Een vlaamse vrek

‘De vrek’ is drie eeuwen nadat Moliere haar schreef nog steeds een populaire komedie. Zeker in de Vlaamse versie van Dirk Tanghe vallen er freudiaanse wijsheden in te herkennen. Een gesprek met Nolle Versyp, de gierigaard uit deze opvoering
Nolle Versyp is binnenkort te zien bij het Nederlands Toneel Gent in Het wijde land van Arthur Schnitzler, in een regie van Guy van Sande. Voorstellingen van woensdag 17 januari tot en met zaterdag 10 februari 1996. Woensdag tot en met zaterdag om 19.30 uur, zondag om 15.00 uur.
‘TOT VOOR KORT was een geslaagde Moliere-voorstelling in Vlaanderen een getrouwe kopie van een Parijse voorstelling in traditionele stijl. Met name het oudere publiek droomde van historische kledij: dames met hoepelrokken, grote hoeden en een diep decollete. In dit stramien was de vrek de personificatie van de gierigheid. Bleek geschminkt, in zeventiende-eeuwse lompen gehuld, graaiend in zijn beurs. De vrek was een spektakelstuk, waarin de acteur die de vrek speelde als een echte vedette kon uitpakken. In Vlaanderen waren Nand Buyl en Luc Philips de notoire vrek-acteurs. Bij hen keek het publiek vol spanning uit naar het hoogtepunt van het stuk: “Mon argent, mon argent” - “Mijn geld, mijn geld.” De grote monoloog als de vrek ontdekt dat zijn geld is gestolen. Hoe zou hij het doen: snikkend of vol afgrijzen?’

Aldus Nolle Versyp, die de hoofdrol speelde in Dirk Tanghes voorstelling in 1988 naar L'avare (De vrek) van Moliere (1668). Een memorabele voorstelling. Nolle Versyp sleepte met zijn vrek de Oscar de Gruyter-prijs (de Belgische Louis d'Or) in de wacht. Voor Tanghe was het zijn debuut in het professionele theatercircuit met het gezelschap van het Nederlands Toneel Gent. Daarbij zette Tanghe als eerste in Vlaanderen het mes in de traditionele Vrek-opvatting - zoals Eric Vos dat twee decennia eerder te onzent met zijn befaamde produktie bij De Nederlandse Comedie had gedaan.
Molieres tekst werd door Tanghe rigoureus bewerkt. Overeind bleef Molieres verhaal over de vrek: Harpagon, wiens gierigheid niet slechts zijn eigen bestaan, maar ook dat van zijn omgeving bepaalt. Met name zijn kinderen hebben te lijden. Dochter Elise wordt geprest in het huwelijk te treden met een oude man met centen. Zoon Cleante en vader blijken concurrenten op de huwelijksmarkt en hebben een diepgaand geschil over het te voeren financieel beleid. Ook bij Tanghe is De vrek een aaneenrijging van conflicten en bizarre misverstanden.
Versyp: ‘Zoals voor hem gebruikelijk heeft Tanghe met De vrek een klassiek stuk vertaald naar deze tijd. Hij wilde modern theater maken en afrekenen met het stuk als klassieke komedie. Onze voorstelling is een theatrale tranche de vie. Net als in het dagelijkse leven is het een sterke afwisseling van komische en tragische momenten. De grappen zijn verweven in het ritme van de hoog oplopende conflicten. Voorts heeft Tanghe de historische anekdotiek de deur uit gegooid. Het decor bestaat slechts uit een meterslange witte radiator. Uit de hedendaagse donkere kostuums en de gesprekken leid je af dat het stuk in een upper-class milieu speelt. Anders dan in de traditionele opvoeringen heeft iedereen hier min of meer hetzelfde kostuum aan. Hierdoor is meteen duidelijk dat deze mensen bij elkaar horen, dat ze een zekere mentaliteit met elkaar delen.
Tanghe wilde geen stereotypen, maar mensen van vlees en bloed op het toneel. Daarom begonnen we met improviseren. We speelden elkaars rollen, improviseerden elke scene in onze eigen woorden. Op basis van dat materiaal schreef Tanghe zijn tekst. In die improvisatiefase vond ik de ingang tot mijn rol.
