Muziek

Ellende zonder opsmuk

Muziek: Jenny Lewis with the Watson Twins

Jenny Lewis zingt zoals ze staat. Op de cover van haar solodebuut kijkt ze recht de camera in, het rode, krulrijke haar los over haar schouders. Het is de enige foto in het met niets dan foto’s gevulde cd-boekje waarop ze de luisteraar aankijkt, en haar blik is net zo strak als haar mond. Tegelijk verraden haar armen de grenzen van haar zelfvertrouwen. Ze hangen onhandig langs het lichaam, en de handen kwamen tijdens het ballen niet verder dan de aanzet.Zo klinkt ze dus ook: even strijdvaardig als kwetsbaar. Als Dolly Parton zonder glazuur. Of Aimee Mann met.Lewis was als kind een actrice in enkele films die zelfs in de best gesorteerde videotheek niet meer in de rekken zullen staan. Vervolgens werd ze zangeres van de in indierockkringen – en dan ook alleen daar – redelijk bekende band Rilo Kiley. Ze viel op bij indiegrootheden als Conor Oberst (Bright Eyes) en Death Cab For Cutie-voorman Ben Gibbard. Die zingen allebei mee op Handle With Care, een tamelijk uitbundige cover van Traveling Wilburys, de superband rond George Harrison, Roy Orbison en Tom Petty. Juist vanwege die uitbundigheid valt dat nummer enigszins uit de toon, maar de keuze ervoor is net zo helder als de keuze op de rest van het album: voor traditie. Countrytraditie. De muziek uit de platenkast van Lewis’ moeder (Laura Nyro, Tammy Wynette, Joni Mitchell), waartegen ze zich aanvankelijk afzette, maar die ze nu zonder enig voorbehoud omhelst.Haar snik is mooi, de samenzang met haar begeleiders The Watson Twins ronduit prachtig en de nummers zijn dermate sterk dat de gedachte dat country het ooit zonder Jenny Lewis moest redden slecht valt te verdragen. En ook hier volgt Lewis de traditie: onder de pracht schuilt de ellende. Van verbroken relaties uiteraard, maar vooral van drank, spijt de volgende ochtend en mannen met de pretentie van morele zuiverheid die niettemin ’s nachts in Vegas een jonge hoer mee naar hun kamer nemen. «It was not pretty, but she was», grapt Lewis bitter. En ze trapt nog even na: «She will wake up wealthy/ And you will wake up 45.»_Veel illusies over de maakbaarheid van het menselijk karakter heeft ze niet, blijkens haar teksten: _«You can’t change things/ We’re all stuck in our ways/ It’s like trying to clean the ocean.» Het grootste gevaar loopt niet buiten op straat, het sluipt in onszelf, zingt Lewis_: «They warn you about killers and thieves in the night/ I worry about cancer and living right/ But my mama never warned me about my own destructive appetite.»Die moeder, verslaafd en gekleed in een bontjas, speelt de hoofdrol in het titelnummer, waarin Lewis uitmunt als verhalenverteller. En ook die rol wenst ze niet van een laag glamour te voorzien: _«Mostly I’m a hypocrite/ I sing songs about the deficit.»Jenny Lewis with the Watson Twins_Rabbit Fur Coat_(platenmaatschappij De Konkurrent)Jenny Lewis with The Watson Twins treden op 14 april op tijdens het Motel Mozaïque festival in Rotterdam