Een stralend olympisch dorp

Het Olympisch vuur in Atlanta zou wel eens een tijdbom kunnen aansteken. Want midden in het Olympisch Dorp bevindt zich een stralende atoomreactor
MET BLOED overstroomd wankelen mannen, vrouwen en krijsende kinderen door het zakencentrum van Manchester. Hun gezichten zijn door glassplinters aan stukken gereten. De bomaanslag tijdens het Europees kampioenschap voetbal, medio juni, heeft tweehonderdzeven gewonden gekost. Ondanks het mobiliseren van vijfentwintigduizend politieagenten werd weer een internationaal sportevenement geterroriseerd. Dit keer door de IRA. Die andere keer, in 1972, bij de Olympische Spelen in Munchen, brachten Palestijnse gijzelnemers elf Israelische atleten om het leven.

Een enkele atleet die straks bij de Olympische Spelen in Atlanta zal aantreden, zal dit doen met beklemd gemoed. Want midden in het Olympisch Dorp bevindt zich een atoomreactor met een hoge radioactieve straling.
Op 1 juli kwam reeds de eerste bommelding binnen. Het resulteerde slechts in nerveus overleg tussen Zell Miller, de gouverneur van Georgia, Bill Campell, de burgemeester van Atlanta, en Billy Payne, de hoogstverantwoordelijke voor de Olympische Spelen. De openingsceremonie van het Olympisch Dorp - in feite een demonstratie van de perfecte veiligheidsmaatregelen - ging gewoon door. De campusgasten, onder wie zo'n tweehonderd journalisten, werden zelfs niet geinformeerd over het bomalarm en de zoekacties.
‘Wij zweten bloed hier’, zei de eenenvijftigjarige strijdster voor burgerrechten Pamela Blockey-O'Brien. 'Dit keer was het nog vals alarm, maar het is hier een tikkende tijdbom.’
Op een paar honderd meter afstand van de woonblokken waarin de ongeveer veertienduizend sporters en sportsters zullen worden ondergebracht, staat het Atoomcentrum van de Technische Universiteit van Georgia, met zijn radioactieve binnenste. De reactor is in november 1995 uitgeschakeld en het radioactieve atoomafval is buiten de grenzen van Atlanta gebracht. De situatie is dus volkomen risicovrij, volgens de officiele lezing. Maar het Olympisch Comite van Atlanta verzwijgt dat het complex nog steeds tritiumhoudend zwaar water en ongeveer driehonderdduizend curies kobalt 60 bevat.
De Duitse Olympische sportheldin Heike Henkel is woedend: 'Wij worden bij de neus genomen. Niemand neemt de moeite ons op de hoogte te stellen, geen mens die zich iets van de situatie aantrekt!’ Zij vreest dat het reactorcomplex tijdens de Spelen het doelwit van een terroristische actie zal worden.
HET IS KOSTBAAR en niet ongevaarlijk het atomaire materiaal buiten het Olympische Dorp te brengen. Het kobalt 60, gebruikt voor wetenschappelijke en waarschijnlijk ook militaire doeleinden, is in een waterbassin opgeslagen. Zinkt de waterspiegel onder een bepaald niveau, dan komt er een straling vrij die niet zonder levensgevaar onder controle te krijgen is.
In de de nacht van 23 maart 1995 ging het alarm af: het bassin had water verloren. Tot op heden is het niet duidelijk of er ventielen lekten of dat er wellicht scheuren in de door radioactiviteit aangetaste betonnen bassinrand zijn ontstaan. Er bestaan twijfels over de stabiliteit van de fundamenten. In 1993 kwamen bijvoorbeeld in de directe omgeving van de reactor twee arbeiders om het leven. Zij stortten in een plotseling ontstane scheur in de aarde.
De berg van rapporten, die een langjarige geschiedenis van incidenten en mismanagement documenteren, belooft niet veel goeds. In vol bedrijf straalde het interieur van het gebouw vijf rem per uur uit, als gevolg van een lek in het reactorblok. Tevergeefs probeerde men het gat te dichten met een soort kleefstof. De reactor bleef in gebruik. Er kwam radioactief afvalwater in het centrale distributiesysteem terecht, een onderdeel van de gemeentelijke drinkwatervoorziening.
Op 15 februari 1994 werd de reactor gestart met verkeerd aangesloten kabels. Ontsteld werd geconstateerd dat de zogeheten scrams, die in noodgevallen de kernreactor buiten werking stellen, niet functioneerden.
