Een waarheid als een varken

In het Frans heet de roman waarmee Marie Durrieusecq (1969) vorig jaar debuteerde Truismes. Hoewel we in het Nederlands ook het woord ‘truïsme’ kennen in de betekenis ‘waarheid als een koe’, is de woordspeling in de titel met het woord ‘truie’ (zeug) niet direct vertaalbaar. Maar waarom er Zeugzoenen van gemaakt? Vermoedelijk is het een toespeling op zuigzoenen, gevaarlijk bij het overspel, maar in de roman wordt helemaal niet gezoend.

En de lezer zal snel doorhebben waarom niet. In het begin wordt een meisje dat de laatste tijd stevige trek heeft en daardoor een paar kilo is aangekomen, als ze bij een grote parfumerieketen solliciteert meteen aangenomen door de directeur dankzij het ‘luchtkussenachtige’ van haar vlees, zoals ze het zelf uitdrukt. Met haar gezondheid en goede humeur is zij een trekker, vooral bij de mannelijke klanten.
Die gezondheid neemt weldra drastische vormen aan, zoals ze merkt aan veranderingen in en aan haar lichaam - haar huid wordt dikker, verkleurt en behaart, haar heupen worden stroever, ze krijgt een derde tepel, knort in haar slaap en ze vindt heel andere dingen lekker om te eten, zoals bloemen, appels en schillen. De klanten merken wel iets, maar stellen haar nieuwe vormen juist zeer op prijs en hun lusten beginnen zelf nogal beestachtig te worden, meer dan ze misschien al waren. En die mannen komen helemaal aan hun trekken wanneer zij op gezette tijden berig wordt.
Tot zover is het een heel aardig verhaal, vooral vanwege de subtiele en plastische manier waarop de gedaanteverandering zich stukje bij beetje voltrekt. Dat gebeurt in een gespierde stijl, die een genoegen is om te lezen - en de vertaalster maakte er sappig Nederlands van. Durrieussecq schrijft met flair, wat goed past bij het verhaal dat ze zelf niet altijd even serieus neemt. Gelukkig maar, zou ik zeggen, want de roman neemt een wending die rampzalig was geworden als er een slechtere pen en hogere bedoelingen in het spel waren geweest.
Overigens is alleen al het vasthouden van die pen een hels karwei geweest, omdat de hoofdpersoon haar relaas zelf op schrift stelt, in een stadium dat zij meestentijds zeug is, levend in het bos en in het gezelschap van 'een heel mooi en heel viriel everzwijn’.
Er was uiteraard het een en ander nodig om haar in deze min of meer paradijselijke toestand te brengen. Haar leven nam een definitieve wending toen ze kennismaakte met een zekere Edgar. Dat deze kort daarna de verkiezingen won, was dankzij het lumineuze idee om samen met haar op de foto te gaan voor een affiche met als leuze: 'Voor een gezondere wereld.’ Zijn partij heet Sociaal-Progressief-Vrije Beweging en wordt na een periode van Grote Processen, oorlog, epidemie en hongersnood opgevolgd door een even dictatoriale rechtse beweging. Als politiek visioen van Frankrijk na 2000 is dat deel van het verhaal, afgezien van een paar komische scènes, gemakzuchtig en tendentieus.
Dat geldt ook voor de impliciete stelling dat mensen door het Kwaad in beesten veranderen. Het meisje is juist in haar nieuwe gedaante het interessantst; en dat zij zo nodig een keer of vijf moest terugveranderen, is een zwakke kunstgreep.