De veerkracht van Belarus

Een wegvloeiend land

De onderdrukking in Belarus werkt, en toch is Europa’s meest rigide dictatuur aan zijn eindtijd bezig, denkt journaliste Hanna Liubakova. ‘Belarus heeft zich al ver verwijderd van Loekasjenko, van zijn tractoren en zijn wodka.’

Luister naar dit artikel

© Joep Bertrams

Dictator zijn is niet meer wat het geweest is. In de twintigste eeuw konden dictators vrijelijk geweld en onderdrukking toepassen. Maar toen kwamen internet en de smartphone. ‘Als je nu protesten met geweld laat neerslaan, zelfs al is het op een bergpas in de Himalaya, weet je dat het waarschijnlijk wordt gefilmd op een iPhone en naar de wereld wordt uitgezonden’, stelde een boek over dictators in de huidige eeuw. En dus legden zij zich toe op slimmere onderdrukking: via gerichte media- en belastingwetten, surveillance, onopgehelderde aanslagen en dergelijke. ‘Lenige onderdrukking’, zoals dat heet. En dan heb je Loekasjenko.

De dictator van Belarus kan met recht als een wandelend fossiel worden gezien. De voormalige baas van een collectieve sovjet-boerderij beheert zijn land als een kolchoz, met strikte onderwerping van iedereen aan het geheel, en een geheime dienst die gewoon kgb heet en op binnenlandse vijanden jaagt. Net als andere dictators van de oude stempel wantrouwt hij nieuwe technologie, wantrouwt hij informatie die hij niet kan controleren nog meer, en wantrouwt hij nieuwe informatietechnologie die hij niet kan controleren het meest. En daarom zette Belarus vorige week een vliegtuig aan de grond met 130 Europeanen erin en één jonge man die een nieuwskanaal beheert op de netwerk-app Telegram – zo ongeveer de meest opvallende en meest lowtech actie die je had kunnen bedenken.

Het ligt voor de hand om te denken dat het doelwit hiervan op z’n minst een door de wol geverfde en erkende oppositieleider moet zijn. Maar dat is deze 26-jarige Roman Protasevitsj niet; ook dat is twintigste-eeuws. Protasevitsj’ rol en zijn steile pad naar de positie van dissident nummer één werpt juist licht op de vreemde spagaat waar Belarus zich in bevindt. Zijn generatiegenoot en collega Hanna Liubakova legt dat uit in een Skype-gesprek: welke rol Protasevitsj had, hoe de biotoop eruitziet van journalisten die vluchtten of in Minsk bleven, en hoe zij meewerkten aan de groei van een parallelle samenleving in Belarus.

‘Roman was al een activist toen hij vijftien of zestien was’, zegt ze. ‘Hij speelde al een rol in wat de internetrevolutie van 2011 werd genoemd, protesten tegen het regime. Hij beheerde toen een veel gevolgd kanaal op VK, de Russische versie van Facebook. Daardoor kwam hij toen al op de radar van de veiligheidsdiensten. Hij werd daarna journalist en deed onderzoek naar hoe de kgb jonge journalisten rekruteert. Hij is echt super getalenteerd en heel actief. Hij werkte voor Radio Free Europe in Praag en was daar Václav Havel-fellow. Ik deed dat een paar jaar geleden ook, dus zo leerden we elkaar kennen. Onafhankelijke journalistiek is sowieso niet een grote wereld in Belarus, dus je komt elkaar regelmatig tegen.’

Die wereld heeft nog altijd Minsk als centrum, maar de mogelijkheden voor journalisten daar worden snel kleiner. Kritische media zijn allemaal al lang gesloten, maar ook media die probeerden om het regime niet te provoceren moesten de afgelopen maanden dicht. Zo zit de redactie van het met afstand meest gelezen medium van het land, de nieuwssite Tut.by, sinds een paar weken vast voor ‘belastingontduiking’. Openlijk kritische journalisten circuleren tussen steden als Vilnius, Riga, Warschau, Praag en Berlijn, en keren soms tijdelijk terug als ze inschatten dat dat veilig kan. Ze werken voor naar het buitenland uitgeweken media zoals Belsat en Euroradio, voor media die worden gesponsord door overheden en ngo’s uit Europese landen en de VS, als freelancer; ze studeren op beurzen in Baltische landen of verder, en komen elkaar tegen bij fora, op redacties en in cafés.

