Veel Afghaanse agenten zijn analfabeet en opiumverslaafd

Een uniform koop je op de bazaar

Na jarenlange training is de Afghaanse politie nog altijd grof, corrupt en roofzuchtig. Als aan de structurele problemen niets wordt gedaan, is de politiemissie van de regering-Rutte gedoemd te mislukken.

Medium anp 14527582 11 51 01

IN ZIJN woonplaats Kaboel hield kunstenaar Aman Mojadidi afgelopen zomer de ene na de andere auto aan. Hij was gekleed in een authentiek Afghaans politie-uniform, grijs-blauw, compleet met pet. De kunstenaar controleerde autopapieren en kofferruimtes, precies als bij al die echte controleposten in de Afghaanse hoofdstad. Die zijn er niet alleen om aanslagen te voorkomen, maar ook als extraatje voor de agenten, die vaak openlijk vragen om geld. Wie geen problemen wil drukt hen maar beter wat smoezelige biljetten in de handen. De nep-agent pakte het anders aan. ‘Namens de gemeente Kaboel en de politie, als u in het verleden smeergeld heeft moeten betalen: mijn verontschuldigingen. Neemt u alstublieft deze honderd Afghani’, zei de kunstenaar na elke 'controle’ tegen de verbouwereerde chauffeurs. Sommigen durfden het geld (ongeveer twee dollar: een dagloon) niet aan te nemen, bang dat de agent hen een loer aan het draaien was die hen duur te staan zou komen.
Als het aan de regering-Rutte ligt stuurt Nederland binnenkort civiele politieagenten en militaire marechaussees om Afghaanse op te leiden. Een nieuwe missie, die zich ondanks de inzet van vijfhonderd militairen, vier F16’s en slechts 45 civiele functionarissen volgens de regering verre zal houden van 'offensieve militaire activiteiten’ (zie kader).
Al sinds 2002 is de internationale gemeenschap nauw betrokken bij het opleiden van de Afghaanse politie. Veel heeft dat niet geholpen. Een kleine greep uit de kwesties van het afgelopen jaar: de politie heeft met haar corruptie en machtsmisbruik de mensen in de armen van de Taliban gedreven, zegt een verbitterde Engelse militaire commandant. De Amerikanen houden een klopjacht naar tienduizenden verdwenen automatische geweren, raketwerpers en machinegeweren die ze aan de politie leverden. Waarschijnlijk zijn ze door corrupte commandanten verkocht - aan de Taliban. Een derde geval: een politiecommandant speelt tegen betaling informatie door aan de Taliban. Dat leidt tot een serie bloedige aanvallen en de ontvoering van een Amerikaan, die later wordt vermoord.
Er zijn de afgelopen jaren over de Afghaanse politie rapporten verschenen van gerenommeerde denktanks als de International Crisis Group, het Foreign Policy Research Institute en de Afghanistan Research and Evaluation Unit waarin de alarmbel wordt geluid. Ook de inspecteurs-generaal van de Amerikaanse ministeries van Defensie en Buitenlandse Zaken waren vernietigend in hun oordeel over de politiehervorming. Agenten waren -onbekend met de basisvaardigheden van het politiewerk (wetshandhaving); niemand wist precies hoeveel agenten er werkelijk waren en hoeveel 'spookagenten’, wier salaris werd geïnd door corrupte commandanten; apparatuur, voertuigen en wapensystemen verdwenen spoorloos. Al die problemen spelen nog altijd.
Zouden Nederlandse politietrainers hier verandering in kunnen brengen? Dat is niet waarschijnlijk. Wel is de keuze voor een politie-opleidingsmissie in dit stadium van de Afghaanse oorlog minder schadelijk dan opnieuw een militaire missie.
Analisten binnen en buiten de Navo zijn het er al jaren over eens - en alle generaals en politici uit al die landen die al jarenlang troepen leveren voor Afghanistan zeiden het hen steeds na: het is te laat om de Taliban te stoppen met militair geweld. Het enige wat de Taliban kan stoppen, stellen ze, is zonder dwang zorgen dat de mensen zich van hen afkeren, hun geen schuilplaatsen, voedsel en rekruten meer bieden en zich tegen hen durven te verzetten. Dat is wat counterinsurgency wordt genoemd: opstandbestrijding. Bij effectieve opstandbestrijding hoort altijd een effectieve en rechtvaardige lokale politiemacht die de mensen bescherming biedt en hun elke dag weer bewijst dat de overheid waarvan zij de sterke arm is hun steun waard is. 'Goed politiewerk is onmisbaar voor de democratie, en het functioneren van de democratie is onmisbaar voor opstandbestrijding. (…) Om de politiehervorming in Afghanistan te doen slagen, moet een betrouwbare, civiele politie worden gecreëerd die de wet handhaaft en zich er zelf aan houdt’, stelt de International Crisis Group.
