Eenpitter

Nachtogen. Uitg. Fontein, 178 blz., f27,50
Laura is een meisje van dertien, volgens haar moeder ‘niet mesjokke, maar een beetje mal’ en daarom geknipt als hoofdpersoon voor Peter van Gestels nieuwe jeugdroman Nachtogen. Brave in-de-pas-lopers brengen zijn schrijvershart zelden in beroering. Op de dag voor haar veertiende verjaardag ontdekt Laura dat haar tamelijk kleurloze vader niet met vrienden naar de wintersport gaat, maar met een opzichtig geverfde dame uit een parfumeriezaak komt.

Vanaf dat moment lijken de dingen buiten haar om te gebeuren. Een dag en een nacht lang duikt ze onder in de anonimiteit van het grotestadsleven. Ze wordt met een nichtje betrapt bij winkeldiefstal, ze voert licht absurdistische conversaties met morsige oude mannen, ziet met verbazing een lamlendig feest op een woonboot en rijdt met nichtje en een vriend in een gestolen auto naar bestemming onbekend. Onderweg pikken ze een berugzakte jongen op die in praktijk heeft gebracht waar het drietal in de auto zo'n beetje omheen draait: van huis weglopen omdat het daar niet langer te harden is.
Laura gaat in elk geval terug, aanzienlijk ouder dan de ene dag die het verhaal duurt. Met een mengelmoes van volwassen inzicht en kinderlijke creativiteit laat ze haar vader merken dat ze weet hoe de buitenechtelijke vork in de steel zit. De ouders onthouden zich van al te dwingende vragen over de escapades van hun dochter. Daarna gaat het gezinsleven verder met een gewoon verjaarsfeestje, ongetwijfeld gevolgd door nieuwe confrontaties en problemen, want groot worden blijft een klus.
Van Gestel heeft al eerder een paar onvergetelijke eigentijdse pubers tot leven gewekt, onder wie Bo (uit Lieve Claire), Boze Soe en Ko Kruier. Laura hoort duidelijk thuis in dit gezelschap. Ze is een weerbarstige eenpitter met een denkhoofd, altijd op haar hoede en haar kwetsbaarheid maskerend door ad rem te zijn. De weggelopen lifter is haar evenknie. De andere reisgenoten door de nacht vertegenwoordigen meer het clichebeeld van de huidige jongeren: het nichtje een moederkloek in wording met te veel emoties en make up, de vriend een macho versierder. En alle ouders maken er een potje van, afgezien van een vrachtwagenchauffeur die bericht hoe hij zijn dochters onder de ouderwetse duim houdt.
Nachtogen biedt een aaneenschakeling van filmisch geschreven scenes, die bijna uitsluitend uit snelle, vaak geestige dialogen bestaan. Afgezien van een opmaat over Laura’s kindertijd wordt het verhaal verteld in chronologische volgorde - na de nogal gezochte constructies in vorige boeken aanzienlijke winst. Van Gestels grote kracht ligt echter met name in zijn vermogen om achter de woorden ruimte te laten die de lezer zelf kan invullen. Hij registreert gebeurtenissen, zonder daar een gevoel of een oordeel op te plakken. Zo laat hij Laura na de ontdekking van haar vader die een andere vrouw staat te zoenen niet huilen, niet razen of in paniek raken, maar hij laat haar door het lege huis scharrelen, pratend tegen een schilderij, tegen haar opgezette uil en de jassen aan de kapstok. En vlak onder al die precies beschreven handelingen schrijnt het. Die ingehouden terloopsheid komt in de jeugdliteratuur zelden voor en het is treurig dat in de afgelopen tien jaar geen jury het lef heeft gehad die te honoreren.