Film - The Wave

Een veilige ramp

Wat een schandalige film is The Wave wel niet: een Scandinavische disaster movie gemaakt volgens het boekje geschreven in Hollywood in de jaren zeventig en inmiddels eindeloos gebruikt als blauwdruk voor cinematografische spektakelstukken waarin steden met de grond gelijk worden gemaakt.

Medium film

Om duidelijk te zijn: daar is niets mis mee, integendeel zelfs. Het verfoeilijke aan The Wave ligt juist in het cynisme waarmee de Noorse regisseur Roar Uthaug de regels van dat boekje volgt, zodat er van originaliteit om precies te zijn nul sprake is.

‘Genrefilm’ blijft een problematische term. Het gaat om een bepaald soort werk waarin de maker nauwgezet conventies toepast, in de eerste plaats omdat het genre dat dicteert, maar ook omdat de liefhebbers van het genre dat eisen. Maar in de slechtste genrefilm wordt er niets geproblematiseerd, alles is gericht op geruststelling. Zo lijkt het net of er in de invulling van de gietvorm geen plaats kan zijn voor een eigenzinnige, confronterende visie. Maar dat is niet waar. De beste ‘genrefilms’ zijn nu juist die waarin de conventies als bekend worden verondersteld, zodat de maker zichzelf vrij maakt om te spelen met de verwachting van de kijker.

In The Wave doet Uthaug precies het tegenovergestelde, wat een mooie ironie oplevert: geen film zo veilig als deze waarin het leven van duizenden mensen op het spel staat. Want wat gebeurt er nu eigenlijk in het verhaal? Een ramp dreigt wanneer een berg bij het toeristenstadje Geiranger, gelegen naast een fjord, instabiel wordt en het gezin van een geoloog, die als enige vermoedt dat een vloedgolf als gevolg van de instorting op komst is, dus in levensgevaar verkeert. Natuurlijk zijn moeder, dochter en zoon niet de enigen die moeten vluchten. Een chaos is het gevolg wanneer de boel inderdaad instort en het wassende water over het stadje heen spoelt. Goedbeschouwd heb je aan deze informatie genoeg om The Wave te ‘zien’. Wat er dan nog overblijft is precies hetzelfde ‘plezier’ dat er te beleven valt aan het bekijken van klassieke rampenfilms, van de Airport-serie in de jaren zestig en zeventig tot de recente spektakelstukken van Roland Emmerich (The Day after Tomorrow).

The Wave stelt wel een centrale kwestie in de hedendaagse populaire cinema aan de orde, namelijk de vraag of het succes van goed gemaakte, ‘veilige’ films het einde van het ‘genre’ betekent. Toen ik onlangs Captain America: Civil War zag, merkte ik dat na ongeveer een half uur verveling zich van mij meester maakte. Er stond namelijk werkelijk niets op het spel, ik had geen moment het idee dat de personages echt in levensgevaar verkeerden, of dat er echt een ramp dreigde qua geopolitieke relaties, of dat het einde van de mensheid een reële mogelijkheid was. Het enige wat ik zag was datgene wat ik al kende. Dat maakt films als The Wave en Captain America: Civil War tot gevaarlijke films. Ze stellen geen moeilijke vragen, ze willen die niet eens stellen. Daarmee ondermijnen ze de genrefilm, een vorm van cinema die vereist dat zowel maker als kijker de regels overtreedt.

Te zien vanaf 26 mei


Beeld: The Wave, regie Roar Uthaug