Martin Simek interviewt Martin Simek over seks

‘Een stijve is niet alleen maar Sturm und Drang’

Alles wat Martin Simek doet, doet hij met liefde, zelfs niets doen. Dat is voor hem de sleutel tot een gelukkig leven. Seks is volgens Simek niet te ontlopen. Hoe meer je het probeert, des te meer het je obsedeert. Terwijl liefdevolle seks ons arme hoofd zo mooi kan laten uitrusten.

IN EEN INKTZWARTE prent witte tekstballonnetjes met:

  • ‘Naar links!’
  • ‘Naar rechts!’
  • ‘Omhoog!’
  • ‘Ja daar!’ Opschrift: Seksuele revolutie in Nederland. Of: een jongeman komt boven een jonge vrouw klaar met een vulkanische eruptie. Intussen spreekt hij zijn beteuterde partner streng toe: ‘Dit is de laatste keer dat ik je een orgasme voordoe.’ Of: een bejaarde man op een bankje in het park fluistert zijn intens trieste echtgenote teder toe: ‘Maar waarom heb je me dan nooit vertéld dat je een clitoris hebt?’ En tot slot uw klassieker: een verbitterde vrouw beklaagt zich: ‘Van mannelijke geslachtsorganen raak ik zeer opgewonden, maar helaas zit er meestal een lul aan vast.’ ‘U vergeet mijn lieveling. Een vormloze, extreem lelijke, behaarde naakte vrouw zit wijdbeens op de rand van het omgewoelde bed en constateert: “Het feit dat zelfs ik seksueel niets tekortkom, bewijst dat mannen viezeriken zijn.”’ En zo zouden we nog wel uren kunnen doorgaan. Toen u in 1978 als cartoonist begon, was seks uw favoriete thema. Waarom? ‘Om twee redenen. Nederland was de maatschappelijke effecten van de seksuele revolutie aan het inventariseren en ik droeg graag mijn steentje bij. En ten tweede, dat was misschien nog een belangrijker reden: iedereen denkt altijd dat een grap niet over hem gaat. Daarom hebben cabaretiers succes. Zelfs als de eerste rij wordt vernederd, denkt de rest van de zaal dat daar een ander soort mensen zit. Goed beschouwd: verrassend is het niet. Per slot is de mens een grap die boos wordt als er om hem gelachen wordt. Seks als thema heeft het voordeel dat we er allemaal mee te maken hebben. Zonder seks zou er geen leven op aarde zijn, net zo min als zonder water of zuurstof. Gebrek aan drinkwater of lucht blijft voor verreweg de meesten echter maar een theoretisch probleem, terwijl met seksueel droogstaan iedereen toch wel zijn directe ervaring heeft, al geven we het niet graag toe. Ook over de kwaliteit van onze seks zitten we meer in dan over de veelvuldig aangekondigde dood van onze Moeder Aarde. Kortom, niemand kan om seks heen en nog wel het minste wie hem officieel heeft afgezworen, want de seksuele natuur laat zich niet onderdrukken. Wat wil een cartoonist nog meer dan dat iedereen zich voelt aangesproken?’

