Menno Hurenkamp

Eigen krakers eerst

Kraken is een van de best georganiseerde maar minst gewaardeerde onderdelen van onze verzorgingsstaat. Het kraken biedt heldere regelingen, behulpzame mensen en in verhoogde staat van bewustzijn levende sjacheraars. Ik betrok ooit met wat kameraden een al lange tijd leegstaand huis aan de gracht, maar niet dan nadat eerst een keurige gemeenteambtenaar ons had gemeld dat het inderdaad mogelijk was om er te gaan wonen. Vervolgens werd ons via het kraakspreekuur al even netjes assistentie verleend, onder meer door het koevoetsgewijs openen van de entree en het afwachten van de komst van wat politiemannen. Deze namen alleraardigst nota van onze rituele inrichting met tafel-matras-stoel-vuilniszak en verdwenen weer. Toen de eigenaar het na zo’n twee jaar beu was, bood hij de overgebleven bewoners enige duizenden om hun biezen te pakken en het pand werd vervolgens razendsnel een nette woning. Iedereen blij. (Voor de etymologen onder u: een van de bewoners ging in «onderkraak», door andermans kraakpand te bewaken.)
Het kraken is als Clarence Seedorf: redelijk nuttig en op wat geluidsoverlast na zonder grote nadelen. Beide probeert men nu bij gebrek aan overtuigende redenen met verdachtmakingen buitenspel te manoeuvreren. Akkoord, de invoering van het kraakarrangement kostte wat klappen, maar toen hadden we ook wat. De maatschappij lost al krakend een probleempje op dat de staat niet aankan. Kom daar maar eens om in de wereld van de arbeidsongeschiktheid of de pensioenen. Maar met deze eigen verantwoordelijkheid zijn regering en Tweede Kamer niet tevreden. De enorme maakbaarheidsambities van de huidige politieke coalitie steken ook hier de kop op. Tegenwoordig zouden volgens de Tweede Kamer de kraakpanden vol zitten met criminelen, illegalen en buitenlanders. Harde cijfers ontbreken volkomen in de emotionele erupties. Roep iets over buitenlanders en xtc, dan wordt een mening in de discussie over kraken al snel een feit. Het vvd-raadslid Bart de Liefde uit Den Haag voert in een vlaag van opperste verwassenaring zelfs als verbodsreden aan dat ooit een eta-lid in een kraakpand heeft gewoond – zullen we dan ook maar de Haagse corporaties opdoeken die de Hofstadgroep huisvestten? Het dagblad Trouw zeurt in een hoofdcommentaar over de paar krakers die de kroning van Beatrix verziekten, wat hetzelfde is als nu Jac. P. Thijsse verwijten dat hij in 1904 dwars lag bij de poging van de stad Amsterdam om het Naardermeer te dempen.

Vermoedelijk is het politieke momentum tegen het kraken ingegeven door twee concrete zaken. De illegale parties die in bedrijfspanden worden gegeven. Die hebben niks met de kraakwereld van doen, maar zorgen voor grote overlast. En dan het fenomeen van de Tsjechische bierpunk. De Oost-Europeanen die in de Randstad in groten getale en zonder enige ambitie maar wat rondhangen in slooppanden, onder het motto: met een gat in je dak, neus, broek, jas en wenkbrauw ben je vanzelf een interessante alternatieveling. Deze bierpunks zullen dan ook heel wat eerder dan de Nederlandse studenten-krakers «de dupe» zijn van de nieuwe wetgeving. Het voorstel dat de ministers van Justitie en Volksgezondheid nu naar de Tweede Kamer sturen biedt genoeg ruimte aan de steden om frisgewassen krakers te laten zitten. En de kraakbeweging zelf gaat op het onmiskenbare en ergerniswekkende fenomeen van de Oostblokpunk eenvoudigweg niet in. (Zie:http://krakengaatdoor.nl/files/kraken\_brochure.pdf ) Dat mag als stille acceptatie van het aanstaande «eigen krakers eerst»-compromis worden gelezen.