En toch is er hoop

De afgelopen week was een van de zwartste die Israel de laatste jaren heeft gekend. Zal de terreur het net op gang gekomen verdesproces blokkeren? Gavri Bargil van Vrede Nu: ‘Door Hamas wordt het proces niet vertraagd, maar versneld.’

CLINTON KOMT ZELF naar het Midden-Oosten om de ondertekening van het vredesverdrag tussen Jordanie en Israel luister bij te zetten. En zo mogelijk wil hij onderweg in Syrie Assad nog wat in de richting van de vrede duwen. Maar intussen is Israel in rouw gedompeld, viert de fundamentalistische Hamas triomfen in Gaza en lijken de relaties tussen Israeli’s en Palestijnen door al het geweld van de laatste week slechter dan ooit. Een schietpartij door Palestijnen in het centrum van Jeruzalem. Een Israelische soldaat die wordt ontvoerd en de dood vindt bij een bloedige poging van het leger om hem te bevrijden. En een jonge Hamas-aanhanger die zichzelf en een volle autobus met mensen opblaast midden in Tel Aviv.
Eerste minister Rabin leek eerst te aarzelen, maar sloeg terug door Hamas-aanhangers en masse op te pakken en de leiders van deze fundamentalistische beweging vogelvrij te verklaren. Arafat moet hem helpen de extremisten er onder te houden. Betekent dit alles niet de doodsteek voor het hele vredesproces tussen Palestijnen en Israeli’s?
Gavri Bargil van Vrede Nu, de Israelische vredesorganisatie, gelooft niet dat het vredesproces in dit stadium nog kan worden gestopt. Maar juist daarom is dit de gevaarlijkste periode. De tegenstanders van een compromis tussen Israel en de Palestijnen zullen nu alles doen om roet in het eten te gooien, omdat ze weten dat het voor hen nu of nooit is. Bargil is de laatste zeven jaar intens bij de Israelische vredesbeweging betrokken geweest, eerst als activist, de laatste vier jaar als algemeen directeur van Vrede Nu. Drie maanden geleden werd hij gekozen tot secretaris van de kibboets waar hij is geboren en opgegroeid. Hij trad daarom af als directeur van Vrede Nu, maar is nu in Europa om overleg te voeren. Als alle Israeli’s was hij geschokt door de bomaanslag in Tel Aviv, maar hij is niet bang dat de geschiedenis nu een andere richting zal inslaan.
Gavri Bargil: ‘Het klinkt bijna cynisch, maar toch zou deze week uiteindelijk wel eens een heel goed voorbeeld kunnen zijn. Het was een van de zwartste weken die we in Israel de laatste jaren hebben gehad. Maar zelfs in zo'n week zie je duidelijk de verandering die het vredesproces tot stand heeft gebracht. Alleen kleine, extreem-rechtse groepen gaan demonstreren tegen minister-president Rabin en proberen het drama politiek uit te buiten. Het grote publiek als geheel bekijkt het echter vanuit een heel ander perspectief. Er wordt gehuild om de vreselijke gevolgen van deze terroristische daad, maar toch blijkt men te begrijpen dat er nu een proces aan de gang is dat leidt naar een betere toekomst.’
Maar stel dat er nu verkiezingen zouden worden gehouden, zouden ze dan niet massaal op de rechtse Likoed stemmen?
'Misschien zullen ze het niet zo duidelijk zeggen als ik. De gemiddelde Israeli heeft nog altijd een hele hoop twijfels en een heleboel angsten. Maar toch wil hij het proberen. Hij ziet nu iets wat hij vroeger nog nooit heeft gezien, namelijk dat er nu kans bestaat op een werkelijke vrede. Je kan in Israel overal voelen dat er iets in de atmosfeer is veranderd. Er is nu een vredesovereenkomst met Jordanie. En met alle moeilijkheden die er nog zijn, voelen de mensen dat er ook met Syrie iets staat te gebeuren. Marokko en Tunesie hebben al kantoren geopend in Tel Aviv.
Het lijkt allemaal al zo gewoon. De ene dag hoor je dat de minister van Buitenlandse Zaken naar Marokko gaat, de volgende dag is hij in Bahrein. We zien Arafat nu elke dag op de Israelische tv. Drie jaar geleden zou dat volkomen ondenkbaar zijn geweest. Er heeft een dramatische verandering plaats gevonden, maar - en dat is een grote maar - tegelijkertijd vindt een van de grootste terreurdaden plaats die we ooit hebben meegemaakt. Natuurlijk maakt dat alles veel moeilijker, maar ik denk niet dat het vredesproces nog kan veranderen. Want dat is voorbij het punt waarop het nog terug kan worden gedraaid.’