WANNEER RAAKTE u voor het eerst seksueel opgewonden?
‘Mijn eerste stijve, als u dat bedoelt, staat me niet helder voor de geest. Dat deed me overigens tot mijn 57ste aan mezelf twijfelen. “Lul!” sprak ik mezelf er regelmatig op aan. “Je hebt die herinnering vast destijds onderdrukt uit angst voor represailles.” Tot ik rond mijn 57ste verjaardag de eerste stijve van mijn zoontje van twee aanschouwde, en kort daarop nog eens en nog eens. Door hier en daar te informeren kwam ik er al snel achter dat het hier niet om een anomalie ging, en dat mijn vrouw geen seksueel monster had gebaard, maar dat een stijve ook met een gevoel van welbehagen en ontspanning te maken heeft en niet alleen maar met Sturm und Drang. Iets waar ik trouwens als oudere inmiddels ook zelf al achter was.’
Maar toch nog even terug naar de kleine Simek senior. Laten we de stijve erbuiten houden. Wanneer werd u zich er voor het eerst van bewust dat seks bestaat?
‘Ik zat in de hal van onze Praagse villa met een autootje te spelen. De hindernissen waren twee paar voeten, die van mijn moeder en die van de buurvrouw, wijlen mevrouw Sejnová, God hebbe haar ziel. De benen van mijn moeder waren slank en elegant en verdwenen in een nauwsluitende jurk. De buurvrouw had een monumentale bouw die vroeg om een wijde rok die om haar heupen danste bij de minste beweging. Op een gegeven moment kwam mijn autootje onvermijdelijk tussen haar voeten tot stilstand. Ik dook onder haar rok, pakte mijn autootje, ging op mijn rug liggen om het autootje eens goed van onder te bestuderen, zoals ik de mannen in onze straat op zondag regelmatig zag doen. Wie anno 1952 in het communistische Praag nog een auto uit betere tijden had staan, kon hem zich nauwelijks meer permitteren. Je lag er meer onder dan dat je erin reed, want benzine was niet te betalen. En zo lag ik daar dus ook, als een echte man, op de rug, onder mijn autootje dat ik boven mijn gezicht hield. En op dat ene ogenblik werd me duidelijk dat ik in mijn verdere leven het mysterie niet in motoren zou zoeken, maar onder vrouwenrokken. Mevrouw Sejnová die, als ze eenmaal aan het woord was, niet van ophouden wist, verplaatste zich nog een paar keer, maar iedere keer wist ik het zo te spelen dat ik weer per ongeluk onder haar rokken terechtkwam. Uiteindelijk maakte mijn moeder een einde aan mijn geklier door me de tuin in te sturen om een perzik voor mezelf te plukken. Hoe gek ik ook was op perziken, die dag hadden ze het afgelegd tegen de verboden vruchten.’
Om precies te zijn: bewust van seks werd u dus op uw…
‘Mijn vierde. Maar ik zou eerder van seksueel ontwaken willen spreken. Seksuele bewustwording is een levenslang proces.’
Hoe ver bent u?
‘Het mysterie wordt alleen maar groter, de problemen zijn verdwenen.’
Wablief?
‘Voor beginners is seks een probleem, voor gevorderden een mysterie. De problemen dienen opgelost, het mysterie geëerbiedigd.’
Welke seksuele problemen hebt u in de loop der jaren moeten overwinnen?
‘Een meesterlijke open vraag. Als ik daar op inga, beginnen we aan een encyclopedie. De introductie zou luiden: meisjes worden voor jongens een probleem vanaf het moment dat ze ze als meisjes gaan ervaren. En het werkje met de voorlopige titel “Hoe de onneembare vesting droomt van overgave” zou eindigen met de conclusie: vrouwen zijn een geschenk dat je krijgt als je er niet om zeurt en het niet probeert uit te pakken nog voor je het hebt gekregen.’
Vrouwen fantaseren dus over overgave. En mannen?
‘Seksuele overgave is volgens mij de ultieme volwassen fantasie van allebei de seksen. Daar kunnen ze me vandaag nog altijd voor wakker maken. Hogeschoolseks is een spel waarbij de regie beurtelings door beide hoofdrolspelers wordt gevoerd. Op de lagere, middelbare en ambachtelijke seksscholen zijn slaven en meesters in de weer. Dat zijn de etappes die iedereen moet doorlopen, maar met een beetje talent voor de materie kun je gelukkig vele klassen overslaan. Seks is niet alleen dressuur, dat is slechts een onderdeel. De denkbeeldige zweep wordt door de partners op speelse wijze aan elkaar overhandigd. Ik zeg expres “denkbeeldig”, want net zoals een in het spel verzonken kind in een takje een vliegtuig ziet, kunnen twee volwassen seksspelers elkaar bijvoorbeeld vastbinden zonder dat er touwen, laat staan boeien aan te pas komen. Het spindraad van de wederzijdse fantasie is genoeg om elkaar te knechten. Ja, beste meneer Simek, was u maar een vrouw, dan zou u begrijpen wat ik bedoel.’
Hebben vrouwen meer fantasie dan mannen?
‘We bevinden ons op het terrein waar generaliseren extra storend is. Want wat is nou persoonlijker dan fantasie? Zodra we het over collectieve fantasieën hebben, hebben we het over ideologieën. En ideologieën zijn, dat heeft de geschiedenis voldoende bewezen, porno. Het verbaast u hoop ik niet dat ik tegen porno ben, want porno doodt de eigen fantasie en biedt daarvoor in de plaats instantfantasieën aan.’
Wat was er eerder, liefde of seks?
‘Ik heb de neiging om liefde te zeggen, merk ik. Als in één klap alle liefde uit de wereld verdwijnt, betekent dat het onmiddellijke einde. Een absoluut liefdeloze wereld haalt het geen seconde. Terwijl als seks in één keer uit de wereld verdwijnt, we nog honderd jaar hebben om uit te sterven. Dus omgekeerd geredeneerd: wie erin gelooft dat seks er eerder was dan liefde, gelooft in de evolutie. Ik heb mezelf door uw vraag erop betrapt dat ik kennelijk toch in de een of andere creatietheorie geloof, hoe onvoorstelbaar die me ook voorkomt.’