Liubakova volgde ook zo’n pad. Ze ging naar een intellectuele, westers georiënteerde middelbare school, die de ergernis van het regime wekte door in het Wit-Russisch les te geven. Halverwege haar schooltijd werd het lyceum door het regime gesloten, waarna het in huiskamers en in het buitenland verder ging. Ze studeerde eerst kunstgeschiedenis in Krakau, daarna op een beurs journalistiek in Londen. Ze werkte voor een reeks op Belarus gerichte en later ook Engelstalige media en werd fellow van ngo’s als Atlantic Council en World Press Institute. Net als Protasevitsj werkt ze vooral van buiten Belarus.

Protasevitsj nam definitief de wijk in 2019. Hij richtte daarna het nieuwskanaal Nexta op, dat korte clips, nieuws en langere reportages uitzendt op Telegram en YouTube. Tijdens de massale protesten in Belarus van vorig jaar werd Nexta de belangrijkste nieuwsbron: op het hoogtepunt had het twee miljoen volgers, meer dan één op de vijf Wit-Russen. ‘Protasevitsj werd een hoofdrolspeler, want iedereen las Nexta. Het bleef deels bereikbaar nadat het internet werd platgelegd, dus iedereen wendde zich tot Nexta’, zegt Liubakova. ‘Hij plaatste nieuws over protesten, maar ook aankondigingen van plaats en tijd die activisten aan hem doorbelden. Het gaf hem een enorme verantwoordelijkheid. Mensen beslisten op basis van de informatie die hij plaatste of het veilig zou zijn om te gaan. Het idiote is nu dat Loekasjenko meent dat mensen daarheen gingen vanwege Nexta. Maar de mensen gingen natuurlijk omdat ze tegen zijn regime zijn.’

‘De mensen zijn hard werkend. Ze zien dat Loekasjenko degene is die hen tegenhoudt’

De jonge blogger, die zichzelf zag als verspreider van informatie, was een staatsvijand geworden. ‘Dat was aan de ene kant schokkend, en aan de andere kant bekend terrein’, zegt Liubakova. ‘Er is nooit persvrijheid geweest. Belarus is het gevaarlijkste land in Europa om als journalist te werken. Vorig jaar werd dat nog opgevoerd: het werd duidelijk dat er een echte oorlog tegen journalisten was begonnen. Ze werden massaal gearresteerd. Sommigen zijn gevlucht, omdat het ook belangrijk is om vrij te blijven om verslag te kunnen doen. Anderen blijven toch. We communiceren veel onderling en delen informatie. Er is veel solidariteit.’

De arrestatie van Protasevitsj zal de manier veranderen waarop journalisten in Belarus werken, verwacht Liubakova: ze zullen meer moeten vertrouwen op nieuws, foto’s en video’s die burgers hun sturen – burgerjournalistiek die sterk gegroeid is in het afgelopen jaar. Het zal journalisten ook voorzichtiger maken. Maar ze denkt niet dat het hen uit het veld zal slaan: ‘Voor iedereen geldt dat je echt gemotiveerd moet zijn om als journalist te werken in Belarus, dat was al zo. De mensen die ik ken zijn dat, ze zijn ongelooflijk dapper en toegewijd aan hun vak.’

‘Niet lang geleden werden twee vriendinnen van me gearresteerd die voor Belsat een protest versloegen’, vertelt ze. ‘Ze wisten dat ze gearresteerd zouden worden, maar besloten te blijven toen de politie mensen aanviel, omdat ze het belangrijker vonden om het vast te leggen en uit te zenden. Ze werden veroordeeld tot drie jaar.’ En die vriendinnen waren niet de enigen. Afgelopen winter schreef Liubakova, nadat de protesten van afgelopen jaar hard waren neergeslagen: ‘Vrijwel iedereen die ik ken, is geslagen, gewond geraakt, opgesloten, gedwongen te vluchten, of ondergedoken.’

