Egypte’s leger en volk waren nooit één

Caïro - Dat het Egyptische leger er een eigen agenda op nahoudt is inmiddels bijna algemeen geaccepteerd. Een van de veelgehoorde slogans van na de revolutie, ‘Het leger en het volk zijn één’, zul je dan ook niet veel meer horen. Sinds het leger de macht overnam van de verjaagde Hosni Moebarak groeit langzaam het verzet. Velen hoopten dat het einde van het Moebarak-regime tevens het einde zou betekenen van repressie en censuur. Maar de nieuwe leiders blijken net zo autoritair.
Iemand die dat aan den lijve ondervindt is blogger Maikel Nabil. In maart publiceerde hij een stuk op zijn blog onder de titel 'Het leger en het volk waren nooit één’. Daarin gaat hij in op de rol van het leger voor, tijdens en na de revolutie. Nabil, bekend bij de militaire inlichtingendiensten als dienstweigeraar en vanwege zijn online campagne tegen de dienstplicht, werd later die maand van zijn bed gelicht en door een militaire rechtbank veroordeeld tot drie jaar cel en een boete. Het belasteren van het leger en het verspreiden van wat de macht bestempelt als valse informatie is in Egypte immers verboden. Zodoende werd hij officieel de eerste gewetensgevangene van het nieuwe regime.
Nadat verschillende mensenrechtenorganisaties en buitenlandse overheden bezwaar hadden gemaakt tegen zijn arrestatie en tevergeefs hadden gepleit voor zijn vrijlating, besloot Nabil zelf actie te ondernemen. Uit protest tegen zijn proces én het gebruik van militaire rechtbanken voor burgers ging Nabil op 23 augustus in hongerstaking. Hij verklaarde niet te zullen eten voor hij weer op vrije voeten is.
Door deze vastberadenheid verkeert Nabil nu in levensgevaar. Hoewel het vonnis tegen hem op 11 oktober in hoger beroep ongeldig werd verklaard, oordeelde dezelfde rechtbank een week later dat hij 'voor evaluatie’ opgenomen diende te worden in een psychiatrisch ziekenhuis. De beschuldigde weegt ondertussen nog maar veertig kilo en familieleden vrezen voor zijn leven. Maar net als Nabil zelf weigeren zij het proces te erkennen. Als blijk van wantrouwen tegen de huidige rechterlijke macht onder militair bewind kwamen advocaten en sympathisanten niet opdagen bij het hoger beroep. Volgens mensenrechtenactivisten dient de zaak van Nabil als voorbeeld om duidelijke grenzen te stellen. Het leger is 'verboden gebied’, dat is de boodschap. Maar of die boodschap overkomt is de vraag. Maikel Nabil mag dan de eerste gewetensgevangene zijn, hij is al lang niet meer de enige.