MAAR ZELFS EEN verlicht man als president Ezer Weizman, die altijd een groot voorstander van de vrede is geweest, roept nu om harde maatregelen.
'Weizman is er onmiddellijk naar toe gegaan en het was werkelijk afschuwelijk wat hij daar zag. Dan word je ook woedend, natuurlijk. Weizman is de beste president die we in deze tijd konden hebben, hij gebruikt zijn prestige als president om de regering op alle manieren te helpen. Zijn woede was iets van dat moment en dat moet je ook zo begrijpen. Rabins toespraak die avond was ook heel militant. Maar ik geloof dat de mensen wel begrijpen hoe je dat moet opvatten. Toch zou ik er niet aan moeten denken wat de reactie van de Israeli’s was geweest als dit drie jaar geleden was gebeurd. Het was toch ook verschrikkelijk, alleen de beelden al, het is voorstelbaar dat daar op een volkomen verkeerde manier op was gereageerd. Maar er is in Israel eigenlijk helemaal niets gebeurd. Niets. De rechtse politici probeerden er onmiddellijk hun voordeel mee te doen. Ze zetten een grote advertentie in de kranten met een oproep voor een demonstratie en daar kwam praktisch niemand naar toe, en dat in zo'n grote stad als Tel Aviv. Dat wil niet zeggen dat mensen het niet afschuwelijk vonden, maar ze begrijpen heel goed dat het juist de bedoeling is van zo'n terreurdaad dat het vredesproces stokt. En ze zijn niet bereid die prijs te betalen.
Het was een dramatische week, prachtig en verschrikkelijk tegelijk. In dezelfde week van al dat geweld tekende Israel een vredesovereenkomst met Jordanie, het Arabische land met de langste grens aan Israel. Dat is iets van enorm historisch belang. Sinds 1978 en de Camp David-akkoorden met Egypte is er altijd gezegd dat het grootste probleem was een tweede Arabisch land te vinden dat vrede met ons zou sluiten en dat is deze week gebeurd. In dezelfde week is er die schietpartij in het centrum van Jeruzalem, de ontvoering van de soldaat en de aanval in Tel Aviv. Het is werkelijk symbolisch voor de situatie waar we ons nu in bevinden. We staan op de rand van een heel moeilijke tijd. En toch ziet de toekomst er heel mooi uit.’
Misschien als alles in kannen en kruiken is. Maar het kan nog heel lang duren.
'Dat is ook mijn angst. Toch geloof ik dat het gevolg van deze terroristische aanslag precies het omgekeerde is van wat de dader heeft gewild. Het vredesproces wordt er niet door vertraagd, maar versneld. Dat heeft een objectieve reden. Het goede aan het akkoord van Oslo was dat het ijs daardoor werd gebroken. Je kan nu zien welke richting we uitgaan. Het slechte van Oslo was dat er een tijdsperiode kwam waarin de tegenstanders van beide kanten het hele proces kunnen blokkeren. Ik snap ook wel dat er geen andere mogelijkheid was dan het proces in fasen op te delen. Het Israelisch-Palestijnse conflict is zo groot en zo moeilijk dat je het niet in een klap op kan lossen. Vandaar de afspraak pas na drie jaar de discussie over de eindfase aan te gaan. Een voordeel is wel dat dat in elk geval moet gebeuren, drie jaar na het sluiten van de overeenkomst, wat er intussen ook gebeurt.
Ik denk dat nu het besef zal groeien dat het overgangsstadium zo kort mogelijk moet duren. Autonomie in Gaza en Jericho is nog vrij gemakkelijk, maar autonomie op de rest van de Westelijke Jordaanoever is bijna onmogelijk vanwege de Israelische nederzettingen daar. Autonomie voor de Palestijnen moet betekenen dat het Israelische leger van de Westoever zal vertrekken en dat kan niet zolang de Israelische kolonisten daar nog zitten. En dus zal er zo lang geen Palestijnse autonomie zijn. Daarom is het zo belangrijk dat de nederzettingen daar verdwijnen. In Gaza zijn er ook nog wel nederzettingen, maar die zijn geisoleerd. Op de Westoever hebben Israeli’s en Palestijnen elke dag met elkaar te maken. Kijk maar naar de situatie in Hebron, daar vind je de meest extreme kolonisten en de meest extreme moslimfundamentalisten vlak naast elkaar, dat is een volkomen onmogelijke situatie. Het cynische is echter dat Rabin de kolonisten achter de hand lijkt te houden als een kaart die hij pas in het eindspel wil uitspelen.’
