Er ist pleite!

Paul van Ostaijen
De jazz van het bankroet (dvd)
Verschijnt einde van het jaar bij uitgeverij IJzer

De Vlaamse dichter Paul van Ostaijen (1896-1928) schreef het dadaïstische filmscenario De jazz van het bankroet in 1920, in Berlijn, naar de legende wil in een huis dat ook werd gefrequenteerd door de latere nazi-leider en toenmalige cokedealer Hermann Göring, wiens waren hij gretig zou hebben geconsumeerd. Van Ostaijen zat financieel en moreel aan de grond, verbannen uit het Vlaamse vaderland (waar hem een veroordeling boven het hoofd hing vanwege zijn vermeende collaboratie met de Duitse bezetter tijdens de Eerste Wereldoorlog) en had de ondergang van de Spartakus-opstand van Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht, een jaar eerder in Berlijn, met lede ogen aangezien. De jazz van het bankroet was het resultaat van die bedrukte periode: een nihilistisch Utopia van een geslaagde opstand van dadaïsten, waarin de wereld zich van Berlijn, Parijs tot Antwerpen bekeert tot de jazz en het geld wordt afgeschaft ten faveure van ‘schatkistbonnen’, waarmee iedereen voor korte tijd miljonair wordt, totdat een finaal collectief bankroet volgt en het ware dada-paradijs kan aanvangen.
Van Ostaijen zag zijn scenario nooit verfilmd en de tekst van De jazz van het bankroet kwam pas jaren na zijn overlijden uit. De Amsterdamse filmmakers Leo van Maaren en Frank Herrebout vielen als een blok voor de explosieve kracht van dit literaire document, en zetten zich aan de verfilming. De jazz van het bankroet, tot stand gekomen door samenwerking met het Filmmuseum, bestaat uit een montage van oude films uit de ‘roaring twenties’, op muziek van onder anderen Duke Ellington, en is inmiddels in voorlopige versie op diverse filmfestivals te zien geweest. Eind dit jaar komt bij uitgeverij IJzer de definitieve versie uit op dvd, samen met een boek met de originele tekst en een biopic van het onbegrepen genie van de Vlaamse letteren. Cultuurkanaal Arte heeft al belangstelling getoond om de film in de Europese huiskamers te vertonen.

Leo van Maaren: ‘Van Ostaijen moest Vlaanderen ontvluchten nadat hij tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen België door Duitsland was bezet, had deelgenomen aan de Vlaamse protestacties tegen de Waalse overheersing. Hij had onder meer stenen gegooid tijdens een protest tegen de machtige Waalse kardinaal Mercier, die tegen de Duitsers was gekant. De vernederlandste universiteit van Gent was het epicentrum van dit Vlaamse nationalisme. Van Ostaijen was niet zozeer pro-Duits, als wel anti-Waals, en net als vele flaminganten zag hij in de Duitse bezetting een kans om te komen tot een onafhankelijk Vlaanderen. Aanvankelijk hadden de Duitse bezettingsautoriteiten de zaak tegen Van Ostaijen vanwege zijn deelname aan het oproer tegen Mercier geseponeerd. Maar toen Duitsland in 1918 de oorlog verloor, dreigde de kwestie alsnog uit te monden in een veroordeling. Zo werd mede-flamingant Wies Moens op grond van hetzelfde Vlaamse nationalisme wel degelijk tot celstraf veroordeeld.’

Zodoende besloot Van Ostaijen naar Berlijn te vluchten. Hij hoopte daar contacten aan te knopen met de voormannen van de dadaïstische beweging, maar dat lukte niet goed. In feite zat de 24-jarige ex-stadhuisklerk in een volstrekt isolement. Dat Van Ostaijen vanwege zijn sympathie voor de Vlaamse zaak zeker niet behoorde tot de extreem-rechtse flaminganten, zoals wel wordt gesuggereerd, mag blijken uit zijn grote enthousiasme voor de Berlijnse Spartakus-opstand, die voortkwam uit de communistische beweging. De tragedie van de moord op Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht door de vrijkorpsen onder leiding van de sociaal-democraat Noske klinkt luid en duidelijk door in De jazz van het bankroet. Het was een poging van Van Ostaijen om zijn stem te laten horen in het dada-kamp. Bovendien was hij een groot filmliefhebber, en had hij zich nog niet eerder gewaagd aan een filmscenario.

Met De jazz van het bankroet schreef Van Ostaijen het meest vervreemdende filmscript uit de geschiedenis van de Nederlandse cinema. Alleen al daarom is de verfilming van Van Maaren en Herrebout een project dat niet genoeg kan worden geprezen. Bij wijze van toegift het slotlied uit De jazz van het bankroet, gezongen door een kinderkoor onder leiding van Charlie Chaplin – bij Van Ostaijen op z’n Frans Charlot geheten:

Ich bin pleite j’aime la banqueroute

Du bist pleite tu aimes la banqueroute

Er ist pleite il aime la banqueroute

Wir sind pleite aimons nous la banqueroute

Ihr seid pleite aimez vous la banqueroute

Sie sind pleite ils aiment la banqueroute