelschool een heldere, humoristische versie van Iphigeneia in Aulis (Euripides). Niet geselecteerd! Alan Yadegarian (derdejaars regie) maakte in een gang van de Theaterschool een hilarische voorstelling van Tsjechovs eenacter Het huwelijksaanzoek. Niet geselecteerd! Studenten van de regisseursopleiding en de Amsterdamse Toneelschool presenteerden in de afgelopen weken een topavond toneel in een afgelegen pand aan de Lindengracht. Regisseur Laura Adriaanse schreef teksten - mede op basis van gedichten van Sam Shepard - voor actrice Irene Slotboom. Een solo om van te smullen, klein, zuiver en ontroerend. Victoria Meirik regisseerde Margien van Diesen en Annette Maas in een tekst van de omstreden Peter Handke, Zelfbeschuldiging - actueler in het Kosovo /Servië-debat kan het bijna niet. Remko van den Ende regisseerde Thijs Römer en Joost Claes in Albee’s Zoostory - een volkomen kaal gespeelde tekst over de achterkant van zinloos geweld. De voorstelling kwam aan als een mokerslag. En Yadegarian regisseerde met een bijna wiskundige precisie een liefdesdrama op een tekst van de Japanse schrijver Yukio Mishima, Boom uit de tropen. Elles Pleijter bracht entre 'acts van Karl Valentin, Beierse clown uit de jaren twintig - kleine feestjes van komedie-acteren. De flitsende toneelavond duurde van zeven tot elf. Ik heb me geen seconde verveeld. Niet geselecteerd! En dat voor een uniek samenwerkingsproject tussen aankomende acteurs en regisseurs (dank: begeleider Titus Muizelaar). Festivals raken soms hun oorspronkelijke idealen kwijt. Dan worden ze een Instituut. Met de grote I van Instelling, zonder de kleine i van inbraak. Grote muren eromheen. Geen doorkomen aan. Misschien is het ITs langzamerhand toe aan een off-off-festival. Zíj hun grote broek en de studenten een speelplek vér weg van de Amsterdamse binnen stad. Zonder hoempapa & tralala. Laat maar zien hoever jullie gekomen zijn. Dat interesseert mij meer dan hoe groot jullie aanpassingsvermogen aan de gevestigde orde is. Kan altijd nog. Toch?