'TOCH IS ER iets fundamenteel veranderd. Heel lang stonden in het Midden-Oosten Israel en de Arabieren tegenover elkaar, maar dat is nu anders geworden, het gaat nu om degenen aan beide kanten die vrede willen tegenover degenen die daar tegen zijn. Het kost enige tijd om er aan te wennen dat Arafat en z'n mensen niet meer je grootste vijanden zijn maar je partners. We zitten midden in dat proces. In zekere zin is het gemakkelijker om een overeenkomst tussen politici te sluiten. Het is ook gemakkelijker vrede te sluiten met andere landen, zoals Jordanie of zelfs Syrie. Ook als ze je grootste vijand zijn geweest, zodra het vrede is is alles duidelijk. Jordanie ligt hier, Israel ligt daar, er is een duidelijke grens, waar misschien nog een paar problemen over zijn, maar er is vrede. Vrede met het Palestijnse volk is iets heel anders. Dat gaat niet om een ander land, maar om een volk dat heel lang hetzelfde grondgebied wilde als wij. Dan is er nog altijd de angst dat ze onze plek willen innemen. En aan de andere kant bestaan precies dezelfde gevoelens.
Het akkoord van Oslo betekende op zich nog geen vrede, die moet nu worden opgebouwd. Als het vredeverdrag met Jordanie is getekend, is ook dat het eind van een heel lang proces, maar dan kun je wel de grenzen openen en heb je vrede. In onze relatie met de Palestijnen was Oslo slechts een begin. En dat was ook de opzet. Je kondigt alvast het einddoel af, vrede, maar die moet je dan gaan opbouwen. Er zullen onderweg nog heel wat moeilijke besluiten moeten worden genomen en de tegenstanders van het vredesproces aan beide kanten zullen naarmate je vordert steeds radicalere dingen doen om te proberen het te stoppen. Want ook voor hen is het nu of nooit. Als je het van bovenaf bekijkt als iemand die politieke wetenschappen heeft gestudeerd, lijkt het allemaal heel logisch en helder. Maar als je het allemaal moet leven, dan is het verschrikkelijk moeilijk. Al die dramatische gebeurtenissen van deze week. En toch, koel en analytisch bezien betekent het alleen maar dat het vredesproces verder en verder gaat.’
DIE HAMAS-JONGEN wilde zijn jongere broer wreken die door het Israelische leger is gedood. Toch speelt hij in op de gevoelens van rechtse Israeli’s als hij zo'n aanslag pleegt.
'Hamas moet je breder bekijken. Dat is niet alleen het probleem van Israel, Hamas maakt deel uit van een islamitisch fundamentalisme dat overal in het Midden-Oosten te vinden is: in Egypte, Jordanie, Syrie. Zo'n aanslag in Tel Aviv is niet alleen gericht tegen Israel, ze willen tegelijkertijd ook de PLO treffen en misschien zelfs degenen binnen Hamas die nu bereid zijn tot een compromis. Ze weten dat de Israelische regering Arafat zal zeggen dat hij Hamas eronder moet houden en ze weten ook dat dat voor hem heel moeilijk zal zijn. Ook wij zijn er in 27 jaar als bezetter met een enorm leger niet in geslaagd het terrorisme uit te schakelen, we weten uit de geschiedenis dat het heel moeilijk is om iets te doen tegen terroristische groepen. Je hebt dat ook in Ierland gezien, met terreur kun je geen oorlog winnen, maar je hebt wel een psychologisch effect. En daar spelen ze op in.’
Rabin heeft nu de grenzen van Israel voor de Palestijnen gesloten, de Palestijnse arbeiders mogen niet meer in Israel werken. Is dat wel de beste weg naar de vrede?
'Ik denk niet dat dat de oplossing is en ik denk ook niet dat Rabin dat denkt. Hij doet dat niet omdat hij vindt dat er voor altijd een hoge muur moet worden gebouwd tussen Israeli’s en Palestijnen, maar om de Israeli’s het gevoel te geven dat hij iets aan het probleem doet. Op de korte termijn kon hij niet anders. Maar op de lange termijn, als het om de toekomst gaat, denk ik dat de Palestijnse en de Israelische maatschappij met elkaar te maken zullen blijven hebben en altijd met elkaar gemengd zullen blijven. Ze moeten in die zin worden gescheiden dat beide volken hun eigen grondgebied krijgen. Dat betekent dat de Palestijnen hun eigen land moeten kunnen opbouwen op de Westelijke Jordaanoever en daarom moeten wij de kolonisten terughalen.
