Links/rechts

Ephimenco

Vroeger was ik groen en uitsluitend links — nu ben ik rijp en niets meer. Dat wil zeggen: ik heb eindelijk het nirvana bereikt. Zwevend boven de blinde partijdigheid en de prehistorische scheidingslijn der geesten krijg ik alle gelegenheid om de alomtegenwoordige bekrompenheid daar beneden te aanschouwen. Heb ik soms niet een rechter- en een linkeroog? Toen ik nog twee linkerogen had was het niet mogelijk in bepaalde hoeken scherp te kijken. Met mijn twee linkerogen huilde ik, half blind van vreugde, toen Mitterrand in 1981 tot Frans president werd gekozen. Enkele jaren later, toen mijn visuele symmetrie zich herstelde, had ik hem persoonlijk aan de hoogste kroonluchter van het Elysée-paleis kunnen ophangen.


Gisteravond nog zag ik hoe een rechtse burgermevrouw door een linkse onbekende in mijn straat werd overvallen. Die onbekende moet links zijn geweest want allochtoon, junk, kansarm en aan de zelfkant. Die burgermevrouw krijste van angst toen de linkse boef het portier van haar auto openrukte om haar geld afhandig te maken. Met zijn mes stak hij haar licht in vinger en hoofd. Niets ernstig gelukkig, ondanks het bloed. Hij vluchtte. Ik kwam net te laat om in zijn linkse smoel van kansarm mijn rechtse vuist te plaatsen. Ik werd ogenblikkelijk geplaagd door conservatieve frustratie. Toen een progressieve politieagent — hij droeg een oorbel aan zijn linkeroor — vervolgens kwam melden dat de ‘verdachte’ — ook weer een links woord — enkele straten verderop was aangehouden, voelde ik een zalig sentiment van rechtse tevredenheid bij me opkomen.


Verleden week kreeg ik een polariserende ruzie met mijn vriendin toen ze elitair poneerde dat zestig procent van de mensheid dom is. Ik kreeg een egalitair progressieve woedeaanval en de daaropvolgende nacht hebben we elkaar, consensusloos, niet aangeraakt. Zij sliep aan de rechterkant, ik aan de linkerkant, en de maan die door de gordijnen scheen legde geen paarse gloed tussen ons. Gelukkig was het 24 uur later over. Ik vrijde met haar in de behoudende missionarispositie, wat altijd beter is dan de ultrarechtse macho-hondjesstand. Ik heb overigens antifascistische feministen gekend die alleen in deze rechts-radicale positie konden klaarkomen. Na afloop at mijn vriendin een paar rechtse toasten met rivierkreeftjes en ik een linkse boterham met pindakaas.


Maar u moet niet concluderen dat ik links ben omdat ik tegen de rechtse skivakantie van Beatrix was. Ik was er tegen omdat zij als staatshoofd van een lidstaat de goede bedoelingen van de hele Europese Unie met haar koninklijke tred arrogant heeft vertrapt. Ook ben ik niet rechts omdat ik een fel tegenstander ben van de waanzin die islamitische school heet. Ik beschouw overigens nog steeds multi-etniciteit als een verrijking voor de monoculturele samenleving. Maar de islamitische hersenspoelfabrieken, zwarte scholen bij uitstek, zijn eilanden van onverdraagzaamheid waar elke poging tot integratie strandt. Nog complexer wordt het wanneer we het onderwerp Kosovo aansnijden. Ben ik een rechtse atlanticus die de Navo-bombardementen op het Servië van Milosevic heeft gesteund of een linkse idealist die het voor een onderdrukt moslimvolk heeft opgenomen? Je kunt natuurlijk een en hetzelfde onderwerp van verschillende kanten benaderen. De mythe van de ‘islamisering van onze cultuur’ die Pim Fortuyn heeft verzonnen aan flarden schieten, maar erkennen dat dezelfde man in hetzelfde boek gelijk heeft als hij eigenheid en identiteit zonder valse schaamte wil beleven als reactie tegen cultuurrelativisme.


Je kunt zo’n positie natuurlijk altijd als niet-consequent en te vrijblijvend beschouwen. En je hersenen vervormen tot een rechthoekige partijkaart om je gemakkelijker door een bepaalde ideologische stroom te laten meevoeren. Als dan de EU eindelijk tot een gezond ethisch standpunt komt (dat te ‘links’ overkomt) inzake het toetreden van een onverdraagzame partij — geleid door een populist met nazi-sympathieën — tot de regering van een lidstaat, dan mag je gaan brullen met de rechtse Heldring en consorten dat Europa door ‘kippen zonder kop’ wordt geleid. Niemand is verplicht enige vorm van historisch besef te herbergen in de rechterhelft van zijn hersenspan. Of je kunt met linkse Paul Scheffer het warme water weer ontdekken en verwonderd gaan roepen wat rechts al meer dan tien jaar riep. Alsof een ‘multicultureel drama’ zich anderhalf uur geleden plotseling heeft voltrokken. Maar tussen eenzaam zweven en schaapachtig kruipen moet de keuze niet zo moeilijk uitvallen.