Een tikkie bakboord

Soms leken de politieke analysen van Ruud Lubbers, premier in ruste, regelrecht ontleend te zijn aan het jaarverslag van de Koninklijke Nederlandse Scheepvaart Maatschappij. ‘Politiek gevoel is het schippersoog. Over tien minuten gaat de wind uit een andere hoek draaien. Maar ik wil toch graag de weersvoorspelling kennen. Je kan niet simpel zeggen: de haven ligt vol. Een open democratie is heel mooi, maar iedere keer lopen politieke partijen, ministers en staatssecretarissen, het risico dat zij te windgevoelig zijn, te snel de zeilen laten hangen daar waar de wind vandaan komt, analyseren waar de rotsen liggen die het schip kunnen doen zinken. Er is een zekere dynamiek voor nodig, een schip moet een zekere vaart hebben, anders wordt het stuurloos. Het moet op stoom gehouden worden ter voorkoming van averij.’

Moge de beeldspraak van Lubbers zich orienteren op de zoutwaterdoordesemde wereld van de zeezeilerij, zijn opvolger Wim Kok bedient zich bij voorkeur van beeldspraak die aan de proletarische voetbalsport is ontleend.
Hij mag graag constateren dat er ‘meer op de man dan op de bal’ wordt gespeeld en heeft al menig maal een 'gele kaart’ getoond, soms in de richting van zijn morrende achterban, soms in de richting van zijn collega’s.
Zoals collega Aad Nuis, die in zijn naiviteit zo maar meende te kunnen verkondigen dat er van het bezuinigen op het hoger onderwijs geen sprake kon zijn. De staatssecretaris kreeg een harde tik op de vingers en haalde vervolgens… bakzeil, zal ik maar zeggen.
Want als het om sportieve metaforen gaat kiezen de journalisten eerder voor het ruime sop dan voor de middencirkel. Herman Wigbold, in NRC Handelsblad over de toenmalige WAO-crisis: 'Zouden de coryfeeen er wel eens over hebben nagedacht wat voor indruk de PvdA op haar kiezers - en weggelopen kiezers - zou maken als ze zich juist nu bereid verklaart de zeilen te strijken, terwijl iedere leerling-matroos kan zien dat er voorlopig geen andere oplossing is dan alle hens aan dek?’
Hylke Speerstra, toentertijd in zijn Leeuwarder Courant, over dezelfde WAO: 'Wie vandaag het politieke logboek openslaat, ziet hoe Lubbers in de kapiteinskamer verkeert en Kok op de brug de koers een beetje probeert te verleggen. Een tikkie bakboord. Vanaf het benedendek klinkt het gebrul van de muitende achterban hem nog schel in de oren. Nochtans waagt roerganger Kok zich onder zijn manschappen en oogt vastberaden. Als de hoogste baas die in geval van schipbreuk van boord stapt.’
Zelden is zo overtuigend aangetoond dat Nederland een zeevarende natie en Friesland een waterrijke provincie is.
Een regeringsperiode later enterde Aad Nuis de Tweede Kamer om uit te leggen of hij nu wel of niet van plan is dat half miljard te bezuinigen. 'We moeten varen tussen twee boeien door’, zei de staatssecretaris. 'De bezuiniging van een half miljard uit het regeeerakkoord is de ene. Noodzakelijk en open overleg over de toekomst van het hoger onderwijs is de tweede. Ons probleem is nu om de juiste koers te vinden.’