Een wonder van god

Wij hebben de kleine Elisabettha niet gedoopt, want godsdienst heeft ons nooit iets gezegd. Zes jaar na haar geboorte dachten wij daar anders over. Het kind rende onze slaapkamer binnen en riep: ‘Papa, mama, de Madonna huilt!’ Verdomd, het bleek waar te zijn. De tranen van het beeldje op het dorpsplein waren nog nat. Zij had nota bene bloed geweend.

Het kon niet authentieker. De bisschop - en met hem het Vaticaan - twijfelde niet aan een wonder. Een wonder in meerdere opzichten, want het leven in ons dorp is sedertdien radicaal veranderd. De bussen staan filegewijze op onze nieuwe snelweg. En de familie Patriani (want zo heten wij) is op slag wereldberoemd geworden.
Dus waren wij inmiddels ook in God gaan geloven, want je moet, als begunstigde, toch iemand dankbaar zijn. Toen, een maand geleden, volgde een tweede wonder, waar wij eerlijk gezegd niet op stonden te wachten. Elisabettha rende andermaal de slaapkamer binnen. Nu riep zij: ‘Bloed!’ Wij dachten: Is zij op haar twaalfde niet wat jong om al ongesteld te zijn? Het kind sleepte ons naar het dorpsplein. Ja, het bloedde, Haar hele rok was ermee besmeurd. Twijfel was niet mogelijk. Helaas was onze menstruerende Madonna dit keer in het Vaticaan persona non grata.
Wij hebben inmiddels zelfs een proces aan onze broek wegens valse getuigenis en het handel drijven in wonderen. Sinds gisteren hebben wij gelukkig een excellente advocaat die er tegen een aardige vergoeding van overtuigd is geraakt dat het bloeden van onze Madonna als een demonstratie tegen abortus moet worden gezien.