Er bestaat binnen de centrale al jarenlang verzet tegen het beleid van dr. Ratib Karam, de directeur van de reactor. Toen twee veiligheidsbeambten na een mislukt experiment bij de autoriteiten een cadmium-115-vergiftiging meldden, werden zij prompt ontslagen. En in 1990 nam Brian Coputt, chef van de veiligheidsdienst, zijn ontslag. Hij had de opdracht gekregen eventuele inbreuken op de veiligheidsvoorschriften te negeren - hetgeen hij niet voor zijn rekening wilde nemen.
Atoomreactoren opereren onder de voorwaarde dat er, binnen economische grenzen, met de grootst mogelijke voorzichtigheid met radioactiviteit wordt omgesprongen. Er bestaan richtlijnen in de Verenigde Staten, maar geen wettelijke voorschriften - en dit betekent een permanent risico voor de volksgezondheid.
'Ik zou de atleten niet adviseren op deze vergiftigde campus te gaan wonen’, concludeert dr. Rosalie Bertell, verbonden aan het Canadese International Institute for Public Health, na een milieuonderzoek. Gerhard Schmidt, ingenieur voor atomaire veiligheidsproblemen te Darmstadt, zegt op zijn beurt: 'Men mag er van uitgaan dat elke vorm van radioactiviteit inmiddels het risico van kanker impliceert.’
'Die lui hebben het risico bewust ingecalculeerd omdat zij andere belangen zwaarder laten wegen.’ Aldus de Duitse tienkamper Paul Meier over het Olympisch Comite. Hij vindt het ongehoord een Olympisch Dorp in de onmiddellijke omgeving van een kernreactor op te trekken.
De zaak is op het ogenblik in onderzoek bij het Internationaal Olympisch Comite in Lausanne. Atlanta’s Olympiachef Billy Payne gaf op een persconferentie het volgende commentaar: 'Ofschoon wij onze gasten hartelijk liefhebben en hen zo goed mogelijk zullen verzorgen, zijn zij ons niet liever dan onze bloedeigen kinderen. Die leven al jarenlang zonder problemen in de omgeving van de reactor.’
Maar waarom ging Payne dan niet in op de brief die hij in december 1993 ontving van Robert M. Boyd, ex-veiligheidsbeamte bij de reactor? Deze schreef een brief met het nadrukkelijke advies de campus van radioactief materiaal als zwaar water en kobalt 60 te zuiveren, omdat hij vreesde voor sabotage en terreur.
Het was tevergeefs. Ook protesten van de actiegroep Georgians Against Nuclear Energy en honderden brieven, telefonades en e-mails van Pamela Blockey O'Brien gericht aan politici, de FBI en de Amerikaanse autoriteiten, hadden geen enkel effect.
HET BUREAU VOOR milieubescherming in Georgia heeft zonder meer een vergunning afgegeven voor het radioactieve materiaal. Directeur Thomas Hill verklaarde dat hij het kobalt niet kon laten afvoeren, omdat dit materiaal eigendom is van de Georgia Universiteit. En reactor-directeur dr. Ratib Karam beweert dat het kobalt honderd procent veilig is opgeslagen, en dat het bovendien nodig is voor experimenten.
Er zijn geruchten dat het Witte Huis een decreet voorbereidt dat toch verplicht tot het verwijderen van het radioactieve materiaal. Het wachten is echter nog steeds op de presidentiele handtekening.
Maar dit kobalt 60 kan je niet zomaar als een afgedankte kerstboom dumpen, zegt Gary W. McConnel, chef van de Olympische veiligheidsdienst. Men probeert te doen wat naar menselijke maatstaven mogelijk is. Er zijn nieuwe prikkeldraadversperringen opgetrokken, de bewaking is volstrekt hi-tech en er zijn vijftienduizend soldaten in Atlanta gestationeerd. Het budget dat de Amerikaanse regering voor de veiligheid heeft gereserveerd, bedraagt bijna zeventig miljoen dollar, waarvan onder meer vijftig veiligheidsorganen worden gefinancierd.
Er is reeds, met het oog op eventuele terroristische acties, geoefend onder de codenaam 'Mirrored Image’. In een intern document wordt serieus rekening gehouden met terroristische aanslagen. Het Amerikaanse Nuclear Emergency Search Team heeft opdracht gekregen voor een studie naar de gevolgen van een bomaanslag op de reusachtige kobaltbronnen.
De Canadese wetenschapster dr. Rosalie Bertell weet de uitkomst eigenlijk al: 'Een terroristische aanslag zal tot een catastrofe leiden die erger is dan Tsjernobyl. Er zullen vele doden vallen, en onze topatleten zullen de eerste slachtoffers zijn.’