Leg je de rapportages en onderzoeken van de afgelopen jaren naast elkaar, dan is duidelijk dat het precies dáár mis gaat. Ten eerste wordt er geen 'civiele politie’ door de opleiders gevormd, maar een 'vechtpolitie’ die weinig met de rechtsstaat op heeft. De opleiding wordt gegeven door de Navo en de EU. De Nato Training Mission - Afghanistan (ntm-a) leidt de gewone agenten op. De ntm-a wordt gedomineerd door het Amerikaanse ministerie van Defensie, met zo'n 2500 opleiders en nog eens 550 trainers van de private militaire firma Dyncorps. eupol, de missie van de EU die zich vooral richt op de officieren, wordt beschouwd als een teleurstelling. Met zijn 304 politietrainers verbleekt ze bij de ntm-a. De militaire inslag van de ntm-a heeft ertoe geleid dat de agenten vooral worden getraind in gevechtstechnieken, niet in het bestrijden van criminaliteit en het wekken van vertrouwen bij de bevolking.
Dat zou ook veel langer duren dan de huidige training, en de Amerikanen hebben haast. Ze willen de oorlog 'Afghaniseren’, zodat president Obama nog voor de verkiezingen troepen naar huis kan halen. Vanaf deze zomer wordt de verantwoordelijkheid voor de veiligheid stapsgewijs overgedragen aan de Afghanen. In 2014 moeten zij de teugels weer volledig in eigen hand hebben, en daarvoor zijn grote aantallen agenten nodig: 134.000. Op dit moment is daarvan nog geen driekwart operationeel, maar de output is hoog. De opleiding tot agent duurt slechts zes weken (was acht, ingekort door Obama), en voor analfabeten (negentig procent van de rekruten) nog korter. De onderofficiersopleiding is ingekort van een jaar naar vierenhalve maand. Ter vergelijking: in Nederland duurt de opleiding van een gewone agent al drie jaar. Omdat veel rekruten nodig zijn, worden ook opiumverslaafden (minstens twintig procent) in een politie-uniform gehezen. 'De agenten doen het werk van de militairen’, zei Paul Meijers vorig jaar, destijds hoofd van het opleidingsprogramma van eupol.
Ten tweede functioneert de democratie volstrekt niet, laat staan dat er sprake is van een rechtsstaat. De huidige politie wordt in een van de rapporten beschreven als grof, corrupt en roofzuchtig. Diezelfde beschrijving gaat inmiddels op voor de regering die zij zou moeten dienen. President Hamid Karzai heeft zich na het stelen van de verkiezingen ontpopt als een grillige despoot die vrienden en bondgenoten naar believen op strategische posten benoemt. De mensen zijn het vertrouwen in hem kwijt. Daar komt bij dat het rechtssysteem niet werkt. Er is een constitutie, er zijn wetten, maar er zijn nauwelijks rechters en openbaar aanklagers. Degenen die in functie zijn krijgen zo weinig betaald dat ze zich graag laten omkopen. De bevolking neemt zijn toevlucht tot sharia-rechtbanken van de Taliban, die beschikken over rondtrekkende rechters op motorfietsen en snel en effectief vonnis wijzen. Ook jirga’s (vergaderingen van stamoudsten) zijn een populair alternatief middel om enige gerechtigheid te verkrijgen. Maar doorgaans worden die gecontroleerd door criminele krijgsheren en andere lokale potentaten met onfrisse belangen.
Die hebben zich bovendien - en dat is het derde grote probleem - in de politieorganisatie genesteld. De internationale gemeenschap heeft een onherstelbare dubbele fout gemaakt. Na het verdrijven van de Taliban eind 2001 liet ze de politie en het platteland links liggen, waardoor de krijgsheren hun machtsposities konden veiligstellen. Zij gingen het ministerie van Binnenlandse Zaken domineren en wisten hun milities de politie binnen te loodsen. Dáár ligt de oorzaak van het machtsmisbruik en de corruptie. De enige manier om daaraan een einde te maken is het van de grond af opbouwen van een nieuwe politiemacht, zoals gebeurde bij het leger. Te omslachtig, oordeelt men, te duur. En het zou de westerse mogendheden nog langer binden aan de desastreus verlopende oorlog.
Als aan deze problemen niets gedaan wordt, is elke poging om een geloofwaardige politiemacht in Afghanistan op te bouwen gedoemd te stranden, oordelen onderzoekers. Daar komt bij dat de huidige situatie grote risico’s herbergt voor de buitenlandse trainers. Kunstenaar Aman Mojadidi kocht zijn originele politie-uniform open en bloot op de bazaar, terwijl de verkoop van leger- en politie-uniformen streng verboden is om infiltratie van zelfmoordcommando’s tegen te gaan. Maar een Afghaanse agent, zo luidt de volkswijsheid, die verkoopt nog zijn eigen moeder.

