Eilandjes in de moderniteit

Vanaf twee uur in de middag kon je het tijdens Atlanta schudden op Radio 1 wanneer je belangstelling verder reikte dan de hink-stap- sprong. Ik zat daar niet mee. Soms vrees ik dat m'n wereld steeds verder inkrimpt, dat ik massaontslagen en Burundi met toenemende weerzin aanhoor en m'n geloof, dat ‘geinformeerd zijn’ de eerste en onmisbare stap op weg naar verbetering, is verschrompeld. Dat ik ‘16,32 meter’ beter aankan dan ‘58 afgeslachten’ is wel zeker en zo lijk ik steeds meer op de modale burger die ik vroeger hoonde. Nu nog vaak, maar met minder recht en overtuiging, beseffend dat zelfhoon geboden is.

Wie, naast d'oprechte Groene- lezer, echt met die sportverdoving gezeten moet hebben, is de EO. Die ging er haar eerste post-Atlantische middag ouderwets tegenaan. Het geval wilde dat op Urk voor de vijfentwintigste maal de vakantie- Bijbelweek werd gehouden. Een vrijwilligster van het eerste uur werd drie maal langer geinterviewd dan welke Bosnie-expert ook. De laatste vakantieweek lezen en leren de kinderen bijbelteksten, maken werkjes over bijbelse thema’s en, bovenal, zingen ze dat het een lust heeft. Dol zijn ze daarop en omdat ze op Urk hun pappenheimertjes kennen, zoeken ze vooral gedragen melodieen uit. Mooi vond de radioman dit vormingswerk natuurlijk wel, al sprak hij zoals zij allen op een toon die verried dat het EO- werk zelve toch dichter bij de Openbaring stond. Zender en zendeling, niet alleen de woorden zijn verwant. Met zekere strengheid vroeg hij of de kinders van de camping ook meededen. Helaas, die lag te ver weg (en niet alleen letterlijk, vrees ik), dus waren het 800 Urkertjes. Verbluffend aantal, vond ik, zeker omdat ik in de Ravensteiner Nieuwsbode (Brabant) las dat het slaapkamp voor 12- tot 16-jarigen bij gebrek aan deelnemers was afgelast. Bekeerd waren de zangertjes dus al, maar lichtpunt was dat ze uit al Urks kerken kwamen, terwijl de volwassenen vaak wat hen scheidde belangrijker vonden dan wat hen bond. ‘Goede hoop dus voor latere toenadering?’ was de vraag. De zuinigheid van haar reactie begrijpelijk gezien de kwart eeuw samenzang. Hij complimenteerde haar vanaf zijn verhoging maar werd vriendelijk terechtgewezen: niet haar werk was het, maar dat van de Heer. En ik besefte weer hoe simpel het is te spreken van 'Nederlandse cultuur’. Echt geen migrant uit Rifse of Koerdische bergen nodig om aan te tonen dat 'moderniteit’ zijn grenzen kent.
Fietsend langs de Maas bezocht ik mijn favoriete Megense kerkje, dit keer extra beloond door een oefenende organist die, oecumenisch als kunst nu eenmaal is, de protestant Heinrich Schutz vertolkte. Bij de ingang ligt een simpel multomapje waarin gelovigen hun intenties schrijven. Van een bedankje aan H. Antonius 'voor het altijd helpen zoeken’ en een sterktewens voor locale Vierdaagselopers tot hartverscheurende inkijkjes in familie- en gezondheidsleed. De kerk is van de broeders en de manier waarop wijlen Bruurke Everardus in zijn hemel om hoger voorspraak wordt gevraagd, dateert uit de middeleeuwen. Thuis kijkt men met schotel naar Viola Holt.