MET ALLE RESPECT: een goed interview moet het niet zozeer van theorieën hebben, maar vooral van verhalen. Van voorbeelden die de theorieën staven. Zou u met de lezer een taboe doorbrekende ervaring willen delen alstublieft?
‘Vrijwel direct na de val van de Muur, op mijn 42ste, beleefde ik een heftige seksuele liefdesrelatie met een Tsjechoslowaakse tv-journaliste. We deden er een blik lang over om voor elkaar te vallen. Haar engelachtige gezicht deed me aan de heldinnen van de zwart-witfilm denken. Kennelijk ging ik er altijd al van uit dat zij, net als Maryla – ja, laten we haar Maryla noemen – blauwe ogen hadden. Ze straalde een klasse uit die mijn vaderland veertig jaar lang had moeten ontberen. Een vervlogen beeld uit de tijden van mijn ouders. Het was tijdens de cabaretvoorstelling van mijn broer Slávek dat ik haar ontmoette. “Dit is mijn jongere broer Martin”, stelde hij mij aan haar voor. “Hij heeft een Nederlands paspoort en is net over uit Italië. Wat hij in het leven precies uitspookt weet niemand, maar het komt er ongeveer op neer dat hij het halve jaar feest en danst en de rest van het jaar rust. En hij kan er nog van leven ook.”
Toen mijn broer vervolgens Maryla aan mij wilde voorstellen, onderbrak ik hem. “Doe geen moeite, Slávek, wij kennen elkaar al.”
“Werkelijk?” wendde mijn broer zich verbaasd tot haar.
Ze knikte en glimlachte bevestigend zonder mijn blik los te laten.
“Waarom mocht je broer mij niet aan je voorstellen?” vroeg Maryla een paar dagen later toen we in elkaars armen wakker werden.
“Omdat ik van jóu wilde weten wie je bent. En je begon meteen goed, door met me mee te spelen.”
“Ik ken je al mijn hele leven”, zei ze.
En ik liet het zo, want de seksuele liefde moet het van spel en autosuggestie hebben en lieve leugens. De waarheid kan wachten. Ik genoot van de vanzelfsprekende hartstocht waarmee wij elkaar bezaten. Al bij onze eerste keer vormden we een danspaar van twee zielen en één lichaam. Omdat we het dierlijke toelieten, rustten onze arme hoofden uit. En toch had Maryla voor mij maar één enkele minnaar gehad. Een beroemdheid in Praag, een groot kunstenaar. Hij was op dat moment al een jaar dood.
Elf jaar was ze zijn minnares geweest, vanaf haar zeventiende. De dag voor zijn dood – hij werd 81 – beantwoordde hij de vraag van het Tsjechoslowaakse journaal over hoe het met hem ging met: “Ik voel me nog steeds net zo jong als vroeger, alleen nu nog maar één kwartiertje per dag.”
Zoveel maanden later, bij de zoveelste verrassende variatie op hetzelfde thema, hoor ik Maryla in opperste opwinding fluisteren: “Plas op mij.”
Ontnuchterend vond ik het. Onsmakelijk. Jaloers was ik waarschijnlijk ook. Ik zag plotseling die oude zeikerd voor me. Maar wat ik ook mocht voelen, en of ik daar recht op had of niet, maakt niet uit, ik had nooit in mijn paniek de laffe reactie mogen hebben die ik had. Doen of ik het niet had gehoord. Iemands openheid stapje voor stapje verwerven en er vervolgens voor terugschrikken is een soort misdaad waar geen straf op staat. Behalve een gevoel van schaamte en schuld dat me waarschijnlijk altijd zal bijblijven. Uitgeput lagen we even later naast elkaar, voor de eerste keer verdeeld en onvoldaan. We wisten allebei dat we voorgoed uit het paradijs waren verstoten. Het was niet terug te draaien. Ik had geweigerd haar geheim met haar te delen.’