Beeld: Abdul Malik/ANP


De missie volgens de regering
De voorgestelde missie zal duren tot in 2014 en behelst ongeveer 545 personen. Van hen hebben 225 tot taak de politie op te leiden: vijftig marechaussees, veertig civiele politiefunctionarissen en 135 militairen. Ter beveiliging en ondersteuning van opleidingsteams te velde worden nog eens 125 militairen ingezet. Zeventig militairen worden geplaatst in verschillende staven van de Navo-macht ISAF. Vier F16’s (120 man) zullen luchtsteun bieden en verkenningen uitvoeren. Nederland wil zich ook richten op de justitiële keten (zonder rechtsapparaat geen rechtsstaat) en stelt daarvoor vijf experts ter beschikking.
Het zwaartepunt ligt in de noordelijke provincie Kunduz, waar Duitse militairen zijn gelegerd. Ook in Kabul en Bamiyan (midden-Afghanistan) zullen trainers worden ingezet. De militairen en F16’s hebben volgens de regering geen offensieve taken.
Over de missie moet nog gedebatteerd worden. De regering zoekt naar een zo breed mogelijke Kamermeerderheid, zoals gewoonlijk bij (openlijke) militaire inzet. Maar ook zonder meerderheid mag de regering besluiten de missie te laten doorgaan. Dat is echter nog nooit gebeurd.


Politie als exitstrategie
Tussen 2011 en 2014 draagt de Navo in fasen de veiligheidstaken over aan de Afghaanse overheid. Het opleiden van leger en politie vormt daarmee de basis van de Amerikaanse exitstrategie. De agenten worden nauwelijks ingezet voor politiewerk, maar vooral in de strijd tegen de Taliban. Daarbij sneuvelen veel meer agenten dan militairen: zo'n honderd per maand.
De Afghan National Police (ANP) telt nu 94.000 man. Dat moeten er in 2014 134.000 zijn. Het gaat vooral om de aantallen, niet om de kwaliteit. Dat blijkt onder meer uit de opleidingsduur (zes weken voor een gewone agent) en de opleidingseisen: een briefje van het stamhoofd is genoeg, negentig procent is analfabeet. Het officiële cijfer van twintig procent opiumverslaafden is waarschijnlijk geflatteerd. Tijdens drugstests bleek soms vijftig procent van de agenten sporen van opiaten in het bloed te hebben.