Het satanische geschenk

Ephimenco

Salman Rushdie heeft nog een jaar de tijd om onder te duiken wil hij aan de tweede fatwa ont-snappen. De Nederlandse multiculti’s, aangevoerd door hun uitgevers, zijn boos omdat Rushdie een buitenlander is en als zodanig in het buitenland hoort te verblijven om verder in het Buitenlands te schrijven. Het feit dat Rushdie van de cpnb het volgende boekenweekgeschenk mag schrijven, heeft de multiculti’s doen schuimbekken: eigen multiculti-drama eerst! Rushdie heeft een vertaler nodig, wij niet!

De multiculti’s zijn in de war. Ze halen het boekenweekgeschenk en de Nederlandse literaire prijzen door elkaar. Om een Nederlandse literaire prijs te winnen moet je je boek in het Nederlands neerpennen. En terecht. Onlangs heeft de uitgever van een multiculti deze regels proberen te veranderen. Om naar een Nederlandse prijs te mogen meedingen, zijn het wonen in Nederland en het bezitten van een Nederlands paspoort voldoende, zei de uitgever. Gek genoeg bleef het stil in het rijk der allochtonen. Geen protest en geen fatwa. Toch: op grond van deze nieuwe regels hadden Rushdie, Houellebecq en Márquez binnen enkele jaren alle Libris- en Generale Bank-prijzen in hun zak kunnen steken.

Het boekenweekgeschenk is dus geen prijs. Het is een ordinair zuurstokje met kleurstoffen dat men gratis uitdeelt om de mensen naar de kassa’s van de boekhandel te lokken. Ook dit zuurstokje stelt weinig voor. Uit het boekenweekgeschenk is in 65 jaar nooit een echt meesterwerk voortgekomen. Het zijn allemaal boekjes op bestelling die zelden meer dan 120 gesubsidieerde bladzijden beslaan. De schrijver die de opdracht binnensleept weet dat hij aan een risicoloze onderneming begint en daarom doet hij niet echt zijn best. Goede of slechte recensies hebben geen invloed op oplage en aftrek van zijn geschenkje. Wel is het schrijven van het geschenkje zeer lucratief en daarom zijn de multiculti’s boos en jaloers op Rushdie. ´Het is niet normaal dat men het vertaalde boek van een buitenlander gratis uitdeelt om propaganda voor het Nederlandse boek te makenª, schreeuwen ze. Waarom niet? Rushdie is een vooraanstaand schrijver die internationaal tot de verbeelding spreekt. Zijn verdiensten zijn immens. Terwijl hij jarenlang moest schuilen om zijn hoofd bij zijn romp te houden, liepen onze eigen multiculti’s in de Kalverstraat te slenteren, dromend van een gratis tweede kop koffie bij café Zwart. Ze zouden in hun handen mogen knijpen dat Salman bereid is gevonden wat propaganda te maken voor het Nederlandse boek.

Een ander punt is dat het gedurende 65 jaar mogelijk is geweest vertaalde boeken van buitenlanders te kopen en toch het Nederlandse boekenweekgeschenk van Van der Heijden, Reve, Mulisch, Haasse, Grunberg of Nooteboom geschonken te krijgen. Geen haan die er naar kraaide. Nu dat je bij het kopen van Van der Heijden, Reve, Mulisch, Haasse, Grunberg of Nooteboom het vertaalde boek van een buitenlander als geschenk kunt krijgen, is Nederland te klein.

De multiculti’s beginnen ons te vermoeien. Ze willen heilig verklaard worden omdat ze het Nederlands hebben gekozen om hun boeken te schrijven. De keus om in het Nederlands te schrijven wordt zelden ingegeven door liefde op het eerste gezicht. Het is gewoon een strategische keus. Wil je dat je boeken door de kruidenier om de hoek en je buurvrouw worden gelezen, dan moet je ze in hun taal schrijven. Ik schrijf nu al meer dan tien jaar in het Nederlands. In wezen ben ik ook een multiculti. Maar wel een dissidente die vindt dat Rushdie de beste keus kon zijn die men zich voor een gastpropagandist kon indenken. Letterlijk: een geschenk uit de hemel.