HEEFT EEN VROUW u ooit in bed gekwetst?
‘Gelukkig niet, want ik ben nooit naar bed geweest met vrouwen die niet honderd procent naar me verlangden. Vele mannen doen zich dat in hun geilheid aan. Ik raad het ze ten sterkste af. Het is desastreus voor hun zelfvertrouwen, dat zie ik overal om me heen. Je zelfvertrouwen verlies je maar één keer en het gaat veel sneller dan dat je het verwerft.’
Wat was het meest bruikbare seksuele advies dat ú ooit hebt gekregen?
‘Op mijn achttiende raadde mijn twaalf jaar oudere broer Ruda me aan: “Trek je af iedere keer voor je naar een belangrijk afspraakje gaat. Dan val je de meisjes niet met je geilheid lastig.” Dat ik die raad eerst opvolgde en pas later begreep, heeft me geen windeieren gelegd.’
Zit er nog een heldenverhaal in?
‘Eerder een curieus verhaal. Ik moet rond de 23 zijn geweest want ik woonde toen al – en nog – in de Govert Flinckstraat. Op een terras zag ik een vrouw die alle simpele mannelijke dromen belichaamde. Ze zal een jaar of 29 zijn geweest. Het was op een dinsdag. Ik had vast niets gedurfd, ware het niet dat ze direct na mij om de rekening vroeg. De ober rekende eerst af met mij en toen met haar. Ik stond op dat moment al bij haar tafeltje en bood haar mijn hand, zoals een vader aan een kind bij het oversteken, of een geliefde aan een geliefde. Ze pakte hem en we liepen samen weg, zonder een woord te wisselen de Govert Flinckstraat in. Sleutel in de buitendeur, trap op, sleutel in de binnendeur. Deur achter ons dicht. We kleedden elkaar uit, we vreeën, we kleedden elkaar weer aan. En op de drempel zei ze alleen: “Tot dinsdag.” De dinsdag daarop zei ze zelfs dat niet meer op de drempel.’
Hoe raakte het uit?
‘Drie dinsdagen later vroeg ik tijdens het naspel vertederd: “Hoe heet je?” Haar stralende ogen werden op slag triest. “Jammer”, zei ze alleen. Daarna heb ik haar nooit meer gezien.’