GSM (2)

Ephimenco

De brief gleed in de bus, tien dagen nadat ik de gsm in het water van de Singel had geslingerd. Ik weet nog dat ik bij het horen van het klepperende geluid op mijn polshorloge keek. Het was een ongebruikelijk tijdstip. De postbode was zeker een uur te laat. Pas later, veel later, viel de overeenkomst me op: de brief was op dezelfde tijd bezorgd. Dat wil zeggen dat het 11.55 uur was toen het mobieltje in het water verdween en ook 11.55 uur toen de brief werd bezorgd. Ik weet dit omdat ik de maniakale gewoonte heb om na afloop van iedere actie die ik onderneem op mijn polshorloge te kijken. Het was dus 11.55 uur en vanuit de woonkamer kon ik de enveloppe op de marmeren vloer van de vestibule zien liggen. Een robijnrode vlek op de witte tegels. Een plasje bloed in de sneeuw. Dezelfde kleur als het etui van het gsm-toestel dat ik tien dagen eerder op het muurtje had gevonden. Ik raapte de brief op, rook de geur en werd er draaierig van. Samsara. Maar ook zonder het parfum van Guerlain te hebben geroken had ik geweten dat de brief van haar afkomstig was. Wellicht had ik gedurende die tien dagen niets anders gedaan dan op die brief zitten wachten. Teleurgesteld staarde ik naar de enveloppe. Teleurgesteld omdat mijn naam en adres in zwarte getikte letters prijkten. Geen dansend vrouwenhandschrift. In de brief zat mijn uitgeknipte column van twee weken geleden en een getikt velletje. Zonder datum, naam of handtekening. ‘Weet u wel wat Samsara betekent? Ik vermoed van wel maar voor het geval… Samsara is een Tibetaans woord dat in de boeddhistische terminologie de kringloop van de wedergeboorte kenmerkt. Samsara is in feite een gevangenis waar we eindeloos dolen op zoek naar hogere bestaansniveaus. In Samsara dragen we bij iedere wedergeboorte de lasten en lusten van ons karma. In Samsara bestaat geen toeval. Alles heeft een doel en een oorsprong. Geen woord en geen gebaar gaat verloren. Geen ontmoeting kan toevallig zijn. Om uit deze cyclus te ontsnappen moeten we de staat van verlichting bereiken. Het nirvana… Waarom een Frans bedrijf zijn parfum Samsara heeft genoemd, weet ik niet. Maar misschien u wel. U bent Fransman, geloof ik. Ook weet ik niet waarom ik alleen Samsara gebruik en waarom dit parfum u doet duizelen… Ik heb uw artikel gelezen. Niet per toeval. Het was een vreemde gewaarwording om een deel van mijn leven in uw woorden terug te lezen. Toen de communicatie werd verbroken heb ik even gedacht dat u dit zelf had gedaan. Door het lezen van uw artikel in De Groene begreep ik dat dit door de lege batterij kwam. Ik was, eerlijk gezegd, opgelucht. Raar, n’est-ce pas? Ik lees bijna nooit De Groene. Gisteren heb ik in een bibliotheek uw laatste dertig artikelen voor dat blad gelezen. Ik weet nu meer over u dan u ooit over mij zult te komen weten. Ik verafschuw de gelijkwaardigheid. In alle opzichten… In uw verhaal ‘gsm’ vond ik u mysterieuzer dan mezelf. Ik wil nog meer over u weten. Ik heb op internet gekeken en vond een aantal pagina’s onder uw naam. U doet ook aan sport in competitieverband. Merkwaardige combinatie. Strijden en schrijven. Spieren en geest. Er klopt iets niet. In uw artikel schreef u dat ik in paniek raakte toen u aanbood mijn mobiele telefoon terug te bezorgen. U heeft zich vergist. Ook heb ik nooit gezegd: ‘Weet u, ik ben getrouwd, begrijpt u me?’ Ik zei iets anders. U bent subjectief. Geen echte journalist. Maar niet erg ver van de waarheid…’ Zo eindigde haar brief. Ik las hem wel twintig keer. Op zoek naar… Ik besef nu dat ze alles wat ik opschrijf lees. Het voelt alsof ik vrijwillig in een kat-en-muis-spel ben gestapt. En één ding is zeker: de kat ben ik niet.