Een Zuid-Afrikaanse creditcard maakt droom werkelijkheid

Johannesburg - Eens per week komt Nokthula bij ons schoon­maken. Dan staat ze om vijf uur op, brengt haar twee kinderen naar school, neemt een taxibusje van de krottenwijk Orange Farm naar Johannesburg. Vervolgens pakt ze de bus naar Parkwood, zodat ze rond achten bij ons is. Ze is 35 en heeft een partner die soms losvast werk doet.

Nokthula wil een business beginnen en vroeg daarom vijfhonderd euro te leen. We raakten aan de praat over geld. Ze liet zich ontvallen dat ze een schuld van zestienhonderd euro heeft bij een meubelwinkel. Zestienhonderd? Dat is niet mis.

Ze had een creditcard gekregen van het meubelbedrijf, waarmee ze op de pof kon kopen. Dat gaat vrij eenvoudig. Je hoeft alleen een identiteitsbewijs te hebben en iets waaruit blijkt dat je een vast inkomen hebt. Iedere grote winkel doet dat: na 1994 kwam er een ‘bevrijde’ zwarte bevolking die voor nieuwe koopkracht zorgde. Een creditcard was iets nieuws voor de meesten. Wel heerlijk. Wilde je wat hebben, hup daar kwam die card en hup de spullen werden thuis afgeleverd. Een droom werd werkelijkheid.

Dat vond Nokthula’s zus ook. Die meende dat zij met Nokthula’s card ook wel wat meubels kon kopen. En nou ze toch bezig was: moeder kon ook wel wat nieuwe huisraad gebruiken. En zo stapelde de schuld zich op. Er kwamen aanmaningen van het meubelbedrijf. Zuslief hield zich gedeisd. En Nokthula kon van die ene dag werk per week nauwelijks iets aflossen, zeker niet met die woekerrente die er nog eens bovenop kwam.

Nokthula is niet alleen. Onderzoek wees uit dat de helft van de Zuid-Afrikaanse consumenten die met leningen en afbetalingen werken in de problemen zijn geraakt. Iedere maand verzoeken zo’n zesduizend van hen om schuldenbemiddeling. En het afgelopen jaar groeide het aantal verstrekkingen van ongedekte leningen met 53 procent. Het is een kwestie van wanhopige leners, keiharde geldverstrekkers en een National Credit Act die onvoldoende bescherming biedt. De schuldencrisis is inmiddels uitgegroeid tot een nationale ramp.

Ook doen er fabeltjes de ronde over het niet afbetalen. Zo wist Nokthula dat als je zei dat je het geld eenvoudigweg niet had, je schuld werd kwijtgescholden. Maar toen de aanmaningen maar bleven binnenkomen en van toon veranderden raakte ze in paniek. Uiteindelijk stapte ze naar een rechtskundig bureau. Samen hebben we daarna een brief geschreven, waarin we de zus dreigen met gerechtelijke stappen als ze niet begint met het aflossen. Het lijkt te werken. Schoorvoetend kwam zus met een eerste afbetaling: tweehonderd euro. Nog zeven maanden te gaan.