Mijn inspiratiebron was mijn vader. In de volkswijk van Gent had hij een kleine beenhouwerij, waarvan hij al zijn vijf kinderen heeft laten studeren. De overschotten van de beenhouwerij kregen wij ’s avonds op ons bord. Bij slechts een lichtje zaten we met zijn allen - vijf kinderen plus vader en moeder - in het kleine keukentje naar de radio te luisteren. Nu zou dat vrekkig zijn, toentertijd was dat de normale gang van zaken.
Ik ben opgevoed met een typische kruideniersmentaliteit. Hard werken om later een appeltje voor de dorst te hebben. Voorzichtig zijn met geld uit angst dat er straks niet voldoende zal overschieten. Net als mijn vader draai ik een frank wel drie keer om eer ik hem uitgeef. Ik begrijp Harpagon dus heel goed. Ook in zijn houding ten aanzien van zijn kinderen. Met mijn dochter heb ik drie jaar lang ruzie gemaakt omdat ze naar mijn smaak de verkeerde partner had gekozen. Mijn zoon is onlangs van zijn goed verdiende geld voor een paar maanden naar Afrika vertrokken. Dat is een mentaliteit die mijn generatie volstrekt vreemd is. Wij zouden het geld op de bank zetten en er misschien een klein autootje van kopen. Maar zo lang op reis gaan?
Harpagon is natuurlijk een extreem personage dat alles vertaalt in termen van geld en eigenbelang. Maar in wezen is hij net als ik bezorgd om de toekomst en de levenswandel van zijn kinderen. Ik vind dat een heel menselijke houding.
Zeker, hij snapt geen snars van hun moderne levensopvatting. En natuurlijk gaat hij regelmatig zwaar over de schreef. Mijn Harpagon is zich echter volledig bewust van zijn vrek-imago en wangedrag, waar hij regelmatig zelf erg om moet lachen. Ik heb hem zo sympathiek mogelijk willen neerzetten. Als de mensen in de zaal medelijden met hem kregen, was ik volledig in mijn opzet geslaagd.’
VOLGENS FREUD IS gierigheid het gevolg van een niet goed verlopen anale fase. De ouders hebben het kind te straf tot zindelijkheid gedwongen. Met als effect dat het verlangen naar geld het substituut wordt voor het verlangen naar seks. Ziet u Harpagons karakter in het licht van Freuds theorie?
'Ik denk ook dat Harpagon verliefd is op geld. Voor hem is geld het surrogaat van de vleselijke liefde. Hij leeft voor zijn geld en zijn bezit, waar hij ook zijn kinderen toe rekent. Ik heb me vaak afgevraagd bij wat voor een vrouw hij zijn kinderen heeft verwekt. En ook hoe dat concreet is gegaan. Volgens mij kon het hem niet schelen hoe ze eruitzag, of dat ze behept was met een vurig temperament. Voorop stond dat ze een vrouw moest zijn van goede komaf, met geld. Daarom denk ik dat hij in dat nieuwe huwelijk een zakelijk voordeel ziet. Anders zou hij er nooit aan beginnen. Zou hij een vrouw hebben, dan denk ik dat hij met de ogen dicht de liefde bedrijft. Voor hem is het slechts een noodzakelijke handeling om weer een kind te verwekken.’
U ziet vooral de tragische kant aan Harpagon?
'Het tragische van Harpagon is zijn kortzichtigheid en beperktheid. Hij kan niet communiceren van mens tot mens zonder die barriere van het geld. Hij kan niet ontspannen over zijn gevoelens of over de toekomst praten. Hij beschikt wel over relativerend vermogen, maar is niet in staat zichzelf te veranderen.
De schrijnende slotscene van de voorstelling spreekt boekdelen. Als iedereen het pand verlaat, zit hij alleen op de radiator dolgelukkig te wezen omdat hij zijn geldkistje terugheeft. Hij streelt het uit pure blijdschap. Maar die vrolijkheid neemt af en dan zie je hem denken: “Wat heb ik hier in godsnaam allemaal bekokstoofd, wat heb ik allemaal omwille van dat geld aangericht?” De voorstelling eindigt dus met een groot vraagteken. Als je deze bittere komedie zwart-wit speelt, dan laat je die tragische keerzijde niet zien.’