Hanna Liubakova © courtesy Hanna Liubakova

Zoals heel Europa vorige week vaststelde, zette Loekasjenko zelf die onderdrukking weer volop in de schijnwerpers. Een grote misrekening, denkt Liubakova, die verwacht dat Loekasjenko’s regime aan zijn laatste jaren bezig is. ‘Het regime is zo gericht op het neutraliseren van tegenstanders dat het niet eens de risico’s van deze actie correct kon inschatten. Een staatskanaal berichtte dat Europa wel dankbaar zou zijn voor het neutraliseren van deze bomdreiging – totaal blind voor de realiteit buiten Belarus. Loekasjenko heeft zichzelf nu niet alleen tot een bedreiging gemaakt voor zijn eigen burgers, maar ook voor jullie burgers: hij heeft zichzelf tot een probleem gemaakt voor het hele continent. Poetin steunde hem tot nu toe, omdat hij de status quo wil behouden. Maar Poetin is geen fan van Loekasjenko, en Russische elites zullen zeker boos zijn om deze wilde actie. Dat alles maakt Loekasjenko duur voor Poetin, misschien té duur.’

Toch gaat de verandering niet van buiten komen, denkt Liubakova: ‘Ik reisde voor de verkiezingen van vorige zomer door Belarus, en ik raakte onder de indruk van hoe ongelooflijk de samenleving in de afgelopen jaren veranderd is. Er is geen weg terug naar de tijd voor 2000. Mensen zeiden overal openlijk: “Wie steunt Loekasjenko eigenlijk, ik ken niemand die dat doet.” Maar toen begon de ongelooflijke repressie, het schieten, het martelen, de verkrachtingen in de gevangenissen. Mensen zijn bang en houden zich daarom stil. Maar de onvrede is niet weg. Loekasjenko heeft helaas een echt goed functionerend controle- en veiligheidsapparaat opgebouwd. Maar dat kan alleen functioneren zolang hij geld heeft om dat apparaat te betalen, en Belarus heeft geen olie of iets vergelijkbaars.’

Loekasjenko gaat de tijd niet tegenhouden, denkt Liubakova: ‘Belarus is een land waar mensen soms naartoe gaan om de Sovjet-Unie te ervaren. Je kunt nog veel overblijfselen van de Sovjet-Unie vinden, zowel in de architectuur als in de hoofden van de mensen. En de leider is nog steeds een sovjet-man. Maar er is een nieuwe generatie opgegroeid na de Sovjet-Unie. Mensen zijn hoger opgeleid, er zijn privé-ondernemingen, de middenklasse groeit. De samenleving veranderde, maar Loekasjenko bleef hetzelfde. Mensen willen een ontwikkelder land, een progressiever en democratischer land, waar rechten worden gerespecteerd. Dat creëert steeds meer druk.

Toen kwam de pandemie, en dat was een cruciaal moment. Delen van de samenleving begonnen zichzelf te organiseren tegen de gevolgen van Covid-19. Terwijl Loekasjenko en zijn regering de pandemie volledig negeerden, nam een maatschappelijk middenveld het initiatief om ziekenhuizen te voorzien van beschermende uitrusting, maskers, kleding, enzovoort. Mensen hadden zoiets van: o, kennelijk kunnen we onszelf organiseren, een stukje van het land zelf besturen. Waar hebben we Loekasjenko en zijn regering dan voor nodig?’

En dat is wat mensen nu doen, stelt Liubakova: ‘Ze zamelen geld in, ze verenigen zich, ze zijn geïnteresseerd geraakt in hoe hun land zich ontwikkelt. Dit maatschappelijk middenveld dat nu groeit, is prachtig om te zien. Ondanks dat aura dat Belarus in wezen nog steeds een sovjet-land is, is het in werkelijkheid anders. Het heeft zich al ver verwijderd van Loekasjenko, van zijn tractoren en zijn wodka, en alles wat hij doet. De mensen zijn veerkrachtig, vindingrijk, hard werkend. En ze zien dat Loekasjenko degene is die hen tegenhoudt.’