tot en met 19 juni in het Muziekgebouw aan ‘t IJ

En Route

Niet lang geleden kreeg ik bij De Groene Amsterdammer een mail van een schrijver die aandacht vroeg voor zijn debuutroman. Het ging, schreef hij, over iemand die zijn hele leven achter zich laat en aan een reis begint. En die reis, legde hij uit, moest je niet alleen zien als een fysieke verplaatsing van A naar B, maar ook als een ‘metafoor voor persoonlijke groei’.




Het was oprecht en niet pretentieus bedoeld, maar het was ook het type naïviteit waar je alleen maar respect voor kunt hebben, de manier waarop hij zich het bekendste thema uit de literatuurgeschiedenis toe-eigende alsof het zelfbedacht was. Want hoe verzin je nog een nieuwe variatie op het Odysseus-verhaal?
Vorig jaar kwam de jonge Amerikaanse schrijver Zachary Mason in de buurt. Hij schreef The Lost Books of the Odyssey, een borgesiaanse bundel met verhalen die als labyrinten in elkaar doorlopen, alles met de premisse dat Odysseus Troje nooit heeft verlaten, maar dat hij is blijven plakken en zijn geld verdient als troubadour en de verhalen van de cycloop, de onderwereld en Circe de tovenares verzint.

‘It was when I was a guest in Tyre’, vertelt Masons Odysseus, ‘that I first heard another bard singing one of my songs and it occurred to me that I had in my hands the means of making myself an epic hero. What good is the truth when those who were there are dead or scattered? I took to rearranging the events of Troy’s downfall, eliding my betrayals and the woman-killing, and making a good tale of it.’

A good tale en een goed gevulde portemonnee. Want, leert Odysseus, zijn niet alle goeie verhalen reisverhalen?
Bezing mij, o Muze, de vindingrijke man, die zeer veel
rondzwierf, nadat hij de heilige stede van Troje verwoest had.
Dat ‘rondzwierf’. Daarmee bedacht Homerus, als hij inderdaad de Odyssee schreef, meteen de ultieme, meest tot de verbeelding sprekende, niet te overtreffen spanningsboog die er ooit in de westerse cultuur is losgelaten. De Aeneïs. Sinbad de Zeeman. In het eerste hoofdstuk vertrekt Don Quichot en gaat hij de wereld in. In zijn Goddelijke komedie klimt Dante door het inferno en over de louteringsberg, op weg naar het paradijs. James Joyce’s Ulysses, waarschijnlijk de meest baanbrekende roman van de twintigste eeuw, is een lange wandeling door Dublin. Meer modern: The Road van Cormac McCarthy, of On the Road van Jack Kerouac (lees daarover het essay van Auke Hulst, verderop in deze bijlage). J.R.R. Tolkiens Lord of The Rings en The Hobbit - die laatste met de geweldige ondertitel There and back again. Daarheen en weer terug. Een man vertrekt en komt aan. Een begin- en eindpunt waar niet aan valt te tornen, en alles daar tussenin is vrij spel.
De slotaflevering van de AAA-serie van het Koninklijk Concertgebouworkest - Avontuurlijk, Aangrijpend, Actueel - heeft als thema ‘En route’. De zomer nadert; de grote uittocht van Nederland naar buitenlandse vakantiebestemmingen zit er weer aan te komen. Een paar miljoen Nederlanders zijn en route. Centraal staat het werk van de Britse componist Thomas Adès (lees het profiel van Bas van Putten in deze bijlage), die met zijn orkestwerk Tevot het idee van de Ark van Noach aan de hele aardbol overbracht: de aarde die ons als een soort ruimteschip veilig door de chaos van de ruimte leidt. Een space odyssey van de hele mensheid.
En let wel, na de zomer start een nieuwe AAA-reeks, met nieuwe Groene-bijlagen. Wordt wegens succes herhaald.