Elena Obraztsova, 7 juli 1939 – 12 januari 2015

Elena Obraztsova was de stem van de Sovjet-Unie. Ze zong in een klassieke Russische zangstijl, waarin alles groots is en zwaar wordt aangezet, en was loyaal aan het regime. Het regime ook aan haar.

Elena Obraztsova was een van de grote operazangeressen van de Sovjet-Unie. Ze werd de parel van de Bolsjoj Opera genoemd, was de favoriet van het culturele sovjetestablishment en kreeg vaak toestemming om in het buitenland op te treden. Obraztsova zong onder meer onder begeleiding van dirigenten als Claudio Abbado en Herbert von Karajan. Ze zong in La Scala van Milaan de titelrol van Carmen tegenover de tenor Plácido Domingo. Ze was de glanzende ster die de grootsheid van de Sovjet-Unie aan de wereld liet zien.

Elena Obraztsova’s zangkunst viel al op toen ze vijf jaar was. Over haar stem werden later door recensenten dingen geschreven als ‘een zeldzame schoonheid’, ‘variërend van bijna mannelijke diepten tot dramatische sopraanhoogten’, ‘een uitgestrekt aangrijpend mezzo’, een ‘timbre van unieke fluweelzachtheid’. De Russische mezzosopraan was daarnaast ook een indrukwekkende verschijning met ‘theatrale flair’, ze was een ‘perfecte actrice’, met een ‘magnetische persoonlijkheid’. ‘Ze raakte de ziel van het publiek.’ Zingen was voor haar niet zomaar een beroep, het was haar missie, het focuspunt in haar leven.

‘Elena Obraztsova was een representant van de grote Russische mezzosopranen oude stijl’, zegt Klaus Bertisch, dramaturg van De Nederlandse Opera. ‘Met heel veel kracht, veel geluid, grote volumes en een enorm tremolo.’ Bij Obraztsova was alles groots en zwaar: haar stem, haar voorkomen en haar manier van acteren. ‘Op die manier heel indrukwekkend. De moderne stijl, zeker in het Westen, is meer om alles redelijk slank te zingen.’

Elena Obraztsova werd geboren in Leningrad in juli 1939, twee maanden voor het begin van de Tweede Wereldoorlog. Haar vader vocht aan het front, zij en haar moeder zaten vast tijdens het beleg van de stad door de nazi’s. In de winter van 1941, na negenhonderd dagen, werden ze geëvacueerd. Nadat in 1944 Leningrad was ontzet, keerden ze terug. De stad was in die drie jaar grotendeels verwoest, naar schatting een miljoen mensen waren omgekomen. ‘We hebben erg geleden’, zei ze later in interviews. ‘Maar’, zo voegde ze eraan toe, ‘ik geloof dat als we lijden we beter leren om lief te hebben.’ Toen al was Elena gefocust op muziek. Ze zat uren naast de radio als er opera werd uitgezonden, zong de muziek na, vooral de walsen van Strauss. Zelf heeft ze altijd gezegd dat ze op het Kinderkoor van het Paleis van Pioniers in Leningrad, waar ze van haar negende tot haar vijftiende lid van was, ‘werd geboren als musicus’.

‘Ik geloof dat als we lijden we beter leren om lief te hebben’

Haar ouders wilden dat ze een technische opleiding ging volgen, maar Elena deed toelatingsexamen op het Rimsky-Korsakov-conservatorium in Leningrad en werd aangenomen. Al in 1963 kreeg ze, toen nog studente, een contract aangeboden bij het Bolsjoj Theater in Moskou en speelde ze een rol in Moessorgski’s opera Boris Godoenov. Een jaar later studeerde ze af met een vijf-plus – zo’n hoog cijfer was er in de laatste veertig jaar op het conservatorium niet gegeven. Elena Obraztsova excelleerde de daaropvolgende jaren al direct als soliste in uitvoeringen van onder anderen Moessorgski, Tsjaikovski en Prokofjev. ‘Obraztsova Is Great in Aida’, kopte The New York Times in 1976 over haar debuut als Verdi’s Amneris in de Metropolitan Opera. ‘Een optreden van vlees en bloed’, schreef de recensent. Ze trad op in Milaan, Wenen, Parijs, Londen, München, Hamburg, Salzburg, Praag, Berlijn, Barcelona, San Francisco, Tokio, Buenos Aires. Elena Obraztsova werd ‘Artiest van de Sovjet-Unie’, ‘Held van het Socialistische Werk’, won twee keer de Leninprijs, de gouden medaille ‘Hamer en Sikkel’ en nog veel meer. Ook in het Westen won ze veel prijzen. In 1981 werd door de sovjets zelfs een kleine planeet naar haar genoemd: nummer 4623 kreeg de naam Obraztsova.

Ze was loyaal aan het sovjetregime. In de operawereld ging zelfs het hardnekkige gerucht dat ze een agent was van de kgb – vanwege het gemak waarmee ze naar het buitenland mocht reizen, vanwege haar loyaliteit, maar vooral vanwege de vete met de sopraan Galina Visjnevskaja, haar voormalige lerares en mentor. Zij en haar man, de cellist en dirigent Mstislav Rostropovitsj, waren vanwege hun steun aan dissidenten als schrijver Alexander Solzjenitsyn in ongenade gevallen bij de sovjetautoriteiten. In haar memoires en in interviews beschuldigde Visjnevskaja haar voormalige leerling ervan dat ze hen bij het Centraal Comité had aangeklaagd en had geëist dat Rostropovitsj niet meer zou mogen dirigeren. Obraztsova heeft de beschuldigingen altijd ontkend.

Ook tegenwoordig nog was Elena Obraztsova geliefd bij de Russische autoriteiten. Toen in 2011 het Bolsjoj Theater heropende, zat ze naast president Medvedev. President Poetin zou zelfs haar medische behandeling in Duitsland hebben betaald, waar ze afgelopen week overleed in een ziekenhuis.

In 2002 trad ze voor het laatst officieel op in Prokofjevs Oorlog en vrede. Elena Obraztsova heeft met haar klassieke Russische zangstijl van ‘groots en zwaar’ veel nieuwe generaties beïnvloed, onder wie de nu wereldberoemde mezzosopraan Olga Borodina. Van 1973 tot 1994 gaf ze les aan het Conservatorium van Moskou, later ook in Sint-Petersburg. In 2007 was ze artistiek directeur van de opera van het Mikhailovski Theater in Sint-Petersburg, en in 2011 richtte ze de Obraztsova-stichting op om muziekeducatie te promoten. Ze stond in oktober vorig jaar nog tijdens een gala ter ere van haar 75ste verjaardag in het Bolsjoj Theater in Moskou op het podium. Als gravin in de opera Schoppenvrouw van Tsjaikovski – de rol die ze in haar leven zo vaak had gespeeld.


Beeld: Als Marina Mniszech in Moessorgski’s opera Boris Godoenov, februari 1968 (Ria Novosti / Lebrecht Music & Arts / HH).