Er zijn twee methoden om terreur te bestrijden. Op korte termijn moet je ze natuurlijk met militaire middelen bestrijden, maar op de langere duur moet je de oorzaak van de terreur wegnemen en dat kan alleen op een politieke manier. Bijvoorbeeld doordat ook de Palestijnen gaan voelen dat er vrede is. En wij praten wel over vrede, maar tegelijkertijd zitten er nog duizenden politieke gevangenen in Israelische gevangenissen. De Israelische regering maakt een grote fout door hen niet vrij te laten in het kader van de gesprekken met de PLO. Dan zou ze de PLO kunnen laten zien dat ze werkelijk resultaten kunnen boeken en de politieke weg de manier is om de problemen op te lossen. Een tweede punt is de economische situatie - die is verschrikkelijk op de Westoever en in Gaza. Als je niet kan laten zien dat het voor de Palestijnen beter wordt, wat voor vrede is het dan voor hen?’
De afsluiting van Gaza en de Westoever maakt dat alleen maar erger.
'Precies. Als de Palestijnse arbeiders niet in Israel kunnen werken, hebben ze geen geld en zullen ze eerder Hamas steunen. Maar aan de andere kant moet Rabin de Israeli’s een gevoel van veiligheid geven. Het is heel gecompliceerd. Hij gaat twee verschillende kanten tegelijk uit. Daarom is dit volgens mij het moeilijkste moment van het hele proces en het beste moment voor de tegenstanders om moeilijkheden te maken.’
Nog niet lang geleden steunde de Israelische regering Hamas tegen de PLO.
'Dat is inderdaad waar, ook onze politiek kan heel cynisch zijn. De PLO werd als onze grootste vijand beschouwd en Israel wilde de PLO verzwakken door Hamas te helpen. Dat betekende niet dat ze de gewapende groepen steunden; Hamas zorgt ook voor onderwijs, ziekenhuizen en gemeenschapscentra. Natuurlijk had Israel eerder kunnen begrijpen dat de PLO bereid was een compromis te sluiten. Ook de Palestijnen hebben jarenlang alle fouten gemaakt die ze maar konden maken. En intussen was Israel gewend geraakt aan de bezetting. Er was vijf jaar intifada voor nodig om in te zien dat je twee miljoen Palestijnen er niet met geweld onder kan houden.
Ik geloof niet dat het toeval was dat in 1992 de Arbeiderspartij de Israelische verkiezingen won. Er had zich een verschuiving voorgedaan in de publieke opinie in Israel. Eindelijk was het besef doorgedrongen dat de enige manier om voort te bestaan bestaat uit een compromis sluiten met de Palestijnen. Natuurlijk heeft Vrede Nu daar hard aan gewerkt, maar we vragen geen medailles. Niemand kan meten wie precies hoeveel aan het vredesproces heeft bijgedragen. We zijn nu in een heel andere positie. Vroeger waren we in de oppositie, nu steunen we de regering, al vallen er nog genoeg kritische kanttekeningen te maken. Ons werk is ook volkomen veranderd.
Eigenlijk was het vroeger veel gemakkelijker; een grote demonstratie organiseren in Tel Aviv is vrij eenvoudig - een grote advertentie in de krant zetten en een paar sprekers vragen. Ons werk van nu komt niet zo in de openbaarheid. Je zet niet in de krant dat je Palestijnen en Israeli’s met elkaar in contact brengt. Toch is dat nu het belangrijkste werk: helpen de vrede van onderaf op te bouwen, de publieke opinie mobiliseren om het vredesproces te steunen. We zijn nog altijd onafhankelijk en we hebben nog altijd een waakhondfunctie als er al te grote fouten worden gemaakt, maar we willen helpen dit proces tot een succes te maken. We proberen de publieke opinie in Israel rijp te maken voor vrede met Syrie, het besef te laten doordringen dat veiligheid gaat via vrede, niet via het bezit van de Golanhoogte. Maar het belangrijkste is dat Israeli’s en Palestijnen met elkaar in contact worden gebracht. Overigens kan ook de internationale gemeenschap nog heel wat doen, door Arafat economisch te steunen zodat hij degenen die nu voor Hamas kiezen, kan laten zien dat de vrede ook werkelijk iets ten goede voor hen verandert.’